'Wij zijn het enige EU-land dat nog 38 maanden WW geeft'

Roeland Termote

De aanleiding

Bernard Wientjes, voorzitter van werkgeversorganisatie VNO-NCW, wil de looptijd van de WW-uitkering inperken tot een jaar. Om de noodzaak van die maatregel te onderstrepen, stelde Wientjes onlangs in De Telegraaf: „Wij zijn het enige land in Europa dat nog 38 maanden WW-uitkering geeft.”

Mogelijke interpretaties

De letterlijke claim van Wientjes is niet voor meerdere interpretaties vatbaar. Maar de strekking ervan wel. Volgens een woordvoerder van VNO-NCW heeft Wientjes duidelijk willen maken „dat we in Nederland een WW-regeling hebben die veel te lang duurt”. Dat werpt de vraag op: wat is ‘lang’? Een vergelijking met de WW-duur in andere Europese landen is een goed begin, maar daarnaast zijn ook de vraag wie in aanmerking komt voor de (maximale) WW, de totale omvang en de kosten van de regeling van belang.

En, klopt het?

De claim dat Nederland het enige Europese land is met een werkloosheidsuitkering van 38 maanden of meer, sneuvelt bij de eerste blik over de grens. Belgen kunnen gebruikmaken van een werkloosheidsuitkering van onbeperkte duur. Uit de MISSOC-databank van de Europese Unie, die zowel EU- als niet-EU-landen vergelijkt, blijkt wel dat die ongelimiteerde looptijd een uniek Belgisch verschijnsel is. Met 38 maanden bevindt Nederland zich op een tweede plaats, samen met Portugal. De 36 maanden durende uitkeringen in Frankrijk en IJsland komen dicht in de buurt.

Duitsland, Denemarken, Noorwegen en Spanje hanteren een maximum van twee jaar. Zwitserland (520 dagen), Finland (500 dagen), Zweden (450 dagen), Oostenrijk (1 jaar) en Italië (360 dagen) zijn nog strenger. In sommige voormalige Oostbloklanden is de uitkering korter dan een jaar. In het Verenigd Koninkrijk geldt een maximum van 182 dagen.

Maar er zijn ook uitzonderingen. In sommige landen, zoals Italië en Oostenrijk, geldt dat aparte groepen, zoals mensen ouder dan 50 jaar in Italië, toch langere uitkeringen kunnen genieten dan het Nederlandse maximum. Conclusie: hoewel in het gezelschap van andere uitschieters heeft Nederland een van de langste maximum looptijden van Europa.

Over de uitkeringshoogte kunnen we een vergelijkbare conclusie trekken. De WW-uitkering bedraagt in Nederland 75 procent van het laatstverdiende loon voor de eerste twee maanden en 70 procent voor alle maanden daarna. Volgens een onderzoek van de Universiteit Leiden bevindt ons land zich daarmee op de derde plaats in de EU, in een kopgroep met Luxemburg, Portugal en Frankrijk.

Uit deze gegevens valt op te maken dat zowel de uitgekeerde bedragen als de maximumduur van de WW in Nederland internationaal gezien ruim zijn. Maar daarbij moet worden aangetekend dat de meeste Nederlandse WW’ers niet de bovengrens van 38 maanden halen. Wie niet op zijn minst 52 dagen per jaar heeft gewerkt in vier van de vijf jaren die voorafgingen aan werkloosheid, ontvangt ten hoogste drie maanden WW. En wie wel aan deze eis voldoet, heeft recht op een maand uitkering per gewerkt jaar.

Dit betekent dat om de uiterste limiet van 38 maanden te halen, iemand op zijn minst 56 moet zijn en 38 jaren gewerkt moet hebben. Hoeveel WW’ers dit maximum halen, is niet exact te zeggen, maar uit cijfers van het CBS blijkt dat 28 procent van alle WW’ers in 2010 een uitkering van meer dan 12 maanden ontving.

Dan de omvang (hoogte én duur) van de WW. De Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) maakte in 2009 een internationale vergelijking van de omvang van de uitkeringen waarop werklozen een beroep kunnen doen ten opzichte van hun vorige loon. Daaruit bleek dat de Nederlandse regeling – uitgaande van een gemiddelde werknemer van 40 jaar met een ononderbroken arbeidsverleden – aanvankelijk gunstig is voor werklozen, maar dat de uitgekeerde bedragen na twee jaar sterk dalen. Dan kan de gemiddelde veertigjarige namelijk geen aanspraak meer maken op WW. Daardoor eindigde Nederland, als je uitgaat van het gemiddelde bedrag aan WW-uitkering dat na vijf is uitgekeerd, als 12de van de 27 EU-landen.

Tot slot de kosten van de WW. Door de hierboven beschreven beperkingen en omdat Nederland volgens EU-data het op een na laagste werkloosheidspercentage in de EU heeft, vallen de totale kosten van de WW in Nederland internationaal gezien mee. Dit jaar zullen ze vermoedelijk, zoals vermeld in de Miljoenennota, 4,6 miljard euro bedragen. Daarmee staat Nederland qua uitgaven per inwoner in 2009 op de 10de plaats van de 27 EU-landen.

De conclusie

Nederland is niet het enige land in Europa dat 38 maanden WW-uitkering geeft. Portugal doet dat ook en de werkloosheidsuitkering in België is van onbeperkte duur. De uitspraak van Wientjes is, letterlijk genomen, dus onwaar.

Maar Nederland behoort qua uitgekeerde bedragen en de maximumduur van de WW wel tot de Europese koplopers. Daar staat tegenover dat de gemiddelde duur van de WW in Nederland door allerlei beperkingen van de WW-rechten niet lang is. En wat kosten betreft behoort Nederland internationaal gezien tot de middenmoot. Alles meewegend beoordelen wij de onderliggende claim dat de Nederlandse WW internationaal gezien buitensporig ruim is als grotendeels onwaar.