Dat glijden, de snelheid, het gemak

Dit weekend kan er weer worden geschaatst. Sinds gisteren is het ijs eigenlijk al dik genoeg. Voor de durfallen dan. Weerman Werkhoven wacht nog even af.

Het zijn waaghalzen die nu schaatsen. Meest mannen, soms vrouwen, vaak pensionado’s. Die hebben geen vrij hoeven vragen aan hun baas. Bij de Ankeveense Plassen zijn er enkele tientallen. Mutsen diep over de oren, kragen hooggesloten, gezichten glimmend van de vaseline. Glimlachend: de zon schijnt, de ijsvloer is glad als een spiegel.

Wat is dit mooi.

Amateurmeteoroloog Jos Werkhoven, van Weerstation De Arend in Kortenhoef, stapt met zijn laarzen op het ijs van de Ankeveense Plassen. Het kraakt, maar dat hoort erbij, zegt hij opgewekt. „Het ijs moet zich zetten naar het gewicht.”

Hij bindt nog geen schaatsen onder. Als inofficieel ijsmeester van de gebieden rondom de Loosdrechtse Plassen zullen velen dat zien als vrijbrief om ook het ijs op te gaan. Als ze erdoor zakken, voelt hij zich medeverantwoordelijk.

Dat was gisteren. Vandaag zal Jos Werkhoven (61), oud-leraar in het montessorionderwijs en uitgever, zeker wel schaatsen. Hij is een schaatsfanaat. Eigenlijk al sinds hij zijn huidige huis in Kortenhoef kocht, in 1978. In de strenge winter van dat jaar verkende hij de omgeving vanaf het ijs. Achter zijn huis kon hij er zo opstappen.

Sindsdien schaatst hij elke week op kunstijsbanen in Utrecht en Amsterdam. Maar natuurijs is het mooiste. IJsverenigingen mogen pas open als het ijs overal twaalf centimeter dik is. Maar als het ijs een centimeter of vijf à zes dik is, kan het enkele mensen houden. Als de groep maar niet te groot is. Dan belt hij een paar schaatsvrienden en gaan ze. „Je ziet het ijs letterlijk op het water golven”, zegt hij verrukt. Schaatsen is heerlijk. Dat glijden, de snelheid, het gemak. „Het is nog net geen vliegen.”

Het duurt het langst voordat de nabijgelegen grote en diepe Loosdrechtse Plassen dicht liggen. De plassen bij Ankeveen en Kortenhoef zijn ondieper en liggen relatief beschut. Als het een aantal dagen flink vriest, kan daar worden geschaatst. En dat weten de liefhebbers.

Op donderdag is het nog oppassen. Er zijn open stukken en veel windwakken – plekken waar de wind het water in beweging houdt, waardoor het moeizaam bevriest. Woensdag zakte er nog een vrouw door het ijs.

Werkhoven is, met zijn markante bontmuts, een bekende verschijning voor de bewoners van Kortenhoef en Ankeveen, maar ook voor mensen die van ver komen. Zij kennen hem van zijn website waarop hij elke dag de metingen van zijn weerstation in zijn tuin publiceert. En een filmpje van zichzelf, met hoed of bontmuts, waarin hij het weer van die dag bespreekt.

Het weerstation in zijn tuin lijkt voor een leek een omgekeerd emmertje op een stok, maar het is professioneel. De metingen stuurt hij door naar het commerciële weerstation Meteoconsult. In ruil daarvoor krijgt hij de voorspellingen voor de komende vier dagen. Als het vriest, beschrijft hij van kwartier tot kwartier hoe het ijs zicht ontwikkelt.

Het weer is zijn passie. „Iedereen heeft ermee te maken, of je nu de was buiten wilt hangen, wilt zeilen of wilt schaatsen.” Het weer is een metafoor voor het leven, vindt hij. „We weten er veel van, maar het verrast ons telkens weer.”

Zodra het gaat vriezen, trekt zijn website vele duizenden bezoekers per dag. Op het ijs wordt hij voortdurend aangesproken door schaatsers. „Dank voor je informatie, ik kijk elke dag”, roept een schaatser. Jos Werkhoven glimt. Dat motiveert, zegt hij. Wel vraagt hij op de website bezoekers om hem niet te bellen of het ijs al veilig is. „Dat gebeurt steeds vaker. Ik wil geen ja en geen nee zeggen. Ze moeten zelf de afweging maken. Op mijn site staat genoeg informatie om dat verantwoord te kunnen doen.”

Daar schaatst Gijs Lamsvelt (67) met zijn vrouw Florence (63) in zijn kielzog. Gevaarlijk? Ach, zeggen ze. We gaan nooit als eersten. „We wachten tot er iemand die nog gekker is dan wij ons voor is gegaan.”

Beiden hebben ijspinnen (een handvat met een scherpe ijzeren pin) om de nek hangen om uit een wak te kunnen klimmen, mocht dat nodig zijn. „Verstandig”, vindt Werkhoven. Hij heeft ze zelf ook altijd bij zich. En een touw, om een ander uit een wak te kunnen trekken.

Gijs en Florence Lamsvelt willen nou juist níét van Jos Werkhoven horen wat de voorspelling is voor de komende dagen. „Het zal voorlopig blijven vriezen”, zegt hij ongevraagd. Ai, ze leggen hun handen op hun oren. Ze hebben een reis geboekt naar de Dominicaanse Republiek. Volgende week vertrekken ze. Daar zullen ze hun kinderen treffen die in het buitenland wonen om hun veertigste trouwdag te vieren. Prachtig, maar niet als je kunt schaatsen in Nederland, vinden ze. „Dan stap ik met grote tegenzin in het vliegtuig”, zegt Gijs Lamsvelt. Zeker als er een Elfstedentocht zal worden gereden. Ze hebben allebei een startbewijs. Wat denkt Jos Werkhoven?

Jos Werkhoven zegt niets en lacht.

Dan wandelt hij terug en stapt van het ijs. Er staan enkele tientallen auto’s in de berm. Morgen zullen dat er een paar honderd zijn, voorspelt hij. En in het weekend zullen het er duizenden zijn. Dan gooien boeren hun weilanden open en vragen 3 euro per auto. Dan verschijnen de koek-en-zopies langs de kant.

Veel zijstraten van het Bergsepad, een weg die door het plassengebied loopt, zijn met linten afgesloten door bewoners. Zij weten dat ze, als het gaat vriezen, door de geparkeerde auto’s hun huizen anders nauwelijks meer zullen bereiken.

    • Sheila Kamerman