Meeliften met Romney is voor sterren te gewaagd

De Republikeinse kandidaten voor de presidentsnominatie strijden ook om de steun van partijprominenten. Dat lukt Mitt Romney beter dan Newt Gingrich. Maar goed genoeg?

Dolgraag had Mitt Romney niet alleen met zijn vrouw en zoons op het podium gestaan, tijdens zijn campagne voor de Republikeinse voorverkiezingen in Florida. Het liefst had hij Jeb Bush naast zich gehad. De oud-gouverneur had Romney moeten aanprijzen bij de kiezer. Een andere hoop: Marco Rubio. De jonge Cubaans-Amerikaanse senator uit Florida heeft alles wat Romney mist: charisma, populariteit en een grote aanhang onder de Tea Party.

Het team van Romney lobbyde hard voor de steunbetuigingen van partijprominenten als Bush en Rubio. Zo’n endorsement, ‘omarming’, kan een presidentscampagne vleugels geven. In ruil voor hun steunbetuiging krijgen prominenten een plek op het podium en, wie weet, een plekje in de nieuwe regering.

Jeb Bush, die mogelijk ooit zelf president wil worden, en Marco Rubio gaven echter geen krimp tijdens bezoekjes van Romney’s medewerkers. Ze wilden zich niet vereenzelvigen met de campagne van Romney, ook al ging hij aan kop in Florida.

Het laat zien hoe strategisch het spel rond de steunbetuigingen is. De aanprijzers kunnen meeliften op het succes van de presidentskandidaat. Maar ook schade oplopen als hun keuze later de verliezer blijkt.

De bevolking van Florida is divers, waardoor de steunbetuiging voor een presidentskandidaat nooit bij alle kiezers goed valt. „Of ze zijn niet enthousiast over een van de kandidaten, of ze willen geen vijanden maken”, zei politiek analist Larry Sabato tegen nieuwszender CBS.

Romney’s team gaf niet op en deed een tegenzet. Marco Rubio was niet achter Romney gaan staan, zeiden zijn medewerkers off the record tegen Amerikaanse media, maar in de praktijk steunt hij hem wel. Hij zou zelfs in beeld zijn als vicepresident.

Ze wezen erop dat Rubio veel kritiek had op de keiharde campagne van Newt Gingrich, terwijl hij Romney prees. Romney won dinsdag in Florida, onder meer door steun van Cubaanse migranten.

Romney boekt het meeste succes in de jacht op politieke trofeeën. Achter hem staan de oud-presidenten George en George W. Bush, de geliefde gouverneur van New Jersey Chris Christie en de oud-kandidaten Tim Pawlenty en Jon Huntsman.

Henry Kissinger, oud-minister van Buitenlandse Zaken, legde onlangs uit wat er aan zo’n steunbetuiging voorafgaat. „Allemaal komen ze persoonlijk langs, ze zijn allervriendelijkst. Na een tijdje komt het onderwerp op tafel. ‘Heeft u al een keuze gemaakt’, vragen ze dan, heel voorzichtig.” Kissinger (88) besloot niemand te steunen. „Ik heb dat niet nodig. Mijn carrière is geweest.”

Een endorsement door een partijprominent pakt niet altijd zo uit als de kandidaat had gedacht. Vlak voor de voorverkiezing in New Hamsphire, drie weken geleden, verwierf Romney de steun van senator John McCain, de Republikeinse presidentskandidaat van 2008. Romney won de staat, maar het optreden van McCain op een speciale campagnebijeenkomst werd een fiasco; hij hield per ongeluk een pleidooi voor beleid van president Obama.

South Carolina liet zien dat ook partijprominenten risico’s lopen in het spel van steunbetuigingen. Nikki Haley, de gouverneur van South Carolina, omarmde de campagne van Romney al in een vroeg stadium. Haley wil herkozen worden als gouverneur en voerde samen met Romney campagne. Ze liet zich door hem toezingen op haar verjaardag, en ze mocht Romneys aanhang vertellen over hun „diepe vriendschap”. Maar onverwachts won Gingrich. Op de afscheidsbijeenkomst van Romney werd Haley niet meer gesignaleerd.

Newt Gingrich haalt minder steunbetuigingen binnen. Maar vlak voor de verkiezingen in Florida kreeg hij steun van twee prominente Republikeinen. Sarah Palin, de geestelijk moeder van de Tea Party, zei dat ze op Gingrich gaat stemmen. En ook Herman Cain, die zich heeft teruggetrokken uit de presidentsrace, prees Gingrich aan bij zijn aanhang. Hoewel zijn naam beschadigd is na aantijgingen van seksueel wangedrag, heeft Cain nog altijd volgers.

Hoewel politici en journalisten het spel graag meespelen, lijkt de kiezer niet onder de indruk van de steunbetuigingen van Republikeinse prominenten. Uit een onderzoek van Pew Research Center blijkt dat kiezers hun keus niet laten afhangen van een endorsement. Alleen de namen George W. Bush en Sarah Palin riepen bij 28 en 23 procent nog de gedachte op anders te stemmen. Maar onder andere kiezers riepen die namen zoveel weerzin op, dat het nettoresultaat verwaarloosbaar is.

Kiezers blijken evenmin onder de indruk van steunbetuigingen van een dominee of rabbijn (22 procent overweegt daar naar te luisteren) of een krant (13 procent). Campagneteams kijken daarom naar bekende Amerikanen buiten de politiek. De steun van Oprah Winfrey aan Barack Obama in 2008 was cruciaal in zijn campagne, veel belangrijker dan die van Democratische coryfeeën.

Gingrich en Romney hengelden al openlijk naar Tim Tebow, de populairste American football-speler van dit moment, die diep religieus is. Een nationaal bewonderde held kan voor iedere kandidaat het verschil maken. Maar Tebow heeft al laten weten niemand te zullen aanprijzen voor de voorverkiezingen.