Ik ben ingeloot

Jeetje, wat heb ik de kriebels. ,,Ik ben zenuwachtig”, zei ik tijdens het eten. ,,Je hebt de elfstedenkoorts”, zei één van mijn meiden. ,,Net als al die rare mensen in Friesland. Die hebben het nergens anders over.”

Nu weet ik niet waar de koorts meer heerst, in Friesland of de rest van Nederland; ik heb er wel behoorlijk last van.

Een week geleden hoopte ik stiekem nog een beetje dat al die gunstige vriesverwachtingen niet zouden komen. Natuurlijk wil ik revanche voor 1997. Maar ik ben net als toen niet goed voorbereid.

Maar nu de Tocht dichterbij komt, stijgt de hoop dat hij doorgaat en dat ik hem toch zou kunnen uitrijden. Mijn grootste angst: de wind. De
harde wind van 1997
nekte me. Door mijn gebrek aan goede techniek kwam ik sommige open stukken bijna stil te staan, kon ik niet meer aanhaken bij groepjes lotgenoten, begon ik door de inspanning te zweten en kreeg ik het daardoor na verloop van tijd steenkoud. En stapte ik om zes uur van het ijs, na 116 kilometer, in Harlingen. Dus laat er geen wind zijn, dan moet het me toch lukken lange tijd een gemiddelde van 16, 17 kilometer per uur te schaatsen. Toch?

Dit soort gedachten gaan steeds door mijn hoofd. En dat ik heel graag een uur of twee eerder mag starten dan vijftien jaar geleden. Dan heb ik niet dertien uur de tijd - ik stond toen pas om elf uur op het ijs - maar vijftien uur. Dat scheelt toch een stuk.

Dat is natuurlijk een smoes, voor het geval ik het weer niet haal: ja, die oude knarren met hun lage startnummers hadden vele uren meer de tijd. Maar die oude knarren zijn wel getraind, en ik niet, of in ieder geval onvoldoende. Was ik nu maar vanaf oktober wekelijks naar de Jaap Edenbaan gegaan, om kilometers te maken, die specifieke schaatspieren te trainen en aan mijn techniek te schaven. Ik heb er nu veel spijt van. Twee jaar geleden, toen stond ik er beter voor, dank zij de schaatstraining van één van mijn meiden draaide ik elke zondag lekkere rondjes. Nu ben ik redelijkerwijs kansloos. Of toch niet? Zonder wind, goed gekleed, de juiste voeding mee, zonder valpartijen. Zou het toch kunnen lukken? Wat een stress.

Was ik maar uitgeloot.