Zuid-Afrika? Te jong, te arrogant

Afrika is het continent in opkomst, en Zuid-Afrika zijn sterkste macht. Dus de natuurlijke leider, vindt het zelf. Maar de andere Afrikaanse landen denken daar anders over. Niemand wil bevrijd worden door president Jacob Zuma.

Graduates line up before the start of the first graduation ceremony at Oprah Winfrey's leadership academy for girls in Henley on Klip, South Africa, Saturday Jan. 14, 2012. Winfrey said the first students to graduate from her academy for underprivileged South African girls were "free to soar," during a graduation speech Saturday.(AP Photo/Jerome Delay) AP

Wie vanuit Zuid-Afrika de rest van het continent bereist, voelt zich snel thuis. De supermarkten, de banken, de kledingzaken en de mobiele telefoonbedrijven van Mozambique tot Nigeria en van Namibië tot Kenia komen uit Zuid-Afrika. Voor een snelle hap kun je terecht bij Zuid-Afrikaanse fastfoodketens als Nando’s of Steers en eenmaal terug in je (vaak Zuid-Afrikaanse) hotel plof je neer bij een van de tientallen televisiezenders uit het Zuid-Afrikaanse schotelpakket van DStv. Van de 54 Afrikaanse landen kijken er 48 dagelijks naar Zuid-Afrikaanse sport-, film- en muziekzenders, naar het Zuid-Afrikaanse nieuws of naar Big Brother Africa, opgenomen in een troosteloze buitenwijk van miljoenenstad Johannesburg.

Zuid-Afrika’s economische macht is onbetwist. Het is het rijkste en modernste land van het continent, de economie van alleen de provincie waarin Johannesburg en Pretoria liggen genereert al 10 procent van het bruto product van Afrika bezuiden de Sahara. Chinezen komen vooral naar Afrika voor de grondstoffen, de Zuid-Afrikanen domineren ook cultureel het dagelijks leven tot ver buiten de eigen landsgrenzen. Zuid-Afrikaans Engels – waarbij een verkeerslicht een ‘robot’ heet en een berg bekendstaat als een ‘koppie’ – hoor je inmiddels tot diep in Afrika en in alle uithoeken van het continent klagen muzikanten dat jongeren hun traditionele klanken verruilen voor hitsige kwaito-rap uit, wederom, Zuid-Afrika.

„Zuid-Afrikanen zijn het continent ongemerkt aan het koloniseren”, vertelde de Zambiaanse econoom Alexander Chileshe me al twee jaar terug.

Maar dat betekent nog niet dat de rest van Afrika ook van Zuid-Afrika houdt. Zuid-Afrikanen, hoor je elders in Afrika, zijn arrogant, onbeschoft en bovenal onwetend over het continent. De gemiddelde Zuid-Afrikaan weet na een halve eeuw apartheid meer van de topografie en politiek van Europa dan van die van Afrika. Zuid-Afrikanen, wit en zwart, hebben het over ‘Afrika’ als ze de duistere wereld ten noorden van de Limpopo-rivier bedoelen, het donkere gat waar dodelijke muskieten en dito rebellen een gevaar voor de volksgezondheid en de ontwikkeling van Zuid-Afrika zelf vormen. Nee, Zuid-Afrika is Afrika niet.

Zuid-Afrika verhoudt zich tot Afrika als de Verenigde Staten tot de rest van de wereld: als een onbescheiden supermacht, schrijft journalist Simon Allison op de website Daily Maverick, de Zuid-Afrikaanse variant op de Huffington Post. „We worden bekeken met een mengsel van jaloezie en afkeer, maar onze relatieve rijkdom en macht vergeleken met de rest van het continent zorgen ervoor dat we meestal onze zin krijgen.”

Behalve vorige week. En dat is de reden dat immer tobbend Zuid-Afrika aan een zoveelste rondje zelfbespiegeling is begonnen. „Ik heb een fascinerende discussie gehad over waarom Zuid-Afrikanen zo impopulair zijn in Afrika”, schreef de bekende radiopresentator John Robbie terloops op Twitter. „Waarom, denken jullie?” voegde hij er uitdagend aan toe. Tientallen reacties waren zijn deel.

