opinie

    • Maarten Schinkel

Dit is Zirp, en hij blijft nog héél lang logeren

Als we nu gewoon allemaal besluiten dat het buiten 15 graden is, hebben we het dan opeens niet meer koud? Laat het antwoord maar zitten, maar het is dezelfde redenering die nu wordt gebezigd om te voorkomen dat de pensioenen worden verlaagd of de premies verhoogd. Als we nu gewoon doen alsof de rentevoet 4 procent is, dan verdwijnt het gat tussen toekomstige beleggingsopbrengsten en verplichtingen vanzelf, en is er geen probleem meer.

De redenering is in een ander opzicht zinloos. Hij impliceert dat de rentevoet te voorspellen valt en, in dit geval, van zijn huidige lage niveau zal stijgen naar zijn historische gemiddelde. Niet dat het onmogelijk is – geenszins. Maar ga maar eens te rade bij een Japanner. Als die eind 1995, toen de rentes werden verlaagd tot een half procent, was gevraagd hoe lang dat zou gaan duren zou hij terecht geantwoord hebben dat dit hooguit twee, drie jaar zou zijn. Het is nu 2012, en hij wacht nog steeds. Sterker nog: de rente is nu nul.

Een en ander voorspelt trouwens weinig goeds voor woningcorporatie Vestia, ook zo’n bedrijf met een ‘rentevisie’. Dat wordt nu door andere corporaties gered van zijn acute miljardenprobleem in de verwachting dat de kwestie zich vanzelf oplost als de rente eenmaal weer stijgt. Dat is een bloedlinke vooronderstelling.

De lage rentes zijn het antwoord op de kredietcrisis, de acute vraaguitval en de hoge particuliere en daarna publieke schuldenlast in het Westen. Zo’n beleid heeft beperkingen. De rente kan niet minder zijn dan nul, waarna het stimulerende effect werd geacht op te houden. ‘Duwen tegen een draadje’, heet dat. Daar is inmiddels een lapmiddel op gevonden in de vorm van ‘helikoptergeld’, of dat nu de vorm heeft van de Japanse stimuleringen van de afgelopen twee decennia, het bijdrukken van geld in de Verenigde Staten of de leningen voor de zeer lange termijn die de Europese Centrale Bank aan het banksysteem geeft.

Ook dan is het effect eindig. Maar er is een alternatieve visie op goedkoop geld en nulrentes, die nu langzaam opgeld doet. Die stelt dat zeer lage rentes misschien helemaal niet zo gunstig zijn, of zelfs schadelijk. Lage rentes maken lenen veel goedkoper, en daar is het beleid dan ook voor bedoeld. De prikkel om te lenen, en om te investeren wordt er groter door. Maar ga eens aan de andere kant zitten, die van de uitlener. Waarom zou je krediet verstrekken als het je niets oplevert? Waarom zou je zo’n verplichting voor de lange termijn aangaan als dat weinig meer opbrengt dan een voor de korte termijn? En als je het toch doet, waarom de moeite en het risico van een lening aan een bedrijf als je net zo goed aan de staat kunt lenen en dus gewoon een staatsobligatie koopt?

Een ultralage rente is goed voor de schuldenaar, maar slecht voor de spaarder. In die zin is het opmerkelijk hetzelfde als een hoge inflatie, die eveneens de spaarder berooft en de schuldenaar beloont. En dan is er nog één: je maakt niet zonder schade een eind aan een lage-rentepolitiek. De economie, de overheid en het bedrijfsleven kunnen er, zie Japan, zo verslaafd aan raken dat er nauwelijks een weg terug is. Er zijn, zo concludeerde Credit Suisse in december vorig jaar, alles bij elkaar voldoende aanwijzingen voor de vaststelling dat een zero interest rate policy (Zirp) de economische stagnatie verlengt en daarmee zichzelf bestendigt.

Een periode van lage rentes tot aan de horizon. Misschien dat de wél functionerende raden van commissarissen van de andere woningcorporaties daar eens over moeten nadenken voordat ze hun huurders in de vuurlinie van Vestia duwen.

    • Maarten Schinkel