Provincies gaan toch maar bezuinigen op natuur

De provincies en staatssecretaris Bleker (Natuur, CDA) hebben na maanden onderhandelen besloten om binnenkort te beginnen met het uitvoeren van de grote bezuinigingsoperatie op het natuurbeleid. Tegen die bezuiniging van ongeveer 600 miljoen euro is groot verzet. Niettemin hopen de onderhandelaars dat door de afspraken alle provincies instemmen, óók de provincies die eerder medewerking weigerden: Noord-Brabant, Flevoland, Friesland, Groningen en Drenthe.

Het kabinet wil stoppen met het aankopen van gronden om er natuur van te maken. Bleker zegt geen geld meer te hebben voor het voltooien van de zogenoemde Ecologische Hoofdstructuur (EHS). Dat wil zeggen: er is geen geld om de oorspronkelijke omvang van dit netwerk aan natuurgebieden te behalen. De provincies, verenigd in het Interprovinciaal Overleg (IPO), lijken nu bereid daar aan mee te werken. De provincies zijn verantwoordelijk voor het beheer van die natuur.

In ruil voor de medewerking heeft Bleker nu toegezegd dat de provincies mogen beschikken over 14.000 hectare grond die het Rijk eerder had aangekocht. Die gronden waren bedoeld om er ooit natuur van te maken, of om te ruilen voor boerenland in gebieden die natuur moesten worden. Eerder leek het erop dat de provincies voor deze 14.000 hectare moesten betalen. Dat zou nog eens 700 miljoen euro extra kosten. „Dat bedrag zou bovenop de bezuiniging van 600 miljoen euro komen. Dat hebben we met deze afspraken voorkomen”, zegt de Limburgse gedeputeerde Lebens, die met Bleker onderhandelde. Ook is afgesproken dat de provincies jaarlijks 105 miljoen euro krijgen voor het onderhouden van de bestaande natuurgebieden, iets meer dan eerder overeengekomen.

IPO-voorzitter Remkes is positief over het bereikte akkoord: „Deze afspraken geven meer vertrouwen in de uitvoering.” Staatssecretaris Bleker: „Nu het akkoord voor iedereen helder is, kunnen we beginnen met de uitvoering. Het is een plan dat we ook kunnen realiseren in plaats van er alleen maar over te praten.”