Het ijsverlies van gletsjers valt een beetje mee

Gletsjers smelten minder snel dan werd gedacht. Dat concluderen onderzoekers in een artikel in het tijdschrift Nature, op basis van een analyse van opnames die tussen 2003 en 2010 zijn gemaakt met de GRACE-satelliet. Vooral in de Himalaya lijkt het ijsverlies voorlopig mee te vallen. Conclusies over het smelten van gletsjers werden tot nu toe

Gletsjers smelten minder snel dan werd gedacht. Dat concluderen onderzoekers in een artikel in het tijdschrift Nature, op basis van een analyse van opnames die tussen 2003 en 2010 zijn gemaakt met de GRACE-satelliet. Vooral in de Himalaya lijkt het ijsverlies voorlopig mee te vallen.

Conclusies over het smelten van gletsjers werden tot nu toe getrokken op basis van grondmetingen aan zo’n 120 gletsjers (waarvan veranderingen bij een derde daarvan inmiddels langer dan 30 jaar werden gevolgd; kijk bijvoorbeeld naar het werk van Paul Leclerq, zojuist gepromoveerd in Utrecht). Die gegevens werden geëxtrapoleerd naar de overige 150.000 tot 200.000 gletsjers. Dat kan niet anders dan een beperkt beeld opleveren.

GRACE kijkt echter naar alle gletsjers. De satelliet (of eigenlijk het satellietenduo) draait zestien keer per dag om de aarde en meet intussen heel nauwkeurig de hoogteverschillen van het aardoppervlak. Maar dat is meteen ook een beperking. De aarde is een grote bewegende massa. GRACE meet niet het ijsverlies, maar de hoogteverschillen aan de ‘buitenkant’ (lees bijvoorbeeld hier).

Toch vormen de onderzoeksresultaten (hier meer) een nuttige aanvulling op de bestaande ijsmetingen. Zo zegt onderzoeker John Wahr, fysicus aan de Universiteit van Colorado in Boulder, over de afwijkende conclusies ten aanzien van de Himalaya. Eerdere studies gingen uit van mogelijk 50 miljard ton, maar het GRACE-onderzoek komt tot slechts 4 miljard ton:

‘The GRACE results in this region really were a surprise. [...] One possible explanation is that previous estimates were based on measurements taken primarily from some of the lower, more accessible glaciers in Asia and were extrapolated to infer the behaviour of higher glaciers. But unlike the lower glaciers, many of the high glaciers would still be too cold to lose mass even in the presence of atmospheric warming.’

Volgens het GRACE-onderzoek is er tussen 2003 en 2010 (slechts zeven jaar, wat te kort is om trends aan te wijzen) jaarlijks 148 miljard ton, ongeveer 163 kubieke kilometer ijs in de oceanen verdwenen, zonder Groenland en Antarctica mee te rekenen. Die hoeveelheid zou verantwoordelijk zijn voor een zeespiegelstijging van 0, 041 cm per jaar. Tel daarbij de totale smelt van Groenland en Antarctica (verantwoordelijk voor ongeveer 0,106 cm) en je zit toch weer aardig binnen de bandbreedte van 1,2 tot 1,8 millimeter per jaar die in eerdere studies wordt gebruikt (lees hier).
Volgens Tad Pfeffer, glacioloog in Boulder en mede-auteur van het Nature-artikel, is nog veel onderzoek nodig:

‘We are very slowly accumulating the tools and the data to look more precisely at what global glaciers and ice caps are doing. [...] What’s the contribution of small glaciers and ice caps? We’ve had these tremendous data gaps and uncertainties.’

Enige verbazing wekt de conclusie die ze bij Hotair trekken naar aanleiding van het nieuwe onderzoek:

When you get to the point where you can tell me on Monday whether or not I’ll need my umbrella when I go shopping on Friday and get it right more than 70% of the time, maybe we can talk about what’s going to happen in 200 years. Until then, let’s just try to learn more and get better at the actual science without turning everything into politics, OK? Thanks.

Wie probeert hier nu eigenlijk van een wetenschappelijke studie politiek te maken?

    • Paul Luttikhuis