Aanleiding voor de introspectie is het diplomatieke fiasco van de regering-Zuma bij de jaarvergadering van de Afrikaanse Unie in het Ethiopische Addis Abeba. Daar wilde Zuid-Afrika de impliciete macht op het continent formaliseren door een eigen kandidaat voor te dragen als voorzitter van de AU-Commissie, zeg maar de Afrikaanse José Manuel Barroso, de hoogste bureaucraat van het continent. Maar de lobby van president Zuma cum suis faalde jammerlijk en heeft de toch al verdeelde Unie voor de komende maanden verlamd.

Sinds de val van het witte minderheidsregime discussieert Zuid-Afrika over zijn verhouding tot de rest van Afrika. Moet het land een welhaast Europese buitenpost blijven of moet het juist aansluiting zoeken? „Zuid-Afrika heeft onmiskenbaar een Afrikaanse bestemming”, concludeerde het Afrikaans Nationaal Congres (ANC) van Nelson Mandela in 1994. Al was het maar om iets terug te doen voor alle buurlanden die tijdens de strijd tegen de apartheid onderdak en training hadden geboden aan ANC-kaders in ballingschap.

Vanuit die gedachte stond de Zuid-Afrikaanse president Thabo Mbeki precies tien jaar geleden aan de wieg van de Afrikaanse Unie, vervanger van de vastgelopen Organisatie voor Afrikaanse Eenheid (OAU). Die organisatie stond bekend als ‘club voor dictators’, waarin leiders met twijfelachtige democratische reputatie elkaar de hand boven het hoofd hielden. De AU zou breken met die cultuur en een nieuw tijdperk van ‘Afrikaanse renaissance’ inluiden, profeteerde Thabo Mbeki.

Praatclub

Maar van de hooggespannen verwachtingen over democratisering en ontwikkeling is volgens Zuid-Afrika weinig terechtgekomen. De Unie is een praatclub, zoals de OAU, en danst naar het pijpen van het Westen. De huidige AU-Commissievoorzitter, de Gabonees Jean Ping, is volgens Zuid-Afrika een marionet van de imperialisten – in het bijzonder van de voormalige koloniale macht Frankrijk.

Door het wegvallen van Moammar Gaddafi in Libië en de interne perikelen in Egypte en Nigeria, de tweede en derde economieën van het continent, zag Zuid-Afrika politieke ruimte om de AU onder zijn leiding te reanimeren. Gaddafi eiste de laatste jaren voor zichzelf altijd een prominente rol op. Met forse donaties aan arme Afrikaanse landen deed hij nog een poging om zich te laten uitroepen tot president of ‘koning der koningen’ van een ‘Verenigde Staten van Afrika’. Dat mislukte, maar hij bleef de ongekroonde koning van het continent, tot ongenoegen van Zuid-Afrika.

Noemde The Economist Afrika twaalf jaar geleden nog een ‘hopeloos continent’, afgelopen december deinde het weekblad met de kop ‘Africa rising’ mee op een recente golf van Afro-optimisme. Zuid-Afrika wil dat de retoriek over Afrika als economisch investeringsparadijs via de AU ook politiek gewicht krijgt. De Afrikaanse Unie, zei president Zuma in januari in de Veiligheidsraad, moet nauwer gaan samenwerken met de Verenigde Naties om niet langer op het wereldtoneel genegeerd te worden. Dat gebeurde, vindt Zuid-Afrika, bij de crisis in Libië. Pogingen van de AU om te onderhandelen met Gaddafi werden door de VN en de in Libië actieve westerse landen van tafel geveegd. De relatie tussen de VN en de AU moet daarom worden „geïnstitutionaliseerd”, teneinde op het continent „internationale vrede en veiligheid te bewaren”, betoogde Zuma.

Dat betekent voor Zuid-Afrika vooral dat Afrika een eigen permanente zetel in de Veiligheidsraad moet krijgen. De Veiligheidsraad besteedt al jaren meer dan de helft van zijn tijd aan Afrikaanse kwesties. Volgens de Zuid-Afrikanen ligt het voor de hand dat zij voor de eventuele zetel in aanmerking komen.

Ook Nigeria, het land met de grootste bevolking van Afrika, denkt daar aanspraak op te kunnen maken. Maar nu dat land door religieus geweld in de touwen hangt, heeft het andere dingen aan het hoofd dan machtsspelletjes. Met ontwikkelingshulp en andere beloftes probeerde Zuid-Afrika de laatste paar maanden steun te kopen van de Afrikaanse landen die eerder bogen voor suikeroom Gaddafi. Maar zonder succes dus.

