Fijnaut uit zware kritiek op plannen nationale politie

Cyrille Fijnaut, dé autoriteit in Nederland als het gaat om de politie, heeft vernietigende kritiek op de politieke plannen om de politie in Nederland her in te richten.

In een vraaggesprek met deze krant noemt hij het voorstel voor een Nationale Politie een plan dat op onderdelen „gevaarlijk” is en „staatkundig onaanvaardbaar”. Bovendien biedt het volgens Fijnaut geen afdoende antwoord op de grote problemen waarmee de politie worstelt en geen beter houvast om het werk effectiever te doen.

Het kabinet wil dat er in de loop van dit jaar één nationale politieorganisatie komt. Nu is de politie nog georganiseerd in 26 korpsen. Daarvoor in de plaats komt een organisatie die bestaat uit tien regionale eenheden. De Tweede Kamer heeft de nieuwe politiewet al aangenomen. De Eerste Kamer staat op het punt dat te doen.

Fijnaut is altijd voorstander geweest van een nationale politie. Maar hij twijfelt zeer of de nieuwe plannen beter zullen uitpakken dan de huidige organisatie. Volgens Fijnaut komen de basisteams van 60 tot 200 man, die het fundament moeten vormen van de nieuwe politieorganisatie, te ver af te staan van de lokale gemeenschap.

Ook vreest hij dat politiedistricten onvoldoende gespecialiseerd zullen zijn, zowel in opsporing en ordehandhaving als noodhulp en verkeer, zeker in de dertig grootste gemeenten: „Zo organiseer je onmacht in plaats van macht.”

Fijnaut constateert verder dat er in de toekomstige politietop mensen zitten „die niet zwaar genoeg zijn, die niet voldoende zijn gekwalificeerd”. Hij begrijpt niet dat de capabele leidinggevenden het ontwerpplan voor de politie accepteren. „Het is alsof ze een dictaat krijgen voorgeschoteld waar ze niet onderuit kunnen.”

Minister Opstelten (Veiligheid en Justitie, VVD) wijst er in een reactie op dat de nieuwe politiewet uitgebreid is behandeld in de Kamer: „Het parlement wordt met voortgangsrapportages geïnformeerd over de uitvoering van de Nationale Politie.”