Een gamemasker stelen is ook diefstal

Is het stelen van virtuele spullen in een computergame diefstal? De Hoge Raad bepaalde deze week van wel.

Juridisch Commentator

Den Haag. Iemand een amulet en een masker afhandig maken is diefstal. Vanaf deze week is dat ook het geval als die voorwerpen alleen in een computerspel bestaan. De Hoge Raad bevestigde in hoogste instantie eerdere oordelen hierover van het gerechtshof en de rechtbank in Leeuwarden.

Daarmee komt een einde aan een juridische discussie over de vraag of deze computerplaatjes wel als stoffelijke voorwerpen in de zin van de strafwet gelden. Virtuele voorwerpen kunnen ook worden gestolen. Daarmee is het oude, wettelijke begrip ‘goed’ over de drempel van cyberspace getild.

Eerder, in 1921, maakte de Hoge Raad al de gedachtensprong dat goederen niet altijd stoffelijk hoeven te zijn om gestolen te kunnen worden. Dat was in de zaak van een tandarts die met enige regelmaat de energiemeter uitzette en zo elektriciteit stal. Toen zei de Hoge Raad dat elektriciteitsspanning een goed is omdat het zelfstandig bestaat, kan worden overgedragen, een ander het zich kan toe- eigenen en het een economische waarde heeft. Het kan daarom ook worden weggenomen. Naar verluidt waren destijds veel juristen daar boos over, omdat de wet dateerde van vóór de elektriciteit en de wetgever dat dus nooit kon hebben bedoeld. De Hoge Raad zou de wet te ver hebben opgerekt.

In deze zaak was het juridisch de vraag of een poppetje of een voorwerp in een computerspel aan de criteria van het Elektriciteitsarrest voldoet. En dus ook of de betekenis van ‘virtueel’, denkbeeldig, letterlijk genomen moest worden. Feitelijk bestaat zo’n afbeelding immers uit bytes en computercommando’s. Kun je wel de feitelijke macht hebben over iets wat virtueel is? Van elektriciteit krijg je tenminste nog een schok. Maar een computerfiguurtje is niet meer dan de weergave van een computercode. En dus een illusie. Dit had ook een kwestie van computervredebreuk kunnen zijn – het binnendringen, wissen of veranderen van computergegevens.

De zaak speelde in een groepje deelnemers aan het online spel Runescape. Dat is een populair middeleeuws fantasiespel waarin deelnemers trofeeën verzamelen door online opdrachten uit te voeren en met anderen te strijden. Een paar Friese jongens besloten in het najaar van 2007 een andere speler onder dwang mee te nemen naar het huis van één van hen. Daar werd deze dertienjarige geschopt, geslagen en bedreigd waarna hij een paar Runescape-trofeeën overboekte naar de spelaccounts van zijn belagers. Het motief was jaloezie op zijn hoge score, vele bezittingen en de kracht van zijn spelfiguur.

De Hoge Raad vindt het virtuele masker en amulet inderdaad feitelijke goederen die kunnen worden afgenomen. Ook omdat ze waarde voor betrokkenen hebben, in het spel. De Raad herinnert eraan in 1982 ook ‘giraal geld’ te hebben erkend als een goed dat kan worden gestolen. Het gedwongen afstaan van een pincode bij een bankpas echter niet. Dat wordt pas een goed als die code ook wordt gebruikt.

Het masker en de amulet vindt de Hoge Raad geen visuele illusie. Er is sprake van een reële waarde, waar veel tijd en moeite aan zijn besteed. Ook had de eigenaar er exclusieve macht over. Die raakte hij kwijt. Weliswaar zijn het ook computergegevens, maar hier dan toch in een verhandelbare, reële en dus feitelijke vorm.