Opinie

    • Frits Abrahams

Sneeuwkettinkjes

Overleven is vooruitzien. Het pleit dan ook voor mijn vooruitziende blik dat ik al enkele weken geleden de Yaktrax Walker via internet tot mij liet komen. De Yaktrax Walker is een sneeuwkettinkje – ijzeren ringetjes bevestigd aan rubber dat je om je schoenzolen spant, zodat je fluitend de beijsde wereld kunt ingaan. Hoewel ik (nog) geen aandelen in het bedrijf heb genomen, en evenmin een interessante bonus (nog niet) voor dit stukje van ze krijg, kan ik de Yaktrax Walker aanbevelen.

De eerste vorstdag dacht ik nog Yaktraxloos te kunnen doorkomen. Ik begaf me brutaal naar buiten, maar mijn tred werd al snel zo onzeker dat ik sneeuwballende meisjes naar elkaar hoorde roepen: „Wacht even, die meneer, het is anders zo zielig.”

De grootste keek me lief aan, als een bezorgde verpleegster. Op haar hand woog ze zo’n grote, glazige sneeuwbal die ik een jaar of twintig geleden nog koud en vies in mijn onbeschermde nek zou hebben gekregen.

Dit behoorde tot het rijk van de niet mis te verstane signalen. Ik ging terug en haalde mijn Yaktrax-kettingen uit de kast. Het aantrekken ervan is niet het prettigste aspect van de Yaktrax. Je moet op de grond gaan zitten en vervolgens met de nodige kracht de ketting over je schoenzool trekken. Mij bekroop even het gevoel: is dit het wel allemaal waard? Maar daar moet je doorheen. Bij een topprestatie horen ontberingen.

Loop je eenmaal buiten op je fiere Yaktrax, dan voel je je een doorgewinterde poolreiziger op Siberische ijsvlakten. Niets kan je opmars stuiten. Om je heen glijden de lichamen van hulpeloze passanten met doffe klappen tegen de grond, terwijl jij met opgeheven hoofd doordendert. Confidence on packed snow and ice!

Hoe belangrijk deze vorm van zelfvertrouwen is, was me enkele jaren geleden gebleken toen mijn schoenmaker me een soort spikes aansmeerde die om de twintig meter van mijn schoenen afgleden. Terwijl ik de ijzers in de drabbige sneeuw probeerde te vinden, gleed ik alsnog dramatisch onderuit. Het was materiaal voor een stukje in deze rubriek, maar niet voor de ware ijspret.

Nu wil ik niet beweren dat ik dankzij mijn Yaktrax niets anders heb gedaan dan urenlang de vrieskou trotseren. Het Amsterdamse centrum ligt er mooi bij in zo’n bar weekend, daar zal ik niets op afdingen. Vrijwel geen auto’s, helemaal geen scooters (het grootste voordeel) en weinig wachtenden voor het Anne Frank Huis. Een diepe rust is over de hoofdstad neergedaald. Op de Keizersgracht wat schaatsers en ijshockeyende jongens, aangegaapt door toeristen. Niemand heeft haast. Een trein hoef je niet te halen, want die gaat toch niet.

Maar na een uurtje lopen begint de felle kou hinderlijk in je vingertoppen te bijten en je weet: dit jaar voor jou geen Elfstedentocht meer, zelfs geen Elfmerentocht. De warme chocolademelk thuis lokt. Even de tv aanzetten en kijken naar mensen die het écht koud hebben.

Van hen zal de dame met het hondje me het meest bijblijven. Zij stond op zo’n troosteloos station in Utrecht, waar NS en ProRail de reiziger het hopeloze gevoel geven dat hij er nooit meer vandaan komt. ProRail wil daarvoor nog wel excuses aanbieden, maar bij de NS hebben ze wel wat beters (wat?) te doen.

De dame hield het hondje in haar armen omhoog, terwijl ze geïnterviewd werd. Zijn pootjes deden pijn van de kou op de stenen vloer. De mens is nog niet zo slecht als we wel eens denken.

    • Frits Abrahams