Stamelen en stuntelen

Cora Duin: Het woord mens is afgeleid van man. ‘Het hoogst ontwikkelde, in biologische zin tot de klasse der zoogdieren behorende wezen, dat zich vooral door zijn rede en zijn taal van de dieren onderscheidt’, schrijft Van Dale in de jaren zeventig van de vorige eeuw. Duidelijk. We zijn nu veertig jaar verder. Klopt het nog? Van geen kanten.

De veertiger van nu is het type man dat niet volwassen wenst te worden. Hij is spelend grootgebracht, er is nooit iets van hem gevraagd. Wat hij voelt, is allesbepalend. Hij vindt het ‘echt heel moeilijk’ verantwoordelijkheid te nemen. Hij stamelt en stuntelt, hij heeft geen interessante conversatie maar babbelt over zijn visie, meestal over dingen die er niet toe doen. Zijn geliefde is een tweede mama, die klopt, veegt en zuigt. Hij kan geen band meer plakken en komt daar nog voor uit ook.

Het hoogst haalbare is het uitruimen van de vaatwasmachine. Dan kijkt hij triomfantelijk de kamer in.

Mannen zijn jongens gebleven en ze zien dat zelf als een compliment. Sinds mannen gevoelens hebben gekregen, is het mis gegaan met hen.