Mooie pumps? Dan ook graag mooie voeten

In winkelstraten duiken steeds meer ‘mini-spa’s’ op waar je in de lunchpauze even je handen en voeten kunt laten scrubben en masseren. Glaasje champagne erbij?

Eksterogen, dikke lagen eelt en ingegroeide teennagels. „Bij pedicure denken Nederlanders meteen aan dit soort enge dingen”, zegt Fred Nieuwenhuijzen, eigenaar van de FNDH Lifestyle Salon in Den Haag. „Terwijl in de rest van de wereld een bezoekje aan de schoonheidssalon doodnormaal is.” In Amerika zit op iedere hoek van de straat wel een zaakje waar je je nagels kunt laten doen, zegt hij. „Kijk maar naar films als Sex and the City. Als je van die prachtige, peperdure pumps wil dragen, dan móét je gewoon verzorgde voeten hebben. Maar het is ook een cultureel aspect. In Zuid-Amerika en Azië laten dames zich regelmatig vertroetelen. Dan zitten ze gezellig met z’n allen op een rijtje, met hun voeten in een badje.”

Die manicure- en pedicuretrend waait over naar Nederland. In winkelstraten of winkelcentra duiken steeds meer zaakjes op waar je even binnen kunt wippen om je handen of voeten te laten ‘doen’. En, voor de duidelijkheid: dan gaat het dus niet over de medische pedicure, waarbij inderdaad likdoorns en dergelijke worden weggesneden, maar over de cosmetische pedicure. Oftewel, het mooier maken van de voeten. Nagels vijlen, eelt verwijderen, velletjes bij de nagelriemen weghalen, teennagels lakken. Eventueel een voetmassage of scrubbehandeling. Afhankelijk van de salon en hoe uitgebreid de behandeling is, beginnen manicures bij ongeveer 15 euro. Dat kan oplopen tot enkele tientjes. Voor een pedicure betaal je tussen de 25 en 65 euro.

De talloze beautysalons in de Chinese wijk in Den Haag – ruimtes met vaak slechts een toonbank en enkele behandelstoelen – rekenen lagere prijzen. Zoals New Shanghai in de Wagenstraat. Eigenaresse Annie spreekt amper Nederlands. Ze reikt een folder aan met de tarieven. Manicure kost 10 euro, pedicure („mét bubbelbad”) kost 20 euro. Deze donderdagmiddag zit er één klant, een stevige Surinaamse vrouw in een gele kabeltrui. Ze heeft reuma, zegt ze. Zelf kan ze onmogelijk haar teennagels knippen. Een keer per maand komt ze bij New Shanghai. „Ze zijn ontzettend goed, hoor.”

Het contrast tussen de salons in Chinatown en de FNDH Lifestyle Salon in de Haagsche Bluf is enorm. Gelegen in het chique gedeelte van de Haagse binnenstad, tussen talloze dure mode- en schoenenzaakjes, trekt FNDH, een luxe ingerichte salon die met producten van Aveda werkt, een welgesteld publiek. Tachtig procent van de klanten is expat, zegt Nieuwenhuijzen. Of partner van een expat. In de salon wordt meer Engels dan Nederlands gesproken. Vanwege de toenemende vraag naar manicure- en pedicurebehandelingen – het zijn er intussen zo’n 40 tot 50 per week – opende Nieuwenhuijzen anderhalf jaar geleden zijn Nail & Champagnebar, waar klanten met een glas champagne (of een kop thee) hun handen of tenen kunnen laten verzorgen. Na een behandeling ga je met zachte voetjes en plasticfolie in je sokken (om te voorkomen dat de nagellak beschadigt) naar buiten.

Voor Nederlandse vrouwen is het nog niet zo vanzelfsprekend om hun voeten te laten verwennen. „Dat calvinisme, hè”, verzucht retaildeskundige Paul Moers. „Doe maar gewoon, dan doe je al gek genoeg. Lekker degelijk.” Maar heel langzaam begint die mentaliteit te veranderen. Moers: „We beginnen onszelf in Nederland meer te gunnen.” Hij heeft daar ook wel een verklaring voor. „Mensen worden somber gemaakt met al dat nieuws over de economische crisis. Hoe heerlijk is het dan om, lekker decadent, je lijf te laten verwennen?!”

De branchevereniging voor pedicures, ProVoet, die vandaag haar tienjarig jubileum viert, bevestigt de trend. Terwijl de woon- en modesector hard getroffen worden door de economische crisis, is er voor de pedicures werk genoeg. Had ProVoet in 2004 nog 7.000 leden, in 2008 waren dat er 11.500, en op dit moment zijn het er bijna 14.000, van de naar schatting 16.000 pedicures die in Nederland werkzaam zijn. De verdeling tussen medische en cosmetische pedicures is niet zwart-wit. „Zo’n achtduizend leden staan geregistreerd in ons kwaliteitsregister en werken in de zorgmarkt. Maar dat wil natuurlijk niet zeggen dat zij nooit nagels lakken”, zegt ProVoet-woordvoerder Nathalie Klopman.

ProVoet heeft geen zicht op álle pedicurezaakjes. „In de grote steden zie je veel shops waar Aziatische mensen werken”, zegt Klopman. „Wij adviseren mensen altijd goed te letten op het ProVoet-logo. Dan weet je zeker dat je met te maken hebt met iemand die alle richtlijnen in acht neemt. Klanten denken vaak: ach, het is maar een pedicure, maar in die Aziatische zaakjes schuilt groot gevaar. Medewerkers hebben lang niet allemaal een opleiding gevolgd en nemen het niet altijd even nauw met het desinfecteren van de materialen. Dan ben je misschien wel van je likdoorn afgeholpen, maar loop je tegelijk een infectie op. Onderschat dat niet, hoor, in ernstige gevallen kan het zelfs om hepatitis of aids gaan.”

Maar, haast zij zich te zeggen, ProVoet is natuurlijk wel blij dat meer vrouwen (en mannen, zij het in mindere mate) naar de pedicure gaan. „Het is toch gek: we staan iedere dag voor de spiegel om ons haar en make-up te doen, maar onze voeten, die ons overal naartoe brengen, vergeten we.” Mensen zien voeten als iets intiems, zegt ze. „Het is een drempel om naar de pedicure te gaan. Maar als mensen eenmaal zijn geweest, zien ze het nut ervan en blijven ze gaan.”

Retaildeskundige Moers voorspelt, ook al is hij zelf nog niet geweest, een goede toekomst voor de mini-spa’s. Ondanks de crisis. „Dit is een ontspannend tijdverdrijf, dat kan concurreren met uit eten of naar de kroeg gaan. Het past helemaal in de onthaastingtrend. Wie een pedicure neemt, gunt zichzelf een rustpunt in de dagelijkse stress. Als je in zo’n stoel zit, kun je niks. Tja, je telefoon opnemen, maar toen ik laatst in zo’n zaakje stond viel het me op dat eigenlijk niemand zit te bellen. Het is toch een momentje voor jezelf.”