Vast in eigen huis

Een recordaantal van 227.000 huizen staat te koop. Maar niemand lijkt ze te willen hebben.

Fortnum and Mason Christmas shop window - Alice in Wonderland Fortnum and Mason Christmas shop window, London, Britain - 22 Dec 2006 Rex Features/Hollandse Hoogte

Bobby (3) gaat in bad tijdens het gesprek. Alleen daar kan hij even alleen zijn. „Bobby is snel geprikkeld. Juist zo’n kind heeft een eigen plek nodig. Maar dat gaat niet met z’n vieren op 55 vierkante meter. Daarom hebben wij de jongens onze kamer gegeven. Wij slapen in de woonkamer, op een bedbank.”

Vraag Ilja Vijgeboom (39) naar het grootste bezwaar van de woning die ze deelt met echtgenoot Pieter (46) en haar twee kinderen en ze noemt onmiddellijk het ruimtegebrek. Zeven jaar geleden kochten ze het tweekamerappartement mét tuin aan de Amsterdamse Keizersgracht, hartje Jordaan.

Ilja: „De eerste twee jaar hadden we alleen maar wilde feesten.” Pieter: „Ik had een dj booth in de kamer.”

Toen Ilja net zwanger was van de tweede, begin 2010, zetten ze het huis te koop. Eerst voor 349.000 euro, de taxatiewaarde. Er kwamen zo’n dertig kijkers, maar geen bod. Ze zakten in prijs. Eerst naar 325.00 euro. Toen naar 285.000. Nu zijn ze twee jaar verder. Nog steeds geen reëel bod. Pieter: „Nog even de adem inhouden, zei de makelaar.”

De Vijgebooms zitten vast in eigen huis. En ze zijn niet de enigen. Vorig jaar bleven 111.000 huizen onverkocht. Het laatste kwartaal van 2011 was volgens de Nederlandse Vereniging van Makelaars (NVM) het slechtste sinds 1994. En de vooruitzichten zijn somber. Op dit moment staan 227.000 huizen te koop. Een recordaantal.

Kristel Vrolijk trok in april 2010 in bij haar vriend, in Rotterdam. Haar eigen appartement, aan de Amsterdamse Rozengracht, zette ze niet meteen te koop, omdat haar zwangerschap de aandacht opeiste. „Ik heb het huis eerst verhuurd, maar bij huurders weet je nooit zeker of ze eruit gaan.”

Een jaar later zette ze het alsnog te koop: 350.000 euro voor 90 vierkante meter. „Mijn huis heeft specifieke elementen: een paarse marmoleumvloer en een rode keuken. Maar het is wel de Rozengracht. Dat verkoop ik in een paar weken, dacht ik.” Maar nee: nog steeds is Kristel elke maand 900 euro kwijt aan het appartement. De tweede baby is op komst. „De onzekerheid, dat is het ergst.”

De gemiddelde prijs van een woning daalde vorig jaar met 4,1 procent ten opzichte van 2010, tot 223.000 euro. Dat lijkt vreemd in een land met een restrictief bouwbeleid, waar structureel te weinig woningen zijn. Hoe kunnen de prijzen dan zo kelderen? „De woningmarkt is een irrationele markt”, zegt Dirk Brounen, hoogleraar Vastgoedeconomie aan de Universiteit van Tilburg. „Vroeger werd je verliefd op een huis en die hypotheek moest de bank maar gewoon ophoesten. De aankoop van een huis was te veel een emotionele beslissing. Dat dreef de prijzen op. Nu zijn kopers kritischer geworden. Daar voelen we de consequenties van.”

Voor 2012 verwacht de NVM een verdere daling van 5 procent. „Mensen die nu nog blijven vasthouden aan een te hoge vraagprijs, komen van een koude kermis thuis”, waarschuwde NVM-voorlichter Ger Hukker onlangs.

Rik van der Tol en José Spitsbaard hebben nog niet opgegeven. Zij houden vast aan een vraagprijs van 225.000 euro voor hun starterswoning in Amersfoort Kattenbroek. „Dan leggen we er al geld op toe.” Maar de prijs die ze voor deze volharding betalen is hoog.

