Brieven

Alleen ‘deskundigen’ zijn tegen de Citotoets

Nederlandse ouders maken zich druk over de Citotoets (NRC Handelsblad, 7 februari). In deze samenleving, waar diploma’s onderhevig zijn aan inflatie, vinden zij alleen de hoogst haalbare schoolprestatie goed genoeg.

Net zo druk als de ouders zijn de tegenstanders van de Citotoets. Zij vinden dat ouders te zwaar aan deze toets tillen. Het is maar een van de vele momentopnamen tijdens een schoolcarrière. Zij vinden dat de ouders elkaar te veel opjutten. Hun motto is: ‘kinderen moeten vooral ook kinderen kunnen blijven’.

De houding van deze tegenstanders illustreert de softe opvoedingscultuur die de oorzaak is van de zesjescultuur in Nederland. Kinderen moeten vooral kinderen kunnen zijn, pubers moeten vooral pubers blijven en studenten hangen de student uit? Doen zij dit nog niet genoeg? Alsof Nederlandse kinderen veel in de boeken zitten. De internationale scores van Nederlandse kinderen spreken boekdelen. Van een paar extra uren bijlessen gaat de sociale vaardigheid van de kinderen echt niet achteruit, hoor.

Juist de laatste jaren begint Nederland weer waarde te hechten aan prestaties. De zesjescultuur maakt langzaamaan plaats voor de zeventjescultuur. Dankzij de prestatiedrang van de ouders kan het misschien nog een achtjescultuur worden. Een paar extra bijlessen maken ouders nog geen Tijgermoeder.

De minister en ouders hebben dit begrepen. Alleen ‘deskundigen’ willen dat kinderen kinderen blijven.

Albert-Jan Shi

Nieuwerkerk aan den IJssel

Commissarissen komen nog uit old boys network

In zijn artikel over Vestia (Opinie, 6 februari) bepleit A. J. van Soelen dat commissarissen in de publieke sector beter worden beloond en zich waar nodig kunnen laten bijstaan door externe deskundigen. Hiermee zou het interne toezicht kunnen worden verbeterd.

Ligt het falen van intern toezicht door commissarissen wel aan een ondermaatse beloning? Vanuit mijn ervaring in de private sector denk ik van niet. Ook in deze sector zijn er zonnekoningen. En zonnekoningen plegen zich te omringen met vazallen. Het benoemingsbeleid van commissarissen is nog steeds gestoeld op het old boys network.

Op dit benoemingsbeleid zou extern toezicht moeten komen, niet alleen in de publieke, maar ook in de private sector – een soort ballotagecommissie voor commissarissen, onder de paraplu van een extern toezichthoudend orgaan.

E.M.C. Berger

Voorburg

Wie van dieren houdt, houdt minder van mensen?

Frank Westerman beweert in zijn opiniestuk dat de aandacht voor het dierenlot selectief is. „Over grootschalige, dagelijkse wantoestanden (kalveren met bloedarmoede, varkenstransporten door Europa) laait de publieke verontwaardiging nauwelijks op, net zo min als een consumentenboycot van overbeviste tonijn op veel bijval kan rekenen” (Opinie & Debat, 4 februari). Hierin heeft hij helaas gelijk.

We zijn volgens Westerman „hypergevoelig” voor het lijden van pluizige en aaibare dieren. Daarin zijn we zelfs „op hol geslagen” vindt hij, maar volkomen onterecht noemt hij vervolgens in zijn voorbeelden van deze hypergevoeligheid de Partij voor de Dieren. Juist de Partij voor de Dieren zet zich in om het lot van de dieren in de bio-industrie te verbeteren en de wantoestanden bij veetransporten terug te dringen.

Doorgeschoten dierenliefde zit naastenliefde in de weg, vindt Westerman. Tja, wat is doorgeschoten? Kennelijk zitten de animal cops Westerman dwars, maar dat hun naam aanstellerig is, wil nog niet zeggen dat deze agenten overbodig zijn.

Het is een vreemd idee dat iemand die van dieren houdt, minder om mensen zou geven.

