Zwart ijs of sneeuwijs: BAM-rijder favoriet

Arjen Stroetinga (BAM) won de Open NK marathon op de Weissensee. Zijn ploeg lijkt ongenaakbaar. Op naar het natuurijs in eigen land.

Pas na de finish van het Open Nederlands kampioenschap op de Weissensee splitste het hechte collectief van de BAM-ploeg zich op. Willem Hut en Bob de Jong hadden op het Oostenrijkse bergmeer honderd kilometer hard gewerkt. Als een viertrapsraket hadden Bob de Vries, Jorrit Bergsma en Christijn Groeneveld in de eindsprint hun kopman Arjen Stroetinga naar de titel gelanceerd. Voor coach Jillert Anema het moment zijn schaatsers De Jong en Bergsma direct hun koffers te laten pakken. „We rijden bij Würzburg”, meldde hij vanmorgen per telefoon vanuit de auto. „Vanmiddag om vier uur staan we op het ijs in Thialf.”

Anema en zijn succesvolle BAM-ploeg moeten volop keuzes maken dezer dagen, zeker nu zich natuurijs aandient in Nederland. En het was al niet eenvoudig de marathons op kunstijs te combineren met wereldbekerwedstrijden op de langebaan en deze week de wedstrijden op de Weissensee. Stroetinga vroeg zich na zijn tweede zege bij de Open NK (hij won ook in 2008) direct af of het wel verstandig is om zaterdag te starten in de Alternatieve Elfstedentocht over 200 kilometer. Zo’n zware wedstrijd gaat ten koste van zijn kansen in Nederlandse klassiekers of de NK die mogelijk volgende week worden verreden. En zijn ploeggenoten De Jong en Bergsma, uitblinker op natuurijs, hebben over anderhalve week een wereldbekerwedstrijd vijf kilometer in het Noorse Hamar.

„Ik raak niet zo snel in de war”, zegt Anema. „Bob en Jorrit rijden zaterdag als training een vijf kilometer in Thialf. De rest van de ploeg komt zondag terug van de Weissensee. Met een marathonploeg als de onze is flexibiliteit een eerste vereiste. Natuurijs blijft onvoorspelbaar. Ik heb daar een draaiboek voor als het komt, maar mijn rijders kennen dat niet. Zij moeten zich niet teveel met de lange termijn bezighouden. Als er dan tussentijds iets verandert, worden ze alleen maar nerveus.”

De prioriteiten van Anema – nog niet verzekerd van een nieuw sponsorcontract – zijn duidelijk. Op eenzame hoogte staat de Elfstedentocht. De Winterspelen komen op twee, dan nationale titels en natuurijsklassiekers, en ten slotte ‘open’ titels als in Oostenrijk. Wereldbekerwedstrijden? „Die staan lager dan een NK. Wat stelt dat voor? Anderen zeggen er voor af.” En moet Stroetinga zaterdag starten in de Alternatieve Elfstedentocht? „Dat moet je niet weggeven, winnen is winnen.”

Een wedstrijd over 200 kilometer in Nederland is iets anders, zegt Anema. „In Oostenrijk is het ijs vrij goed, dat zal hier anders zijn. Van een 200 kilometer in Nederland slijt je. Daar rijden wij er maar eentje van.” De Elfstedentocht dus.

Zal zijn ploeg de ‘Tocht der Tochten’ domineren? „Moeilijk. Je hebt zwart ijs, sneeuwijs, geribbeld ijs. Op 100 kilometer kan een goede schaatser dat compenseren. Maar op een afstand van 200 kilometer bepaalt het ijs welk type rijder favoriet is. Op dooi-ijs zal een licht manneke winnen, type Geert-Jan van der Wal. De onvoorspelbaar maakt het zo mooi.”