Toeareg-opstand leidt tot rellen in hoofdstad Mali

In de Malinese hoofdstad Bamako is het gisteren tot ernstige ongeregeldheden gekomen als gevolg van de opstand van Toeareg-rebellen in het noorden van het land. Enkele honderden woedende Malinezen omsingelden de residentie van president Amadou Toumani Touré. Op straat werden barricades opgeworpen en autobanden in brand gestoken. Winkels en kantoorgebouwen moesten hun deuren sluiten. De dagen daarvoor werd ook al geprotesteerd maar niet zo gewelddadig.

De protesterende Malinezen zijn boos over de manier waarop de regering de opstand van de rebellen probeert te bestrijden. Malinese militairen zouden slecht bewapend naar het front worden gestuurd. Volgens anonieme legerfunctionarissen zijn er reeds tientallen militairen gedood door de rebellen. In de noordelijke stad Aguelhok zouden gevangengenomen soldaten zijn geëxecuteerd.

„We kunnen niet zomaar toezien dat onze familieleden worden afgeslacht”, zei een betoger gisteren.

De zwaar bewapende Toeareg-rebellen, verenigd in de Nationale Beweging voor de Bevrijding van Azawad (NMLA), kwamen halverwege januari in opstand. Ze vielen verschillende steden in het noorden en oosten aan. Ze zeggen te strijden voor een onafhankelijke staat in het noorden van Mali. Hun strijd kreeg nieuw momentum door de terugkeer van Toeareg-huurlingen die aan de zijde van de Libische leider Gaddafi vochten. Veel Toeareg vinden dat de Malinese regering, die gedomineerd wordt door etnische groepen uit het zuiden, het verarmde noorden heeft verwaarloosd.

Met de opstand kwam een einde aan een fragiele vrede tussen de Toeareg en de Malinese regering die in 2009 tot stand kwam. De regering beloofde destijds beterschap voor het noorden, maar die is er volgens veel Toearegstrijders niet gekomen.

Waarnemers vrezen voor nieuwe spanningen tussen burgers uit het noorden en uit het zuiden. In de stad Kati, even ten noordwesten van Bamako, zouden vrouwen en familieleden van omgekomen strijders gisteren een winkel van een Toeareg hebben aangevallen. Ook in Segou, 240 kilometer ten noordoosten van de hoofdstad, zouden huizen en winkels van Toeareg zijn aangevallen.

President Touré riep gisteren zuiderlingen op noorderlingen niet te discrimineren. „We moeten de Toeareg, Arabieren, Songhoi, Fulani die hier bij ons wonen niet verwarren met hen die in het noorden aanvallen hebben gepleegd”, zei hij. (Reuters)