Achterkamertjesdeal ACTA bedreigt onze grondrechten

ACTA, het nieuwe verdrag over de bescherming van intellectuele rechten, dient vooral de belangen van mediaconglomeraten. Aan de grondrechten van burgers wordt louter lippendienst bewezen.

ACTA is een achterkamertjesdeal. De Verenigde Staten, de Europese Unie en een aantal andere landen hebben vier jaar onderhandeld. Al die tijd kregen maatschappelijke organisaties en parlementen nauwelijks inspraak. Pas toen het Europees Parlement protesteerde, gaven de betrokken regeringen een ontwerptekst vrij. Inmiddels hebben zij de definitieve verdragstekst gepubliceerd, maar nog altijd houden zij onderhandelingsdocumenten geheim die van belang zijn voor de duiding van opzettelijk vaag gehouden bepalingen in ACTA.

De regeringen gingen wel steeds te rade bij entertainment- en mediaconglomeraten zoals Disney, Time Warner en Sony. Dat is te zien aan de verdragstekst. Uitbaters van auteursrechten krijgen nieuwe instrumenten om vermeende inbreuken te bestrijden, terwijl aan de grondrechten van burgers en consumenten louter lippendienst wordt bewezen.

ACTA verplicht de aangesloten landen om zelfs de geringste inbreuk op auteursrecht strafbaar te stellen als er sprake is van ‘indirect economisch voordeel’. De bestaande uitzonderingen op het auteursrecht worden daarbij slecht beschermd. De Nederlandse thuiskopieregeling bijvoorbeeld: het recht om auteursrechtelijk beschermd materiaal te kopiëren of downloaden voor privégebruik. Een meerderheid van de Tweede Kamer wil daar niet aan tornen: een downloadverbod zou de vrijheid van informatie aantasten. Maar ACTA, dat straks voorrang heeft boven de Nederlandse wet, schenkt de voorstanders van een downloadverbod nieuwe juridische munitie. Er is vast wel een rechter te vinden die oordeelt dat downloaders een ‘indirect economisch voordeel’ genieten.

Onze informatievrijheid wordt verder ondermijnd doordat ACTA internetproviders samenwerking opdringt met de houders van auteursrechten. Daarmee legitimeert het verdrag de Franse en Britse three strikes-wetten, waarbij downloaders of filesharers van het internet kunnen worden afgesloten. Het vergroot ook de druk op internetproviders om de toegang tot websites te blokkeren wanneer auteursrechthebbenden dat verlangen. Stichting Brein komt sterker te staan in haar strijd voor eenblokkade van The Pirate Bay. En dat terwijl de Kamer zulke blokkades onlangs nog ‘onwenselijk’ noemde.

ACTA bedreigt ook de privacy van internetgebruikers. Met ACTA in de hand kan Brein bij providers de gegevens opeisen van internetters die mogelijk zijn betrokken bij auteursrechtinbreuken. De kans is levensgroot dat providers het internetverkeer van miljoenen klanten zullen moeten gaan monitoren, zonder dat er sprake is van een concrete verdenking.

ACTA kan pas van kracht worden in de EU als het is goedgekeurd door het Europarlement én de nationale parlementen van de lidstaten. Wij hopen dat het niet zover komt. In Polen heeft premier Tusk de ratificatie van ACTA onlangs opgeschort. Hij erkent dat te veel mensen niet hebben mogen meepraten over het verdrag en dat zijn eerdere steun voor ACTA getuigde van een achterhaalde, „twintigste-eeuwse” visie.

ACTA is inderdaad een anachronisme. Een laatste stuiptrekking van dat deel van de entertainmentindustrie dat zich vastklampt aan oude verdienmodellen. Ondertussen bewijzen steeds meer nieuwkomers, van Spotify tot Netflix, dat er wel degelijk geld te verdienen valt met online vermaak en cultuur. Muzikanten als Caro Emerald en Justin Bieber ontdekken dat zij via internet veel meer fans kunnen bereiken, met of zonder de hulp van platenmaatschappijen. Als we willen dat internet een motor van innovatie blijft, een vehikel voor het delen van ideeën en creatieve uitingen, dan kunnen we de poortwachters en spionnen van ACTA missen als kiespijn.

Douwe Korff is hoogleraar internationaal recht aan de London Metropolitan University. Judith Sargentini is Europarlementariër voor GroenLinks.

    • Judith Sargentini
    • Douwe Korff