Honderd toertochten in Nederland: wat maakt het zo magisch?

Zo, genoeg getreurd. Het is ruim 24 uur na ‘Ik heb geen goed nieuws‘ en nou weten we wel dat het (voorlopig) net oan giet. Goed nieuws: het wordt nog drie dagen prima schaatsweer en er staan inmiddels ruim honderd toertochten op de kalender. Maar wat is er nou zo mooi aan die toertochten?

Het uitrijden van een toertocht voelt als een grote overwinning. Foto Chris Heijmans

Zo, genoeg getreurd. Het is ruim 24 uur na ‘Ik heb geen goed nieuws‘ en nou weten we wel dat het (voorlopig) net oan giet. Goed nieuws: het wordt nog drie dagen prima schaatsweer en er staan inmiddels ruim honderd toertochten op de kalender. Maar wat is er nou zo mooi aan die toertochten?

Kortenhoef, 14.00 uur vanmiddag. Waar vanochtend nog maar enkele tientallen auto’s op een hobbelig en bevroren weiland stonden, staan er nu honderden. Zo ver als het oog reikt. Alleen in de verte, achter de geïmproviseerde parkeerplaats, zijn wat schaatsers aan de horizon te zien. Zij hebben hun medaille nog niet om de hals. Wij wel en we zijn trots.

De plassentocht Kortenhoef is 25 kilometer, een achtste van de lengte van de Elfstedentocht. Maar toch. Het is wél de eerste toertocht die mijn schaatsvriendin en ik dit jaar hebben gereden. En het ging makkelijk. De zon hield zich tijdens onze schaatstocht schuil, maar de wind ook. Vijf redenen waarom een toertocht zo magisch is.

1 Schaatsen in anders ‘verboden’ natuur

De plassentocht Kortenhoef gaat over smalle slootjes en grotere plassen. Foto NRC / David HaakmanDe plassentocht Kortenhoef gaat over smalle slootjes en grotere plassen. Foto NRC / David Haakman

Leuk hoor dat schaatsen, maar zo kan het dus ook. Foto NRC / David HaakmanLeuk hoor dat schaatsen, maar zo kan het dus ook. Foto NRC / David Haakman

Ergens halverwege onze tocht schaatsen we een klein bordje voorbij met de woorden ‘Het Hol’, ‘Beschermd natuurgebied’ en ‘Verboden Toegang’. Het is bijzonder: een natuurgebied binnen rijden waar we anders nooit zouden (mogen) komen. Volgens de beschrijving van de tocht op de website schaatsen.nl zou Het Hol “één van Nederlands mooiste beschermde natuurgebieden” zijn.

Mooi is het laagveengebied zeker. Smalle stroken ijs wisselen zich af met bredere schaatsbanen, steeds omringd door rietkragen. Een route vol bochten. Zo veel dat we al snel ons oriëntatievermogen volledig kwijt zijn. Het is een prettig idee dat mensen deze route voor ons hebben uitgetekend. Nog een paar dagen en dan is het waarschijnlijk voorbij. Dan worden we hier niet meer gedoogd. Dan geldt het bordje ‘verboden toegang’ weer.

2 Nergens is de snert zo lekker als bij de koek-en-zopie

Een paar palen met een zeil erover heen, wat houten bankjes en een prullenbak. En nog een bord met ‘koek en zopie’. Voor het geval dat mensen niet door hebben dat het een koek-en-zopie is. Meer is het niet. Maar man, wat is het iets om naar uit te kijken. Als de benen enigszins moe beginnen te worden, verschijnt er altijd weer ergens aan de horizon zo’n veredelde partytent met een groepje mensen er om heen.

Uiteraard zijn er meerdere Koek & Zopie's op de route. Foto NRC / David HaakmanUiteraard zijn er meerdere Koek & Zopie's op de route. Foto NRC / David Haakman

Het is maar chocomel en vaak is de erwtensoep nog half lauw ook. Maar nergens smaken chocomel, snert of een broodje worst zo goed als bij een koek-en-zopie, bereid door al die vrijwilligers. Morgen staat iedereen weer te dringen om een bomvolle trein in te komen, maar hier wacht iedereen keurig op z’n beurt. Nergens maken mensen zo makkelijk een praatje met elkaar als bij zo’n tent met wat houten bankjes. En een prullenbak.