Aan de genomineerde kandidaat lag het niet: Nkosazana Dlamini-Zuma, de ex-vrouw van de president, is op het continent zeer gerespecteerd. Met Thabo Mbeki was ze betrokken bij de oprichting van de Afrikaanse Unie. Maar de „verborgen agenda” van Zuid-Afrika, die zetel in de Veiligheidsraad dus, is waar de andere Afrikaanse landen bang voor zijn. Te veel dominantie van het toch al machtige land zou de altijd zo gemoedelijke verhoudingen in de praatclub kunnen schaden.

Veel Franstalige landen en Nigeria steunden daarom zittende voorzitter Jean Ping. Hij kreeg de meeste stemmen, maar niet genoeg. Omdat geen van beide kandidaten na vier stemrondes een tweederde meerderheid behaalde, mag Ping als vleugellamme demissionaire leider tot de volgende AU-top in juni aanblijven. Dan wordt weer gestemd.

Galadiner

Opnieuw blijkt, zegt de uit Kameroen afkomstige onderzoeksdirecteur Paul-Simon Handy van het Institute for Security Studies in Pretoria, dat Zuid-Afrikanen „maar weinig van de rest van Afrika begrijpen”. Dat was volgens hem het best te zien toen president Zuma aan de vooravond van de belangrijke stemming in een vlammend betoog de successen van het jubilerende ANC koppelde aan de boodschap van Afrikaanse eenheid. Het ANC is als oudste bevrijdingsbeweging van het continent altijd een voorbeeld geweest voor de onafhankelijkheidsstrijd in Afrika, zei Zuma, en heeft vanaf de oprichting in 1912 nagestreefd Afrika samen te brengen. Na de bevrijding van Zuid-Afrika, wil Zuid-Afrika nu helpen het hele continent „te bevrijden”, zei Zuma. „De bevrijdingsstrijd gaat door in Afrika”.

Veel staatshoofden bij het galadiner in Addis Abeba wisten niet wat ze hoorden. „Dit soort revolutionaire retoriek slaat op de rest van het continent volstrekt niet meer aan. Als je in West-Afrika over imperialisme en de bevrijding van westerse invloed begint, dan denken ze dat je in de jaren zeventig bent blijven hangen”, zegt Handy. Dat was de tijd dat de net onafhankelijke landen van Afrika in de Organisatie van Afrikaanse Eenheid streden voor de bevrijding van Zuid-Afrika, Zimbabwe, Angola en Mozambique van de laatste restanten Europees kolonialisme. Het was de tijd van bevlogen betogen over panafrikanisme van de Ghanese president Kwame Nkrumah.

Handy: „Zuid-Afrika is pas zeventien jaar oud, terwijl de meeste andere Afrikaanse landen al vijftig jaar bestaan en zich al lang bevrijd voelen van het Westen. Voor landen die sinds de jaren zestig onafhankelijk zijn, is het ronduit beledigend als Zuid-Afrika komt vertellen dat ze moeten worden bevrijd. Zou Zuid-Afrika werkelijk denken dat ze in West-Afrika voor iedere beleidsbeslissing naar Frankrijk kijken?”

En dan: wat betekent de door Zuid-Afrika beloofde bevrijding eigenlijk? „Dat Zuid-Afrikaanse multinationals die groot werden door de apartheid je land komen overnemen?”

De radiopresentator die op Twitter vroeg waarom Zuid-Afrikanen zo impopulair zijn, kreeg vele verklaringen, zowel van Zuid-Afrikanen als van andere Afrikanen. Een Nigeriaanse man meldde dat hij als scholier iedere week 10 cent moest sparen voor de strijd tegen de apartheid. „En wat krijg ik terug? Xenofobie”, schreef hij, verwijzend naar het dodelijke geweld in 2008 in de zwarte townships van Zuid-Afrika tegen andere Afrikanen. „De rest van Afrika speelde een enorme rol in de strijd [tegen de apartheid], eenmaal vrij, keerde Zuid-Afrika de rest van het continent de rug toe”, oordeelde een ander.

    • Peter Vermaas