Master of suspense

‘Als het verval volledig is, en als ze me dood opbaren in mijn bruidsjurk op de bruidstafel (..) zal de vloek zich over hem voltrekken.’ Die bruidsjurk, de bruidstafel – het is dus toch waar. Dat dacht ik toen Pip voor het eerst binnenstapte bij de rijke en verzuurde mevrouw Havisham. Niet alleen dat strenge gezicht van Charlotte Rampling was me bijgebleven. Zij vertolkte de rol van Havisham in een recente BBC-verfilming. Ook de kamer waarin ze Pip ontvangt, herinner ik me nog. In een imposante eetzaal staat een volledig gedekte tafel, al jaren wachtend op nooit verschenen huwelijksgasten. Muizen en kakkerlakken lopen er vrijelijk over rond. Dat die scène werkelijk in Grote verwachtingen is terug te vinden, kon ik me op een of andere manier niet voorstellen. Tot mijn verbazing blijkt het er toch echt in te staan.

Alleen de ware aard van die scène hoopte ik in Grote verwachtingen terug te vinden. Daarnaast verwachte ik dat de rivier de Theems veelvuldig als achtergrond zou dienen. De rivier speelt in Dickens’ oeuvre een belangrijke rol, wist ik door BBC-verfilmingen van Great Expectations, Our mutual friend, Martin Chuzzlewit. Hierin is de Theems een grauwe rivier, met modderige oevers, waar arme mensen ronddolen.

Grote verwachtingen begint zelfs in een mistig en moerassig gebied aan de oevers van de Theems. Opvallend genoeg blijkt Dickens direct grappig. Als in een slapstick tolt Pip ‘als de kerk om de weerhaan’ wanneer hij in het moeras een zet krijgt van dwangarbeider Abel Magwitch.

Toch werd ik al snel gegrepen door het verhaal van de lotgevallen van het jongetje Pip. Waarom wordt hij uitgenodigd bij mevrouw Havisham, wie is zijn weldoener? Door dat zo vaag mogelijk te laten, dwingt Dickens je door te lezen. Indrukwekkend was het moment dat Pip tot de ontdekking komt van lage sociale afkomst te zijn. De hooghartige Estella wijst hem op zijn grove handen en lompe schoenen. Ze gaan symbool staan voor Pips schaamte.

Ook blijkt verrassend genoeg niet Hitchcock, maar Dickens de master of suspense. Die afgevijlde boei die Pip achtervolgt als een onheilspellende geest uit het verleden, die beslissende scène in een slecht verlicht trapportaal, Pips achtervolger die tijdens een theatervoorstelling de hele tijd vlak achter hem gezeten lijkt te hebben: Dickens bezorgde me koude rillingen.

Een kenner noemde Grote verwachtingen, met zijn 530 pagina’s, een ‘halve Dickens’. Dat is waarschijnlijk de enige reden waarom het nog even zal duren voordat ik aan een nieuws Dickens-avontuur zal beginnen.