‘Onze teksten moeten wel poëtisch zijn’

De nieuwe cd van de Nederlandse band Moss, Ornaments, klinkt strak en transparant. „We hebben veel uitgeprobeerd, maar we wilden het gevoel van een liveband niet kwijt.”

Moss, met v.l.n.r.: Michiel Stam, Finn Kruijning, Marien Dorleijn, Jasper Verhulst. Foto Andreas Terlaak

De Nederlandse band Moss maakte voor aanvang van de opnamen van hun nieuwe cd een lijstje met wensen. Daarop stonden punten als ‘meer synthesizers’, ‘werken met een dance-producer’, ‘minder gitaren’.

Maar Moss is, zegt zanger Marien Dorleijn, goed in het maken van plannen – om ze vervolgens niet uit te voeren.

Dus uiteindelijk bleef de dance-producer weg en was het aandeel van de synthesizers bescheiden. Het voornemen van minder gitaar werd wel uitgevoerd. Want al spelend ontwikkelde de Amsterdamse band een ingenieuze aanpak. De akkoorden in de muziek zijn niet meer afkomstig van één gitaar, meerdere instrumenten (keyboards, gitaar, zang) vormen samen de drieklank.

Hun nieuwe cd, Ornaments, die vorige week verscheen, klinkt strak en transparant. In de onverwachte maar soepele melodieën van prachtige nummers als Tiny Love en I Am Human speelt Moss vooral losse noten, waartussen ruimte mocht ontstaan. Daardoor gaat de aandacht nu meer dan vroeger uit naar de geprononceerde zang van Marien Dorleijn.

Als Dorleijn en bassist Jasper Verhulst samen over hun werkwijze vertellen, blijkt de ‘democratische band’ onderling nogal van mening te verschillen. Wat de één te ver gaat, gaat de ander juist niet ver genoeg. Toch beslissen de muzikanten alles samen. Behalve als het gaat over de teksten. „Maar ook daar bemoeien de anderen zich soms mee”, zegt Dorleijn. „Bijvoorbeeld toen ik Give Love To The Ones You Love had geschreven. Daarvan vonden ze de woorden te direct. Die zijn inderdaad anders dan anders. Normaal gesproken probeer ik teksten vaag te houden, dit is onverbloemd.”

„Te onverbloemd”, zegt Verhulst. „En daardoor niet poëtisch.”

Dorleijn: „Ik vind het op een rare manier juist heel poëtisch. Dat ineens iemand zegt wat je moet doen en dat het dan ook nog over de liefde gaat... ‘Geef liefde aan degenen van wie je houdt.’ Het is belerend maar ook absurd. En daardoor kan ik het maken, vond ik.”

Verhulst: „We hebben er lang over gepraat. Uiteindelijk heeft het wel wat.”

Dorleijn: „Zo was er wel meer waar we lang over moesten praten. We hadden bij de opnamen geen producer, dus alles was onze eigen verantwoordelijkheid.”

Verhulst: „Wanhoop en vertwijfeling, over al die keuzen en beslissingen? Bij de een meer dan de ander – maar die was er inderdaad.”

Dorleijn: „Daarbij speelde mee dat dit de opvolger was van een succesvolle cd, Never Be Scared/ Don’t Be A Hero, uit 2009. Dat geeft een zekere druk.”

Verhulst: „Bij het maken van de vorige cd hadden we daar geen last van. Onze eerste cd was min of meer geflopt, dus toen we aan de tweede begonnen, gingen we ervan uit dat het onze laatste zou zijn. Daarom besloten we uitsluitend onze eigen wensen uit te voeren.”

Dorleijn: „Nummer twee was voor óns.”

Verhulst: „En het werd verrassend genoeg nog een commercieel geslaagde cd ook. Onze single, I Apologise, was een hit. Daarna verkochten de optredens uit en liep de cd goed. Bij een opvolger denk je onvermijdelijk: moeten we nu maken wat het publiek blijkbaar mooi vindt?”

Dorleijn: „Uiteindelijk heb ik die gedachte van me afgezet. Dit zou een andere cd worden dan onze succesplaat. Muziek is nu eenmaal geen baksteen. Dáárvan mag je verwachten dat hij steeds dezelfde afmetingen heeft.”

Verhulst: „We hebben in het begin allerlei dingen uitgeprobeerd, met meer synthesizers, meer nadruk op sfeer, en collageachtige arrangementen. Maar uiteindelijk kwamen we daarmee niet op één lijn. We bleken het gevoel van een liveband niet kwijt te willen.”

Dorleijn: „De enige keren dat we niet als een band in de studio stonden, was als ik de zang opnam. Omdat de muziek spaarzamer is, kon ik me niet meer achter volle instrumentaties verschuilen. Dat maakte het spannender voor me. De zang nam ik op met Finn, onze drummer. Als hij zegt dat het goed is, ben ik tevreden. Als ik zelf moest bepalen wanneer het goed is, zou ik pas stoppen als de zang helemaal gladgestreken was.”

Verhulst: „Jij legt er het liefst nog een laag galm overheen.”

Dorleijn: „Dan klinkt het lekker groot en episch. Maar dat is te makkelijk. Ik moest het soberder aanpakken. Zonder veel begeleiding, zonder effecten. Want wat voor mij moeilijk is, is voor de luisteraar juist goed.”

‘Ornaments’ van Moss is nu uit bij Excelsior. Optredens vanaf 2/3, zie mosstheband.com

    • Hester Carvalho