Even uitrusten bij één van de vele Koek & Zopie's. Foto NRC / David HaakmanEven uitrusten bij één van de vele Koek & Zopie's. Foto NRC / David Haakman

3 Klunen doet pijn en toch voelt het goed

Rond 12.00 uur staat er al een flinke rij bij één van de eerste punten waar gekluund moet worden. Foto NRC / David HaakmanRond 12.00 uur staat er al een flinke rij bij één van de eerste punten waar gekluund moet worden. Foto NRC / David Haakman

Maar niet iedereen heeft zin om in een rij te gaan staan. Foto NRC / David HaakmanMaar niet iedereen heeft zin om in een rij te gaan staan. Foto NRC / David Haakman

Eén van de drukste kluunpunten op de route, onder de rijksweg door. Foto NRC / David HaakmanEén van de drukste kluunpunten op de route, onder de rijksweg door. Foto NRC / David Haakman

Het voelt volstrekt onnatuurlijk om met ijzers onder de voeten te moeten lopen. Het doet pijn aan de enkels, het staat wankel en bijna iedereen gaat wel een keertje bijna onderuit. En toch hoort het bij zo’n toertocht, dat klunen. Gelukkig zijn er altijd wel mensen die even een helpende hand toereiken.

En eerlijk is eerlijk: het is af en toe ook wel leuk om mensen te zien stuntelen en bijna te zien vallen.

4 Fout rijden maakt een toertocht pas echt heroïsch

Het fijne van zo’n toertocht is dat de route met zorg is uitgezocht. Je kunt er (doorgaans) op vertrouwen dat het ijs dik genoeg en keurig geveegd is en de richting keurig staat aangegeven. Maar een afslag is snel gemist, als je iets te veel om je heen kijkt of wanhopig probeert om niet met een schaats in een scheur terecht te komen.

Ook vandaag gaat het bij ons weer even fout. Na een paar kilometer schaatsen maken mijn schaatsvriendin en ik wat foto’s en video’s op een plaats waar gekluund wordt. Bij toeval komen we erachter dat we per ongeluk al op een steenworp afstand van de eindstreep zijn beland. Dus moeten we weer 1,5 kilometer terug schaatsen naar de plek waar toch echt een bordje had gestaan met ’25’ en een pijl naar rechts. En niet rechtdoor.

Drie jaar geleden maakten we een veel grotere fout op de Nieuwkoopse Plassen. Een toertocht van 30 kilometer werd toen per ongeluk 60 kilometer doordat we niet de juiste kleur hadden gevolgd. En daar kwamen we pas heel laat achter. Op de laatste kilometer van die tocht begon het al te schemeren en voelde het alsof we een Elfstedentocht hadden afgerond. Het maakte het wel tot een onvergetelijke toertocht.

5 Alle schaatsers zijn zo blij als een kind met hun medaille

Na de tocht wordt de medaille in ontvangst genomen. Voor een rood-wit-blauw lintje moet een euro extra betaald worden. Foto NRC / David HaakmanNa de tocht wordt de medaille in ontvangst genomen. Voor een rood-wit-blauw lintje moet een euro extra betaald worden. Foto NRC / David Haakman

Het gaat toch om die schaatstocht op natuurijs? Waarom kijkt iedereen dan zo gelukzalig als hem of haar die medaille wordt overhandigd? Ok, velen zijn trots als het einde gehaald is en de schoenen, die in een plastic zak langs de kant liggen, weer aangetrokken kunnen worden. Maar is zo’n medaille niet meer iets voor kinderen?

Het is rond 11.00 uur nog rustig bij de eerste stempelpost van de toertocht. Dat is een paar uur later wel anders. Foto NRC / David HaakmanHet is rond 11.00 uur nog rustig bij de eerste stempelpost van de toertocht. Dat is een paar uur later wel anders. Foto NRC / David Haakman

Die medaille, die alle deelnemers krijgen, is een overwinning. Aan een Elfstedentocht kunnen slechts 16.000 schaatsers meedoen. Dit betekent dat het uitrijden van een toertocht voor honderdduizenden Nederlanders het hoogst haalbare op de schaats is. Wat is er dan mooier om net als bij de echte Elfstedentocht een stempelkaart af te laten stempelen en aan het einde die medaille in de wacht te slepen? De komende drie dagen gaan nog heel wat mensen hun Tocht der Tochten schaatsen.

Stiekem toch wel een beetje trots op mijn medaille. Foto NRC / David HaakmanStiekem toch wel een beetje trots op mijn medaille. Foto NRC / David Haakman

    • David Haakman