Onderzoek met te grote angstfactor

Doet Ron Fouchier onmisbaar pandemieonderzoek, of is hij bezig met ‘doomsday engineering’? Door het advies van een commissie in de VS laait de discussie over zijn vogelgriepstudie hoog op.

Photo: Dirk-Jan Visser / Rotterdam - The Netherlands / 22-12-2011: Dutch scientist Ron Fouchier, PhD. Professor, Molecular Virology at the Virology department of the Erasmus Medical Centre in Rotterdam has used a genetic modification to create an easily transmissible strain of H5N1, the bird flu virus. Here photographed in his office and lab. . Dirk-Jan Visser

„Gevaarlijk? Natuurlijk is dat virus een eng ding, maar in de natuur zitten heel veel enge dingen. De natuur is de grootste bioterrorist.” In zijn kleine kantoor zwenkt viroloog Ron Fouchier zijn bureaustoel van links naar rechts om zijn punt kracht bij te zetten.

Het is de dag nadat de NSABB, de Amerikaanse National Science Advisory Board for Biosecurity, in Nature en Science heeft uitgelegd waarom ze hebben geadviseerd details over zijn baanbrekende vogelgriepstudie niet te publiceren. Omdat het virus dat hij heeft gemaakt, als het ontsnapt, een „onvoorstelbare catastrofe zal veroorzaken waarop de wereld nu niet voldoende is voorbereid”. Nog een zwenk, nu nijdig: „Ja, we kunnen ook wachten met onderzoek doen tot iedereen dood neervalt.”

Fouchier en zijn groep van Erasmus MC sleutelden aan het vogelgriepvirus tot het van zoogdier op zoogdier overdraagbaar was. Het H5N1-virus, dat nog steeds rondwaart in Afrika en Azië, is dat nu niet. Doordat je nu alleen ziek wordt door contact met pluimvee, zijn er nog niet veel mensen aan overleden. Maar met ongeveer vijf mutaties in het DNA kan het wel, stelde Fouchier vast, en dat is belangrijke informatie voor pandemiebestrijders. Hij testte het gemuteerde virus op fretten, in dit soort studies een goed model voor mensen. En inderdaad, die besmetten elkaar en gingen dood.

In december verklaarde de NSABB, een commissie van wetenschappers en ‘veiligheidsexperts’ van onder meer de FBI, dat volledige publicatie van Fouchiers studie te risicovol was. Kwaadwillende mensen en landen zouden met de kennis aan de haal kunnen gaan, met mogelijk miljoenen doden tot gevolg.

Het is een niet-bindend advies van een commissie waar nog niemand van had gehoord. Toch vallen wetenschappers en biosecurity-experts over elkaar heen in de Amerikaanse media. In Nederland heeft het CDA Kamervragen gesteld. De discussie is als een slinger die steeds verder uitslaat: wetenschappers versus geheim agenten, Al Qaeda versus WHO, bioterroristen versus dokters, vrijheid van wetenschap versus doomsday engineering. Er gaan stemmen op om dit soort onderzoek maar helemaal stil te leggen. Wat is er gebeurd?

De discussie spitst zich toe op dual-use onderzoek: onderzoek waar je goede en slechte dingen mee kunt doen. Wanneer Fouchier in 2005 zijn onderzoeksvoorstel indient bij de Amerikaanse National Institutes of Health weet hij dat er ‘dual use-aspecten’ aan vast zitten. Maar de NIH hadden zelf, in het kader van George Bush’ pandemic preparedness plan, virologen uitgenodigd plannen in te dienen. Anthony Fauci, directeur van het NIAID, het infectieziektencentrum van de NIH waar Fouchiers onderzoek onder valt: „De VS vinden dit een belangrijk onderzoek, ze hebben het zelf gefinancierd.”

De Rotterdamse viroloog krijgt een contract voor zeven jaar. Cogem, de Nederlandse commissie genetische modificatie, adviseert positief, het ministerie van Infrastructuur en Milieu verleent de benodigde milieuvergunningen en de Amerikanen keuren het lab in 2007 goed. Fouchier kan aan de slag.

Met resultaat. Eind augustus 2011 stuurt hij zijn opwindende bevindingen naar Science, dat het „een mooi manuscript” vindt. Maar de redactie stuurt het ook, vanwege de dual-use, naar de NSABB, tegelijk met Nature die een vergelijkbaar onderzoek van de Japanse Yoshihiro Kawaoka voorlegt. Manuscripten beoordelen is geen kerntaak van de NSABB (die ook onder de NIH valt), maar bij uitzondering doet de commissie het wel eens. Zoals bij de reconstructie van het dodelijke Spaanse griepvirus uit 1918. Toen, in 2005, was het advies positief.

Alle betrokkenen vinden het onderzoek belangrijk. De influenzaonderzoekers, de Wereldgezondheidsorganisatie WHO, die wil dat landen uitbraken serieus nemen. De NIH, de NSABB. Zelfs Edward You, special agent massavernietigingswapens van de FBI en commissielid. Aan de telefoon: „Wij zien de beweegredenen voor dit onderzoek.”