Rick en José kochten het rijtjeshuis (110 vierkante meter) zeven jaar geleden met een aflossingsvrije hypotheek en een bouwdepot (extra geld voor de verbouwing). Rik, gepromoveerd bewegingswetenschapper, werkte toen nog in Lelystad. José zocht werk als afgestudeerd dierenarts. „Dat was niet gemakkelijk. Dan ga je denken. Eerst het werk of toch eerst de kinderen?” Het werden de kinderen. „Dan zoeken we vanuit Amersfoort wel verder, dacht ik, lekker centraal.”

Intussen werken ze allebei in Rotterdam, zij als veterinair inspecteur in de haven, hij als hoofd innovatie bij een bedrijf dat melkrobots produceert. Elke werkdag zitten ze ieder, van en naar Amersfoort, gemiddeld tweeënhalf uur in de auto. Bij files nog langer. Rik: „Het record voor de enkele reis is drie uur.”

José staat vaak om kwart over vijf op om op tijd op haar werk te zijn. Rik vertrekt juist laat, om files te vermijden: „Als ik thuiskom, liggen de kinderen vaak al in bed. Racefietsen, hobby’s, een eigen leven, daar kom je bijna niet meer aan toe.” Nu hun huis verkopen tegen de marktwaarde betekent een restschuld van om en nabij de 35.000 euro, schat Rik.

En die restschuld opnieuw financieren met een hypotheek doen banken bijna niet meer. De schuld moet worden opgevangen door spaargeld of een persoonlijke lening. Voor zo’n lening ligt de rente vaak twee keer zo hoog, én die lening is niet fiscaal aftrekbaar. Banken verstrekken sowieso veel minder gemakkelijk een hypotheek dan voorheen. Daarom is de overwaarde van de oude woning zo belangrijk. Maar die valt tegenwoordig vaak tegen.

Voor veel opgesloten huizenbezitters is tijdelijke verhuur van de oude woning dan de enige manier om aan het huis te ontsnappen. Maar ook daaraan kleven nadelen. Sinds 2010 mag je je woning maar twee jaar verhuren; daarna verlies je het recht op hypotheekrenteaftrek als je de woning toch weer zelf gaat bewonen. Die regelgeving wordt binnenkort weliswaar aangepast, maar wanneer is onduidelijk.

Bovendien geldt nog steeds dat de rechten van een huurder goed zijn beschermd. Twee keer verlengen van een tijdelijk contract levert al snel een onwrikbaar huurcontract op voor onbepaalde tijd.

„We leggen er uiteindelijk vierhonderd euro per maand op toe”, zegt een juriste, die niet met haar naam in de krant wil omdat ze niet de vereiste toestemming heeft van de bank om te verhuren. „Het huis wordt er niet beter van. Er is raar behang ingeplakt, al mocht dat niet. Er zitten Zuid-Afrikanen in met rare koloniale meubelen. Dus nu hoef je het al helemaal niet meer proberen te verkopen. Aan de andere kant: blij dat er überhaupt iemand in zit.”

Wanneer de economie aantrekt en huiseigenaren worden ‘bevrijd’ is onduidelijk. Hoogleraar Brounen zou zijn eigen kinderen de komende twee jaar afraden een huis te kopen. „De prijzen zijn gedaald, maar ik vrees dat we het ergste nog niet hebben gehad. Als je nu als starter goedkoop een huis koopt, maar de prijzen zijn over een jaar vijf procent gedaald, heb je toch een probleem.” Brounen verwacht dat er weer meer huizen worden verkocht als de regering structurele maatregelen aankondigt. „Over de hypotheekrente bijvoorbeeld.”

Jan-Willem Verkerk (42), adviseur bij softwarebedrijf Microsoft, ziet in de huidige marktomstandigheden juist kansen. Verkerk is eigenaar van twee koophuizen in Amsterdam; beide staan te koop voor respectievelijk 275.000 en 575.000 euro. De hypotheeklasten, ongeveer 3.500 euro per maand, draagt hij in zijn eentje sinds de breuk met zijn vriendin, een half jaar voor de oplevering van hun nieuwbouwhuis. „Dat is op het randje op dit moment. Ik teer op mijn spaargeld in.”

Maar dat weerhield hem er niet van begin januari te tekenen voor de koop van een woonboot (320.000 euro), met als voorbehoud de verkoop van een van de andere twee woningen. „Ik heb het idee dat we een tijd van geldontwaarding tegemoet gaan. Dan kan je maar beter veel schulden hebben in plaats van bezit.”

    • Rolinde Hoorntje