Chinees verzet tegen EU-vliegtax is principieel juist

China vecht voor zijn recht om te mogen vervuilen. De regering heeft Chinese luchtvaartmaatschappijen verboden een nieuwe Europese emissiebelasting te betalen. De kwestie draait feitelijk niet echt om het milieu. Het gaat om het Chinese non-interventiebeleid, dat het land er ook toe heeft gebracht op 4 februari zijn veto uit te spreken tegen een VN-resolutie tegen de Syrische president Bashar al-Assad. Deze keer heeft China het morele gelijk aan zijn kant.

Het Chinese standpunt is eenvoudig: bemoei je niet met onze zaken en wij bemoeien ons niet met die van jou. Dit is de verklaring voor de Chinese tolerantie jegens weerzinwekkende regimes, zoals die in Syrië of Soedan. Peking heeft zijn veto in de VN-Veiligheidsraad sinds 1971, toen het de zetel van Taiwan overnam, slechts een paar maal gebruikt. Maar in de ogen van rijke landen, die een ‘beschermingsplicht’ aanvaarden, maakt zelfs incidentele non-interventie een harteloze indruk. China heeft voorkomen dat de VN in actie kwamen tegen de regimes in Myanmar en Zimbabwe, en heeft zich in 2000 onthouden van steun aan maatregelen tegen de Afghaanse Taliban.

Het Chinese verzet tegen de Europese belasting op de vervuiling door de luchtvaart is een nieuwe variant op ditzelfde thema. Vanaf 1 januari dit jaar moeten toestellen, die landen op of vertrekken vanaf Europese luchthavens, betalen voor de koolstofdioxide-emissies tijdens hun hele vlucht. Een luchtvaartmaatschappij die tussen Peking en Londen vliegt, moet de Europese Unie dus betalen voor de gassen die over Kazakhstan, Mongolië en zelfs China zelf worden uitgestort. Vanuit een Chinees – en een Amerikaans of Indiaas – perspectief lijkt dit op een inmenging in de zaken van andere landen.

In dit geval heeft Peking het gelijk aan zijn zijde. De Europese belasting straft een Britse luchtvaartmaatschappij die van Londen op Shanghai vliegt net zo hard als een Chinese. Maar luchtvaartmaatschappijen worden eenzijdig gedwongen te betalen voor iets dat boven andere landen gebeurt. In feite claimen de Europeanen soevereine rechten over andermans luchtruim. Ongeacht de zwakke staat van dienst van China als het om maatregelen tegen de opwarming van de aarde gaat, of de mogelijkheid dat Europa orders voor de Airbus verliest, zou de Europese Unie moeten wijken om principiële redenen.

De Chinese principes zullen misschien nog worden ‘aangepast’, omwille van de mondiale harmonie. Peking zegt dat zijn luchtvaartmaatschappijen de belasting niet mogen betalen „zonder officiële toestemming”. Dat laat ruimte voor onderhandelingen. Maar naarmate China rijker en machtiger wordt, zullen andere landen meer rekening moeten gaan houden met zijn kijk op soevereine rechten. De ruzie over het luchtruim laat zien dat dit niet altijd slecht hoeft te zijn.

John Foley

Vertaling Menno Grootveld