Brieven over de NS

Eén vlokje sneeuw

Het is natuurlijk heel parmantig dat minister Schultz de hulp van de Zwitserse spoorwegen gaat inroepen. Maar één sneeuwvlokje, en we hebben meteen een gigantisch verkeersinfarct. Mijn partner moest afgelopen zaterdag met de trein naar Hamburg. Als je opstaat en ziet dat het om 8.00 uur -17 graden is in Amsterdam, verwacht je problemen. Op Duivendrecht aangekomen blijkt, via de webstek van NS, dat de trein van 11.04 naar Berlijn „vandaag niet rijdt”. Via de smartphone heb ik mijn partner geadviseerd om vanaf Utrecht een ICE te nemen richting Keulen. Die reden uiteindelijk ook niet, maar met bussen en stoptreinen kwam hij in Venlo aan, waar ik een trein naar Düsseldorf had voorgesteld die aansluiting zou geven op een trein naar Hamburg. Vijf uur later dan oorspronkelijk komt hij dan toch aan.

Het probleem is dat NS maar niet in staat is de mensen op de stations van informatie te voorzien. Op het moment dat we zaterdagochtend in Duivendrecht waren, wist NS al wat er met die trein naar Berlijn ging gebeuren. Alleen vertellen ze dat niemand, ook hun eigen mensen niet. Het gênante is dat ik met internet alle mogelijkheden kon doorgeven, terwijl het grondpersoneel al die zaken niet schijnt te weten.

In deze omstandigheden moet het personeel méér dan hun best doen. Nou kan ik mij heel goed voorstellen dat je onder een zetbaas die zich vooral bekommert om z’n eigen carrière niet erg warmloopt voor je baan. Tegelijk is er een beschamende vakbondscultuur die ervoor zorgt dat niemand eer heeft in zin werk. Als cao’s belangrijker zijn dan de klanten, gaat het gewoon mis. Het functioneren van de NS is een personeels- en organisatieprobleem. Om dat op te lossen, hoeven we niet naar Zwitserland te gaan.

Hans Groen

Amsterdam

Winst en risico’s

Het was weer raak dit weekend: een paar centimeter sneeuw waren voldoende om Nederland tot stilstand te brengen. Met haar volle gewicht stortte de Nationale Frustratie zich op NS en ProRail. Als een kleine verstoring in de omstandigheden zo’n effect op een systeem heeft, dan wordt het tijd om naar onderliggende oorzaken te gaan zoeken. In het geval van Nederland hoef je niet ver te gaan: de fijnmazige en complexe infrastructuur is regelmatig tot aan haar maximumcapaciteit in gebruik. Die capaciteit is afgestemd op ideale omstandigheden. Met als gevolg dat de kleinste afwijking van die ideale omstandigheden tot problemen leidt.

Bij de planning en de beoordeling van onze systemen rekenen we vooral in termen van financiële winst. Maar om beter voorbereid te zijn op de moeten we de werkelijke risico’s in beeld brengen. Want winst is mooi, maar het is goed om te weten of je die morgen, onder andere omstandigheden, ook nog kunt maken.

Peter van Vliet

Hoofdredacteur duurzaamnieuws.nl

    • Hans Groen
    • Peter van Vliet