Archaïsche hoofdjes

Femmy Otten: Yellow Minutes

T/m 12 febr bij Pakt, Zeeburgerpad 53, Amsterdam. Inl: pakt.nu

Femmy Otten viel het afgelopen jaar op doordat ze een heel persoonlijke manier van werken introduceerde. Otten maakt muurschilderingen van mensen, figuren die zich als dikke, archaïsche, bijna-realistische reliëfs bijna losmaken van hun witte wand. Klassieke fresco’s die tot leven komen. Otten trok er de nodige aandacht mee, bij de Open dagen van de Rijksakademie, maar die nadrukkelijk aanwezige techniek riep ook de vraag op of ze nog meer in haar mars had dan deze ‘gimmick’.

Dat is misschien wel de grootste verrassing van Ottens kleine solo bij PAKT in Amsterdam: onder haar schijnbaar eenvoudige ‘kunstje’ schuilt een subtiele poëtische rijkdom. Otten (1981) blijkt zich goed bewust te zijn van de klassieke associaties die haar stijl oproept – Etrusken, Grieken, Renaissance – door mooi aan te sluiten bij iets wat we tegenwoordig vaak vergeten: dat de Romeinen en de Grieken hun beelden ongetwijfeld beschilderden. Daar speelt Otten handig mee: haar (zelfgemaakte) houten hoofdjes die uit de muur oprijzen zijn subtiel en nauwkeurig beschilderd, maar houden hun archaïsche sfeer.

Bovendien is Ottens associatie met het verleden duidelijk niet vrijblijvend. Ook in haar overige werk (tekeningen, collages) gaat het voortdurend over de ongrijpbaarheid van het verleden en haar fascinatie voor mythes, niet alleen de klassieke, maar ook haar eigen verleden. Otten laat zien dat elk verleden in wezen een constructie is, bijna al haar beelden (tekeningen van een neerstortend vliegtuig bij een regenboog, kleine portretten op losse stukken doek) verwijzen naar ongrijpbaarheid. Dat maakt de kindertekeningen die Otten in haar wandcollages verwerkt alleen maar fascinerender: die zijn zo ‘echt’ dat je meteen denkt aan de zoektocht van kunstenaars als Paul Klee en Cobra (zie ook hun tentoonstelling, nu in Amstelveen) naar het ‘pure’ beeld. Iets soortgelijks lijkt ook Otten te drijven: zowel in de kunstgeschiedenis als in haar eigen verleden zoekt ze naar pure, eerlijke, ‘echte’ beelden, terwijl ze tegelijk beseft dat de ware puurheid allang is verdwenen, achtergebleven in de mist van de tijd. Dat is het mooie aan Ottens werk: ze weet dat verleden toch weer tot leven te wekken.

    • Hans den Hartog Jager