Brieven

Zoveel vakantie hebben leraren helemaal niet

Enige kennis van de feiten voordat je je mengt in een discussie is doorgaans ook iets wat je leert op school. Zo niet bij Alie Verstoep uit Utrecht. Haar ingezonden brief over de docentenstaking bevat zoveel inhoudelijke misvattingen dat het ronduit pijnlijk is (Opinie, 31 januari).

Ten eerste is dit niet de „zoveelste” docentenstaking. Het is de eerste landelijk staking in twintig jaar.

Ten tweede: geen docent die ik gesproken heb maakt bezwaar tegen 40 uur extra lesgeven. Wél maken zij bezwaar tegen de 40 uur extra lesgeven zonder dat daar enige financiële of andere compensatie tegenover staat. Daarnaast is nog steeds niet aangetoond dat die 40 extra lesuren enig noemenswaardig rendement opleveren.

Uiteraard maakt Verstoep net als vele anderen gewag van ons grote aantal vrije dagen. Dit doet zij zonder te beseffen dat deze vrije dagen niet in het belang zijn van de docent, maar van de leerling. Leerlingen hebben behoefte aan een pauze na enkele weken les volgen en proefwerken maken. Zij kunnen niet vijftig weken achter elkaar door. Daarnaast blijft van al deze vakantiedagen voor mij en mijn collega’s weinig over door nakijk- en voorbereidingswerk. Net zoals vele middagen en avonden overigens.

Ten slotte is het commentaar dat „luie” docenten geen extra leerlingen in hun klas willen hebben die specifieke zorg behoeven niets minder dan beledigend. Inderdaad, in mijn klassen van gemiddeld 27 leerlingen passen deze jongens en meiden niet. Niet omdat ik daar „niet mijn best voor zou doen”, maar omdat ik hun niet de benodigde tijd en aandacht kan geven.

E.P. van der Hart

Docent geschiedenis

    • E.P. van der Hart