Kameleontische Sting terug naar de basis

Sting schoot erg wisselend door zijn carrière, gisteravond in de Heineken Music Hall. Foto Andreas Terlaak

Sting. Gehoord: 7/2, Heineken Music Hall, Amsterdam.

Wie de 60-jarige Sting de afgelopen vijf jaar aan het werk zag, zag een artiest die als een kameleon van kleur verschoot. Van een gloedvolle Police-reünie tot intellectuele sereniteit met het Royal Philharmonic Concert Orchestra – in Nederland gevat in Symphonica In Rosso-vorm – tot recitals met winterse folksongs.

Even deed zijn show in de uitverkochte HMH een even gezellige als makkelijke greatest-hitsshow vermoeden. Sting, koelbloedig en gespierd als altijd, verwelkomde ieder met open armen met hits als All This Time en Every Little Thing She Does is Magic. Het repertoire voor zijn ‘Back to Bass’-tournee, die Stings 25-jarige bestaan als solo-artiest tekent, bleek echter verrassend interessant.

Zonder decoropsmuk ging Sting inderdaad naar een uitgekleed bandgeluid en bracht hij weinig live uitgevoerde albumfavorieten. Daarbij schoot hij erg wisselend, wat ongrijpbaar door zijn carrière: van Police-hits tot gevoeligere countryrock (I’m So Happy I Can’t Stop Crying) en opvallend veel nummers (waaronder Never Coming Home, Stolen Car (Take me Dancing), van Sacred Love uit 2003.

Met praatjes over het schrijfproces deed hij een enigszins geforceerde handreiking naar zijn publiek, maar de uitgebalanceerde uitvoeringen zeiden al genoeg. Het waren geen grote ontladingen in het overheersende medium tempo. Het was een sfeer waarin vooral muzikale ambities werden uitgeleefd. Met vaste Sting-makker gitarist Dominic Miller, diens zoon gitarist Rufus Miller, drummer Vinnie Colaiuta, zangeres Jo Lawry en Sting zelf op bas, was het een bundeling van talent en geïnspireerd spel.

De versterkte viool van Peter Tickell was een prominente extra die het gebrek aan toetsen bij vlagen deed vergeten. En wat een meesterlijke drummer toonde Vinnie Colaiuta zich weer. Van stuwende reggaeritmes, subtiele percussie maar ook dikke roffels, de patronen steeds weer bijstellend in Police-nummers Driven To Tears, Next to You en Demolitian Man.

Soepel klonk Seven Days, met reggae-intervallen. Indringender was Ghost Story voor zijn vader, met Stings zijden stem leidend in de mist. Message in a Bottle, een kwetsbare solo op de akoestische gitaar, vatte de zangers queeste van nu het best samen: voorbij de hit, terug naar de basis.

    • Amanda Kuyper