Dit is niet onze Nout

Het portret van Nout Wellink stond al jaren in de kluis van De Nederlandsche Bank, naast de goudvoorraad. De traditie wil dat een scheidend president altijd een geschilderd portret krijgt. Niet om thuis op te hangen; het blijft achter bij de centrale bank. In een eregalerij hangen de presidenten in de grote vergaderzaal.

Nummer één is Paul Iwan Hogguer (1760-1816). Hij adviseerde Koning Willem I om De Nederlandsche Bank op de richten. De koning gaf gehoor aan dit advies en benoemde hem direct tot president.

Nummer achttien is Nout Wellink. Hij nam vorig jaar afscheid. De wand is nu ook vol. Maar wat blijkt, in de hoek linksonder? Het portret is geschilderd in 2003, acht jaar voordat Wellink afscheid nam. Wilde Wellink er gewoon vroeg bij zijn? Of is er meer aan de hand?

Wellink liet het doek schilderen door Marike Bok. Hij zag haar portretten hangen in een galerie in de Kazernestraat in Den Haag en het werk sprak hem aan. Wellink overwoog aan het einde van zijn eerste termijn van zeven jaar iets anders te gaan doen. Wat? „Veel meer wil er ik zoveel jaar na dato niet meer over zeggen”, laat Wellink weten. Het schilderij werd gemaakt, maar de fusie met de Pensioen- en Verzekeringskamer gooide roet in het eten. Hij werd herbenoemd en het portret verhuisde naar de kelder.

Door het portret in 2003 te laten schilderen kon een jongere Wellink in de galerij hangen. Helaas. De crisis brak uit. Tropenjaren.

Het schilderij kent één nadeel. De man op het portret lijkt niet op Wellink. De ogen kloppen, de wenkbrauwen ook. Het haar komt in de buurt. Maar zijn schouders zijn verkeerd en de vorm van zijn gezicht klopt niet. „Dit is niet onze Nout”, zegt een DNB-medewerker.

Cees Banning

    • Cees Banning