‘Moslimlanden zijn corrupt en intolerant’

De Maleisische oppositieleider Anwar Ibrahim wil een greep doen naar de regeringsmacht. Een goede moslimstaat houdt zich aan de wetten van de democratie, zegt hij.

Anwar Ibrahim. Foto Achmad ‘DeNy’ Salman

Anwar Ibrahim (64) was afgelopen week even in Indonesië, waar hij een graag geziene gast is. In de VIP-ruimte van het vliegveld Soekarno/Hatta bij Jakarta heeft hij nog net tijd voor een interview, voor hij terugvliegt naar Kuala Lumpur. Een formelere setting dan onze vorige ontmoeting, die de Maleisische oppositieleider zich nog in detail blijkt te herinneren. Tijdens een verkiezingscampagne in 2008 had ik hem overvallen door in zijn auto te springen, voor een paar snelle vragen. Zijn gevolg werd doodnerveus van die jonge vrouw op de achterbank. Hij kan er nog steeds om lachen. „Ik zei: mensen komen me gewoon interviewen, dat is alles.”

Vorige maand werd Anwar vrijgesproken van de beschuldiging dat hij zijn mannelijke assistent zou hebben verkracht. Die aanklacht was een „politieke noodgreep van premier Najib Razak” om hem onschadelijk te maken, zegt Anwar. Nu voert hij alweer op volle kracht campagne voor de komende parlementsverkiezingen.

Anwar pleit voor hervormingen in Maleisië dat zoekt naar een evenwicht tussen de islamitische meerderheid, een etnisch Chinese bovenklasse en een minderheid van Indiase komaf. Het land wordt sinds de onafhankelijkheid geregeerd door een coalitie onder leiding van regeringspartij UMNO, maar Anwar rammelt aan de deur. Met zijn coalitie van islamisten, etnische Chinezen en zijn eigen centrumpartij, haalde Anwar in 2008 het beste resultaat door een Maleisische oppositie ooit.

Hoe houdt u binnen zo’n diverse coalitie iedereen tevreden?

„Ik heb geen vooroordelen. Ik ben een liberaal in de zin dat ik respecteer dat mensen hun visie willen uiten: of het nu gaat om een zeer vrome en religieuze man of een seculiere liberaal. Maar er zijn zekere basisregels die we moeten eerbiedigen. Menselijke waardigheid, gewetensvrijheid, vrijheid van meningsuiting, de rechtstaat en economische groei die rechtvaardigheid garandeert voor armen en gemarginaliseerden. Alle drie partijen zijn akkoord gegaan met die voorwaarden.”

Zijn gewetensvrijheid en menselijke waardigheid wel te verenigen met de politieke islam? In Maleisië kregen drie vrouwen stokslagen omdat ze een buitenechtelijke affaire hadden.

„Ik ben het oneens met de toepassing van dat soort wetten. Als je sterke gevoelens hebt over dit soort zaken, geef mensen dan advies. Vertel hun je visie en leid ze goed op. Ik bedoel: als moslim drink ik niet, mijn kinderen drinken ook niet. Maar ik kan dat niet opdringen aan anderen, laat staan als het niet-moslims zijn.”

Geldt dat ook voor PAS, de islamitische partij binnen uw coalitie?

„PAS heeft gezegd dat ze het recht willen hebben om hun gezichtspunt te ventileren. Daar heb ik geen probleem mee. Je kunt niet verwachten dat moslims alle wetten die zijn gebaseerd op westerse waarden perfect vinden. Maar als het om ons beleid gaat, moet er consensus zijn. Tot nu toe gaan ze daarmee akkoord. Dus als ze zich willen uitspreken wanneer Beyoncé komt zingen, dat haar kleding te bloot is of zoiets, zeg ik: jullie mogen je visie geven. Jullie hoeven niet naar haar concert te gaan, maar de rest kan er wel naartoe.”

Dertig jaar geleden beschreef V.S. Naipaul u in Among the Believers. Zijn uw ideeën sindsdien veranderd?

