Katja vet mijn voeten in en gelooft niet in protest

Pedicure Katja weet altijd alles beter. „Ik ben blij dat er bij die protesten zoveel mensen de straat op zijn gegaan die er net zo over denken als ik”, zegt ze. „Maar zelf doe ik niet mee, omdat het toch allemaal niets uitmaakt.” Terwijl ze eelt van mijn hielen schraapt, kijk ik haar verbaasd aan. Dan vraag ik of het niet een belangrijke stap voorwaarts voor een autoritaire staat is. „Natuurlijk”, antwoordt Katja laconiek. „Maar als de regering niet naar die grieven luistert, kun je beter thuis blijven en een mooi boek lezen.”

Waarom er niets zal veranderen, is volgens haar duidelijk: „De meeste Russen willen geen nieuwe leiders, omdat ze denken dat die net zoals de oude zullen stelen. Hoogstens hopen ze dat de huidige leiders genoeg miljarden hebben en ophouden met stelen om het land te regeren.”

Katja is mijn stem des volks. Kranten leest ze niet, het televisienieuws mijdt ze. Op de buitenwereld reageert ze zoals haar buren en klanten, zoals mijn buurvrouw Ljoedmila, al sinds de nadagen van Brezjnev een hoge ambtenaar op het ministerie voor Kernenergie. Zij heeft nog minder op met de demonstraties dan Katja. „Zolang er worst in de supermarkt ligt, is er niets aan de hand”, zegt ze, als ze haar behandelkamertje binnenstapt. „In ons land is er altijd verschil geweest tussen zij die ons regeren en het gewone volk. Aan die situatie moet je niets willen veranderen.”

De wereld van Katja en Ljoedmila is dezer dagen een volkomen andere dan die op Facebook. Daar spat de strijdlust van de pagina’s van de organisatoren van de massaprotesten. Nog altijd houden ze vast aan hun eisen: nieuwe parlementsverkiezingen met nieuwe partijen, vrijlating van alle politieke gevangenen en het ontslag van de voorzitter van de Centrale Kiescommissie. Maar het Kremlin gaat nergens op in. „En dat zal het blijven doen”, zegt Katja, als ze mijn voeten invet en me aanraadt toch echt vaker te komen. „Poetin beschouwt ons als vee, precies zoals de tsaren dat deden.”

Lichtvoetig ga ik terug naar huis, zes verdiepingen boven de voetensalon van Katja. In de lift kom ik mijn buurman Kostja, een succesvolle modefotograaf tegen, die me vraagt hoe het met de demonstraties gaat. „Zelf heb ik er geen tijd voor”, zegt hij. „En 4 februari heb ik een opdracht in Israël. Maar de volgende keer ben ik weer van de partij.”

Ik wil hem zeggen dat ik me afvraag of er een volgende keer komt. Want voor hetzelfde geld maakt Poetin er na de presidentsverkiezingen een einde aan de betogingen. Maar Kostja weet dat ook. „Heb je gehoord dat Poetin ons op de televisie vijanden van het vaderland noemt, die door de VS worden betaald”, zegt hij schaterlachend.

Een paar uur later doe ik boodschappen bij het Paveljetski-treinstation. Tegenover de supermarkt delen medewerkers van dokter Liza, een dappere arts die medische liefdadigheid voor de kanslozen organiseert, voedsel uit aan zo’n tweehonderd daklozen. Zelf doet ze ook mee, mondkapje op en rubberhandschoenen aan tegen besmetting met tbc. Journalisten filmen het middeleeuwse tafereel, tot ergernis van omstanders. „Dokter Liza wordt betaald door de CIA”, zegt een toeschouwer minachtend. „Allemaal om Poetin en Rusland zwart te maken bij jullie in het Westen.”

Correspondent Rusland

    • Michel Krielaars