De Leeuws kookografie

Sinds de moeder van Paul de Leeuw haar masturberende zoon op de wc betrapte, noemt ze hem Lul-de-behanger. Daarvoor waren de koosnaampjes nog Gompie of Doris Dof. Het is een van de vele anekdotes die De Leeuw vertelt in zijn ‘kookografie’ ’k Hebjelief, en trek! (Carrera, € 24,95): een nogal chaotisch boek dat een kruising is tussen een kookboek, een fotoalbum en een autobiografie. De anekdotes zijn vol zelfspot en het gegeven dat uitgerekend Paul de Leeuw met recepten komt aanzetten, accentueert die zelfsport nog eens extra. De best verkochte kookboeken zijn immers afslankboeken. Maar goed: De Leeuw had al een obsessie voor eten toen hij nog in de luiers zat, en hij beoordeelt vrienden op de inhoud van hun ijskast. Heb je blikvoer of te weinig eten in huis: vergeet een vriendschap met De Leeuw dan maar.

Wie De Leeuw dan wel lief heeft? De je in de titel verwijst in elk geval niet naar de lezer; maar misschien naar zijn adoptie-zoontjes, zijn man Stephan of de ijskast. En uiteraard is de titel een verwijzing naar ‘Ik heb je lief,’ het zwaar aangezette (niet woordspelerig bedoeld) liedje waarmee hij in 1997 een hit scoorde.

Wie wil weten hoe het toen met Paul de Leeuw ging en wat hij toen at, kan het hoofdstuk ’92-02’ raadplegen, want De Leeuw heeft zijn herinneringen (en recepten) op chronologische volgorde gezet. Dan lezen we dat zijn vader hem weet te vinden wanneer hij 150.000 gulden nodig heeft, en dat hij daarvoor zijn vrouw laat bellen. Zoonlief gaat akkoord en laat dat regelen door manager Viv, die dat maar een vreemd en slecht idee vindt, maar ze maakt wel heerlijke garnalenbisque dus daarvan krijgen we dan het recept te lezen.

Als kind at hij ijs, frikadellen, spaghetti: recept. Hij gaat naar school, hij komt zijn eerste neger tegen, veel klasgenootjes gaan voorwaardelijk over, en dan een recept voor ‘Godsgeilstegerechtje’ (met de somber makende openingszin ‘even alle gekheid op een vanillestokje’) . De eerste auto, werken bij Van der Valk: receptje. Enzovoort, etcetera. Op elke anekdote volgt een recept (b.v. ‘Tjaptjoi-Tjonge-Tjonge’). Het boek heeft het uiterlijk van een kookboek gekregen: het is gebonden en rijkelijk gefotografeerd, wat het geheel een glossy uiterlijk geeft. Misschien duurde het Paul de Leeuw te lang voordat hij zijn eigen glossy kreeg.