Barokke intriges bij Scapino

‘Pearl’ van het Scapino Ballet: een ordentelijk gezelschap ontaardt in een bandeloze bende. Foto Hans Gerritsen

Pearl, door het Scapino Ballet Rotterdam. Gezien 9/2, Rotterdam. Tournee t/m 8/4. Inl: www.scapinoballet.nl

Ze doen soms een beetje denken aan de ‘Triadische’ balletfiguren van Oskar Schlemmer, met hun extreem vervormende kostuums. De danseressen van Scapino Ballet Rotterdam dragen in de nieuwe voorstelling Pearl een soort korfjes op hun heupen, waarover barokke jurken van glanzend brokaat (ontwerp Pamela Homoet) zijn gedrapeerd. Bij elke beweging waaieren die feestelijk uit, nog fraaier is het effect als zij in flinterdunne onderrokken over het toneel rennen, nagejaagd door wellustige mannen, eveneens in gestileerde barokkostuums.

Pearl is de Barok zoals Ed Wubbe die ziet. Zocht de artistiek directeur van Scapino Ballet Rotterdam in eerdere balletten op barokmuziek vooral naar complexe dansvormen, in zijn jongste creatie – zijn eerste avondvullende werk sinds 2005 – laat hij zich inspireren door de etiquette en het decorum dat in de Franse en Italiaanse hoven tot in het absurde werd doorgevoerd, terwijl onder alle verfijnde omgangsvormen een wereld van intriges, overspel, smeerpijperij, ziekte en verderf school.

Wubbe koost dit keer voor muziek van (voornamelijk) Vivaldi, live uitgevoerd door het Combattimento Consort Amsterdam met als gast mezzosopraan Helena Rasker. Een barokballet heeft hij echter niet willen maken. Telkens stokken dan ook de vloeiende lijnen van een elegante groet of een sierlijke armbeweging en schieten de heupen (mét die enorme uitbouw) uit het lood.

Langzaam begint wat een ordentelijk gezelschap leek te ontaarden in een bandeloze bende. Handen strijken suggestief langs het lichaam, extatisch kirrend draaien mannen en vrouwen in een rondedans om elkaar heen, er wordt gezoend, gecopuleerd, een jonge maagd wordt verleid. Hier en daar lijkt Wubbe te hinten naar de film Dangerous Liaisons, met een fluisterende, stokende Marquise de Merteuil (Veronique Prins, die hier met een prominente grijze lok wel wat wegheeft van de Bruid van Dracula) en een kuise Madame de Tourvel (Ralitza Malehouneva), die uiteindelijk toch voor de bijl gaat.

Tegen die tijd is het speelterrein van de losbandige hovelingen al onttakeld. Het sobere achterdoek is opgehaald om ijzeren hekken te onthullen: leven zij in een reservaat, of zijn de hekken bedoeld om het ‘gemene volk’ op afstand te houden?

Het is jammer dat Wubbe een wat lange aanloop neemt. Choreografisch en dramatisch begint Pearl pas halverwege op stoom te komen, met een paar sterke duetten en wervelende ensembledansen. Dan komt Wubbes zedenschets tot leven met ‘plaatjes’ die om in te lijsten zijn.