L.M.I. Bergervoet

Nijmegen

Door windmolens minder efficiënte gascentrales

Meer dan honderd Britse parlementsleden van diverse partijen hebben bij premier Cameron protest aangetekend tegen de subsidies voor windturbines. Hun argument is dat het in deze tijden van geldgebrek geen pas geeft om de consument via belastingen te laten opdraaien voor de inefficiënte en onbetrouwbare energielevering die de windturbines typeert. De regering heeft beloofd om een studiecommissie in te stellen en stelt voor om alvast de subsidie voor landturbines drastisch te verminderen.

Uit studies in het Verenigd Koninkrijk en Ierland is gebleken dat windturbines gemiddeld slechts 25 procent leveren van hun nominale vermogen. Om stroomlevering te waarborgen, zijn back-upcentrales nodig die variatie in wind kunnen opvangen. Dit kan slechts met zogeheten OCGT-gascentrales, die minder efficiënt zijn dan moderne gascentrales.

Als het aandeel van windenergie meer dan 20 procent is, wordt er meer brandstof gebruikt dan als moderne gascentrales voor 100 procent worden ingezet. Dus ook de CO2-uitstoot neemt dan toe.

Geeft Nederland dan toch miljarden euro’s aan subsidie aan de boeren in de Noordoostpolder, Drenthe en straks Groningen, zonder er een beter energiesysteem voor terug te krijgen? En verminkt het dan ook nog het landschap onherstelbaar?

Albert Stienstra

Lelystad

‘Klaargestoomde’ demente heeft ook recht op notaris

Dementie is zelfs door medische professionals niet eenvoudig te herkennen. Het is daarom niet te verwachten dat een notaris dit wel kan. Deze argumentatie gebruikt Philip Kooke, om te concluderen dat een notaris zich laat foppen bij een ‘klaargestoomde’ demente (Opinie, 3 februari).

Zijn persoonlijke ervaring is schrijnend en de door hem geschetste fouten wil ik absoluut niet goedpraten, maar hij geeft in zijn artikel wel een eenzijdige visie. Zo gaat hij volledig voorbij aan het principiële recht van zelfbeschikking, waarbij anderen niet zomaar kunnen ingrijpen in iemands leven (zie de wetgeving op dit punt bij psychiatrische patiënten en in de jeugdzorg). Het uitgangspunt is niet of iemand wilsonbekwaam is, maar dat iemand wilsbekwaam is. Uit eigen ervaring weet ik dat mensen bij het opstellen van hun testament keuzes maken die voor erfgenamen niet altijd te volgen zijn. Dit wil nog niet zeggen dat iemand wilsonbekwaam is.

Ook komt het geregeld voor dat erfgenamen een ouder wilsonbekwaam willen laten verklaren, uit angst dat deze een substantieel deel van het vermogen wil nalaten aan een goed doel.

Het recht van iemand om zijn nalatenschap te regelen zoals hij dat zelf wil, is zo sterk juridisch verankerd dat de notaris bij wet verplicht is een testament op te maken als iemand daarom vraagt. De notaris behoort daarbij te allen tijde kritisch te beoordelen of de rechtszekerheid die hij met zijn dienstverlening biedt, goed is gewaarborgd.

Een van de belangrijkste taken van de notaris is beoordelen of betrokkenen begrijpen wat zij laten vastleggen en welke consequenties dit kan hebben. Dit is zeker niet altijd eenvoudig. Toch heeft het notariaat de afgelopen jaren met vallen en opstaan meer grip gekregen op het fenomeen wilsonbekwaamheid. Ook nu is het weer het notariaat, c.q. de Vereniging van Estate Planners in het Notariaat, dat het initiatief heeft genomen om misstanden te voorkomen door nieuwe, verbeterde afspraken te maken met medici.

Kooke mag dit alles afdoen als goedbedoeld, doch onvoldoende – de realiteit is dat niemand anders dan de notaris deze moeilijke verantwoordelijkheid op zich neemt.

Geertjan Sarneel

Voorzitter van de Koninklijke Notariële Beroepsorganisatie