Poetin denkt aan zichzelf als hij Assad steunt

Al groeit de druk op Syrië’s president Assad, Rusland blijft hem steunen. Waarom? Poetin vreest voor klassieke Russische belangen, maar ook aan zijn eigen politieke lot.

De Russische minister van Buitenlandse Zaken Sergej Lavrov verwoordde gisteren, tijdens een bezoek aan Australië, het Syriëstandpunt van zijn regering onomwonden: „Wij vragen niemand om af te treden – het veranderen van een regime is niet ons beroep.” Even later voegde hij daaraan toe dat alleen het Syrische volk zelf mag bepalen of president Assad moet opstappen en niemand anders.

Rusland blijft dus trouw aan het Syrische regime. De vraag is waarom. Ruslands belangen zijn niet gebonden aan de persoon van Assad. Ze worden in de eerste plaats bepaald door de wapenhandel. Daarnaast is er een kleine Russische marinebasis in het land, de enige die Moskou heeft in het Midden-Oosten.

Maar het zou wel lastig zou zijn voor de Russen als Assad wegvalt.

Syrië is nu een van Ruslands belangrijkste bondgenoten in de Arabische wereld. Als het Assad zou afvallen, zou dat Moskou onbetrouwbaar maken in de ogen van andere partners in die regio.

Het islamitische karakter van een deel van de oppositie zint Moskou niet. Het Kremlin vreest dat de opmars van het islamitische fundamentalisme op de Noordelijke Kaukasus grotendeels plaatsvindt met steun uit het buitenland, of er op zijn minst door wordt geïnspireerd.

Handhaving van het huidige regime – met of zonder Assad – is voor Moskou de prioriteit. De weigering van het Kremlin om de VN-resolutie te steunen onderstreept tegelijk ook dat Rusland tegen elke interventie in een binnenlands conflict is, waar dan ook.

Die opvatting is te herleiden naar de ernstige politieke crisis waarin het regime van premier Poetin zelf op dit moment verkeert. Zaterdag wordt een nieuwe massabetoging in Moskou gehouden. Tijdens die betoging zal een radicale verandering van het politieke systeem worden geëist.

In een poging de betogers zwart te maken en zijn populariteit aan de vooravond van de presidentsverkiezingen van 4 maart op te vijzelen, heeft Poetin zijn traditionele antiwesterse retoriek uit de kast gehaald en speelt hij opnieuw de rol van temmer van het Amerikaanse imperialisme. Want net als tijdens de Oranje Revolutie in Oekraïne van zeven jaar geleden zouden ook nu de Verenigde Staten en niemand anders achter de antiregeringsdemonstraties in Rusland zitten.

Poetin lijkt in zijn beschuldigingen te worden gesterkt door een Youtube-filmpje van de organisatoren van de massaprotesten waarin wordt gezegd: ‘Gisteren Libië, vandaag Syrië, morgen Rusland.’ Dat onwaarschijnlijke doemscenario maakt het Kremlin blijkbaar zo bang dat voorlopig het Westen weer de kwade pier is in Rusland – dat heeft Poetin gemeen met Assad.

En het heeft succes. Op de Russische radio werd vanochtend gediscussieerd over een mogelijke terugkeer van de Koude Oorlog. Menige gewone Rus ziet in iedere westerling sinds kort weer een potentiële spion.