„Natuurlijk, je groeit met de tijd, en hopelijk word je wijzer. In die tijd werkte ik alleen met de Moslim Jeugd Beweging, al was er wel interactie met de christelijke, de hindoeïstische en de boeddhistische jeugd. Nu leid ik een multiraciale, multireligieuze partij. Je praat meer, je gaat meer met elkaar om, en zo leer je meer. Hoewel ik nog steeds geloof in mijn kernwaarden, begrijp en waardeer ik de rest een stuk meer.

„In die tijd stonden de moslims ook onder druk. Als je as-salamu alaykum zei, keek men op je neer, dacht men dat je een extremist was. Als je bad als student, zei men: wat is er mis met jou? Dus er was ook behoefte om onze identiteit te bevestigen.

„Of de islam een oplossing is voor Maleisië, hangt af van hoe je de islam interpreteert. Als je daarbij denkt aan vrede, rechtvaardigheid en vrijheid, dan zeg ik: ja, dat is een oplossing. Maar als je de islam uitlegt zoals sommige extremisten, die kerken in brand steken, dan deel ik die visie niet.”

In Maleisië en hier in Indonesië winnen extremisten aan invloed.

„Deze extreme groepen groeien door het falende en zwakke bestuur. De autoriteiten zouden geen excessen moeten tolereren. Je moet je aan de regels houden. Als je betrapt wordt op het kwaad doen van anderen, of het nu moslims, christenen, boeddhisten of hindoes zijn, dan moet de wet met volle kracht worden toegepast. En de zwijgende meerderheid zou zijn stem harder moeten laten horen.

„In Maleisië worden sommige extremistische groepen getolereerd of zelfs aangemoedigd door de regering. Je hebt de UMNO Jeugd en Perkasa, dat is een racistische groep. Zij worden volledig gesteund door de partijtop binnen de regering en door de media die worden gecontroleerd door de staat. Zij gebruiken racistische taal, zeggen dat Maleisië wordt veroverd door de christenen. Ze creëren angst en onzekerheid, wat kan leiden tot strijd tussen de religies. En dat gebeurt met steun van de regering! Ik vind dat gevaarlijk.”

Is die zwijgende meerderheid niet conservatiever dan we graag denken? Neem Egypte, waar de kiezers de fundamentalisten een tweederde meerderheid gaven.

„Nee. Ik deel niet het vooroordeel dat sommigen hebben als ze het woord ‘islamitisch’ horen. Het succes van de islamitische partij in Egypte is dat ze zich aanpast, dat ze zich goed presenteert en dat ze met haar tijd meegaat. Ze maakt zich sterk voor democratie, heeft ook niet-islamitische kandidaten en maakt zeer duidelijk dat ze tegen religieuze discriminatie is. En daarom zeggen de kiezers: oké, geef ze een kans. Deze ontwikkeling is voor mij heel erg significant. Want de zogenaamde conservatieve groepen kunnen leren hoe het proces werkt. Je moet je aanpassen en veranderen, dan kun je groeien. De volgende vraag is: kun je ze vertrouwen, gaan ze het echt zo doen? Nou, er zijn verkiezingen, als ze fouten maken worden ze eruit gegooid. Daarom hebben we democratie zo hard nodig.”

Wat ziet u als een voorbeeld van een succesvolle islamitische democratie?

„Ik denk niet dat het nodig is om slechts één land te noemen. Turkije doet dingen die ik goed vind. Maar ik vind ook sommige zaken uit de Verenigde Staten bruikbaar. Bepaald sociaal-economisch beleid in Europa zouden wij kunnen overnemen. Dit is een geglobaliseerde wereld; je leert wat het beste is in verschillende landen en kijkt of je het kunt overnemen.

„En wat zijn dan de fundamentele kenmerken? Dat zijn vrijheid, de rechtsstaat, de strijd tegen corruptie. Zaken die in veel moslimlanden worden verwoest. Ze zijn zo autocratisch, ze zijn zo corrupt, ze zijn zo intolerant. Ze kunnen zo immoreel zijn, maar ze willen het volk morele wetten voorschrijven. Daar moet wat aan veranderen.”

    • Elske Schouten