Maar dan.

Half september verwacht Fouchier de uitslag. Maar week na week krijgt hij een mailtje dat het advies langer op zich laat wachten. Intussen krijgt de Amerikaanse pers lucht van de manuscripten. Fouchier kan nog niets zeggen over zijn ongepubliceerde stuk, gealarmeerde bioterrorisme-experts kunnen dat wel. Andere media pikken het nieuws op.

Op 30 november komt er eindelijk bericht. Een vijfregelig mailtje. Advies: niet alles publiceren. Fouchier zit alleen op zijn kantoor, hij is geshockeerd. Dit had hij niet verwacht.

Er volgt, na wat sigaretten, een teleconferentie van anderhalf uur. Daarin wordt hem verteld dat de voordelen niet opwegen tegen de risico’s. „Maar welke risico’s? Hebben ze aanwijzingen voor aanslagen? Ontsnappingsgevaar? Dat wordt niet verteld.” De commissie vraagt Fouchier zelf een systeem te bedenken om zijn resultaten bij betrouwbare instanties te krijgen. „Dat is onmogelijk, geef het aan honderd mensen en het ligt op straat.” De commissie dringt aan. „You’re a scientist, you can think out of the box.” Fouchier weigert.

Wat drijft de commissie? Het onderzoek, betaald door de VS, kwam niet uit de lucht vallen. Is de kans op misbruik echt zo groot? Fouchier weet het niet, en dat ergert hem.

Anthony Fauci van het NIAID denkt dat de commissie vooral bang is dat het onderzoek door de publicatie herhaald zal worden in onveiligere labs, door onervaren mensen. Hoe zwaar de angst voor bioterrorisme weegt? „Dat zijn vage zorgen. Het ligt eraan wie je het vraagt.”

Er zijn geen speciale veiligheidsontwikkelingen, zegt special agent You. „Behalve dat Al Qaeda gezegd heeft biologische wapens te gaan maken. En dat de materialen daarvoor makkelijker te verkrijgen zijn dan voor nucleaire wapens. We hebben vooral gekeken naar de mogelijke consequenties van een ontsnapping. Die zijn heel erg.”

De VS zijn gevoelig voor bioterrorisme na de aanslagen van 11 september 2001 en de antraxaanslagen daarna, zegt You. Gevoeliger dan Europa. Het gevaar is in de wereld, zegt hij. „Kijk ook maar naar de Japanse antraxaanslagen.”

Dan heb je ’t ook wel gehad, op een salmonellavergiftiging door een sekte in Oregon na. Totaal aantal slachtoffers van de drie bioterroristische aanslagen in afgelopen 25 jaar? Vijf.

„Het is makkelijk het gevaar van bioterrorisme te overschatten”, meent onderzoeker Koos van der Bruggen. Hij schreef mee aan de Nederlandse gedragscode biosecurity. „Het heeft een grote angstfactor.”

De werkelijke kans op misbruik door deze publicatie acht hij erg klein. „Niet veel mensen hebben de faciliteiten om zo’n onderzoek na te doen. En biologische wapens zijn toch erg onpraktisch. Waarom zo hightech als je ook met makkelijke middelen paniek kunt zaaien?”

Reëel of niet, vlak voor Kerst komt de NSABB naar buiten met het negatieve advies. Achter de schermen is dan al volop overlegd tussen allerlei instanties. De WHO vreest dat met censuur het moeizaam tot stand gekomen ‘PIP-akkoord’ onder druk komt te staan. Daarin staat dat landen virussen én kennis met elkaar delen. Fouchier over wat er allemaal gebeurde: „De WHO informeert waar ons virus vandaan komt. Het Europese centrum voor ziektepreventie vraagt om een risicoanalyse bij Volksgezondheid. De Amerikaanse overheid informeert naar de vergunningen bij Infrastructuur en Milieu. Veiligheid en Justitie kijkt naar wetgeving. Ik had zelf Infrastructuur al ingelicht, die ons artikel doorstuurden naar de coördinator terrorismebestrijding. Ik denk dat Homeland Security en Defensie ook betrokken zijn. Maar dat weet ik niet. Ik ben wetenschapper.” Geen enkel ministerie wil de contacten bevestigen, totdat er een Kamerbrief is uitgegaan.

En nu is er een onderzoekspauze in vogelgrieplabs wereldwijd. Over twee weken komen alle betrokkenen samen bij de WHO in Genève. Het moratorium is op verzoek van Fauci, die leest dat zelfs The New York Times het heeft over an engineered doomsday. Hij haalt een onwillige Fouchier over om zijn onderzoek zestig dagen stil te leggen. Fauci: „Ik ben bang voor een overreactie, waardoor er ongepaste restricties worden opgelegd.”

Dat kan een totaalverbod zijn op dit soort studies. Maar het kan ook meer toezicht en regelgeving betekenen. Van der Bruggen: „Dan kan onderzoek doen onmogelijk worden. Bureaucratie is nu al een probleem.”

    • Carola Houtekamer