Het is lang geen paradijs op dat Hawaï

The Descendants. Regie: Alexander Payne. Met: George Clooney, Shailene Woodley, Amara Miller. In: 44 bioscopen.

Alexander Payne is een meester in het bespelen van verschillende registers, meestal komedie en drama. In zijn doorbraakfilm Election (1999) gebruikte hij bijvoorbeeld het idioom van de tienerfilm om een serieuze satire te maken over het gebrek aan democratie in de Amerikaanse samenleving. Ook in About Schmidt (2002) en Sideways (2004) wisselen komische en ernstige momenten elkaar moeiteloos af. Zijn personages zijn meestal cynisch en gedesillusioneerd, maar ontdekken door op reis te gaan alsnog de zin van het leven. En die zit vaak in kleinere dingen dan ze dachten.

Paynes nieuwe film The Descendants (De afstammelingen) past in dit plaatje, al is het geen film over een midlifecrisis, zoals hier en daar al te gemakkelijk is geconstateerd, maar eerder over het omgaan met tegenslag. Net als About Schmidt en Sideways is The Descendants een boekverfilming, naar het gelijknamige debuut van schrijfster Kaui Hart Hemmings.

Het verhaal speelt zich af op Hawaï, de vijftigste staat van de Verenigde Staten. Hoofdpersoon Matt King (George Clooney) woont er al vele jaren en is, samen met zijn familie, erfgenaam van een aantal historische en idyllische locaties op het eiland. In voice-over vertelt hij over zijn leven en wijst hij de toeschouwer er droogjes op dat Hawaï geen paradijs is maar ook gewoon een plek waar mensen hard werken en zorgen hebben, net als ieder ander.

Hijzelf heeft ook veel zorgen: zijn vrouw ligt in coma na een bootongeluk, zijn jongste dochter Scottie gedraagt zich vreemd op school en zijn 17-jarige dochter Alex experimenteert wat al te gretig met drank, drugs en jongens. Als hij het bericht krijgt dat zijn vrouw nooit meer uit haar coma zal ontwaken en bovendien een minnaar bleek te hebben, wordt zijn misère nog groter.

Met zijn dochters gaat hij op zoek naar de identiteit van de minnaar, een uiteindelijk helende reis over de eilanden. Ondertussen moet hij ook nog eens besluiten of hij een deel van de familiegrond gaat verkopen aan een ontwikkelaar.

King is een personage dat direct aansluit bij Paynes eerdere hoofdpersonen: de schrijver Miles uit Sideways en de gepensioneerde Warren Schmidt. Tobbende ploeteraars die ontevreden zijn met hun leven dat in sneltreinvaart aan hen voorbijgaat, zonder dat ze veel plezier hebben. Ze doen hun best maar het geluk glipt hen niettemin door de vingers. Kings huwelijk was al jaren niet meer zo heel goed, toch kon hij het tij niet keren. En nu is het te laat.

Payne en Clooney maken bijna een karikatuur van King, iemand om wie je besmuikt lacht: kijk hem nou eens met z’n iets te hoog opgetrokken bandplooibroeken, kleurige Hawaï-shirts en gebrek aan autoriteit. Om een scène waarin hij in een vreemde draf naar het huis van vrienden rent, kun je bijna niet anders dan hardop lachen. Maar langzaamaan vindt King zijn waardigheid en gevoel van eigenwaarde terug en aan het eind laat hij niet meer zo gemakkelijk over zich heen lopen.

Dit proces typeert de hele film. Zo krijgt een schijnbaar eendimensionaal bijpersonage, de blowende vriend van Alex, steeds meer diepte. Wat komisch is, wordt ontroerend en vice versa, een wisseling van toon die vaak zelfs binnen één scène plaatsvindt. Zelfs de eerst nog wat lullig klinkende authentiek Hawaïaanse muziek weet uiteindelijk te ontroeren.

Payne kiest voor een stereotype en gaat er vervolgens mee aan de haal. Slechts een enkele keer verdenk je hem van neerbuigendheid jegens zijn personages en gebrek aan compassie. Waarom heeft bijvoorbeeld de schoonvader van Matt vleeskleurige steunkousen aan die tot vlak onder z’n knieën komen? Een iets te ver doorgevoerde lulligheid bij een personage dat er toch al slecht vanaf komt in de film.