Beste auteur, vergeet u niet om ons eigen tijdschrift te citeren?

Dwangcitatie, werd de praktijk gisteren in Science genoemd. Redacties van wetenschappelijke tijdschriften verzoeken auteurs van ter publicatie aangeboden artikelen regelmatig met klem om andere artikelen uit hun tijdschrift te citeren. Want hoe vaker een tijdschrift wordt aangehaald, des te hoger de status.

Van de onderzoekers in de sociale en bedrijfswetenschappen heeft 12 procent zich wel eens zo tot citeren gedwongen gevoeld, concluderen de Amerikaanse bedrijfskundigen Allen Wilhite en Eric Fong. Ze enquêteerden duizenden onderzoekers in die vakgebieden.

De meeste respondenten (81 procent) wezen de praktijk af, maar 57 procent gaf toe dat ze er toch aan meewerken. Ze zijn bereid om al bij het indienen extra citaties toe te voegen om dwingerige redacties ter wille te zijn. “Als redacteuren het systeem misbruiken en de auteurs zich erbij neerleggen, komt de wetenschappelijke integriteit in het geding”, schrijven Wilhite en Fong. De grootste dwingelanden onder de tijdschriften, aangewezen in de enquête, zijn Journal of Business Research (JBR) en Journal of Retailing – de namen staan in de bijlage bij de Science-studie.

“Onverantwoordelijk van Science dat ze geen weerwoord vragen”, vindt de hoofdredacteur van JBR, hoogleraar marketing Arch Woodside van Boston College. Hij wil desgevraagd wel per e-mail uitleggen hoe het er in de praktijk aan toegaat op zijn redactie. “JBR dwingt auteurs helemaal niet”, benadrukt Woodside. “Wij sturen auteurs vaak een lijst van 20 tot 100 JBR-publicaties. Daarin staan er altijd wel een paar die van belang zijn voor hun manuscript.”

JBR is een van de belangrijkste marketingtijdschriften, aldus Woodside. “Als je dan niet verwijst naar andere relevante publicaties in JBR, heb je je literatuur niet goed gelezen. Het is more than a little disrespectful tegenover de schrijvers van die publicaties om een manuscript zonder citaties uit JBR in te dienen. (...) Wat moet ik dan doen: het manuscript meteen afwijzen, of een revisie voorstellen?”

    • Hester van Santen