‘Elke wedstrijd is een roman’

Chad Harbach/ Foto Keke Keukelaar

Na John Updike, Philip Roth, Bernard Malamud schreef ook de Amerikaanse schrijver Chad Harbach, met zijn succesvolle debuut The Art of Fielding, een honkbalroman. ,,Het spel zelf heeft zo’n fantastische narratieve boog.”

Eén blik op Chad Harbachs postuur volstaat: tenger, maar met gespierde armen en schouders, de motoriek van een sportsman. Het is het ideale postuur voor de wendbaarste man op het honkbalveld, de korte stop. Niet toevallig is dat de positie van de hoofdfiguur uit zijn debuutroman The Art of Fielding. En inderdaad: „Ik heb gehonkbald tussen mijn vijfde en mijn zeventiende, meestal als korte stop, soms tweede honkman. Maar ik had nog geen flard van het talent van Henry Skrimshander, de held van mijn boek.”

De kunst van het veldspel is aan een zegetocht door Amerika bezig. De filmrechten zijn verkocht en Harbach voelt ervoor als co-writer bij het script betrokken te zijn. Het boek is evenmin een roman over honkbal als Moby-Dick een roman over walvisvaart is, maar de sport speelt wel een heel grote rol en is, waar Coover en Roth faalden, na Bernard Malamuds The Natural, de eerste roman waarin dat op werkelijk geslaagde wijze gebeurt. Updike, Halberstam, Roger Angell; hoe komt het toch, dat er zo veel briljante non-fictie is verschenen over deze sport ?

Chad Harbach, even in Nederland ter gelegenheid van de vertaling van zijn boek: „Ik denk dat dat komt doordat het spel zelf zo’n fantastische narratieve boog heeft, elke wedstrijd is een roman. Er zijn altijd wendingen, je denkt dat je weet wat er gaat gebeuren, maar telkens verrast het spel je zoals goede literatuur. dat doet. Maar als je er fictie over wilt schrijven kun je die boog niet gebruiken. Het is een beetje als met pornografie: als je over seks schrijft en alleen maar over seks dan is het porno. Als je over sport schrijft en alleen maar over sport dan is dat een beetje hetzelfde. Dus moet het over iets anders gaan, en het moet zich kunnen meten met de spanning van de wedstrijd zelf.”

Abonnees kunnen het hele interview hier lezen.

Dit artikel werd gepubliceerd in NRC Handelsblad op Vrijdag 27 januari 2012, pagina 4 - 5.

    • Jan Donkers