In Griekenland valt alles tegen

Decennialang bouwde Griekenland aan een bijna ondoordringbaar web van wederzijdse gunsten en beloften. Het zit nu elke noodzakelijk geachte hervorming in de weg.

Goed nieuws op het ministerie van Volksgezondheid en Solidariteit. Op de afdeling van onderminister Markos Bolaris, die onder meer over de uitkeringen bij handicap en ziekte gaat, is belangrijk onderzoek naar uitkeringsfraude afgerond.

De aanhoudende geruchten over overleden uitkeringstrekkers en blinde taxichauffeurs die dankzij corrupte artsen en lokale bestuurders elke maand geld krijgen, blijken te kloppen.

Het ministerie heeft een kaart gemaakt waarop te zien is welke aandoeningen waar in Griekenland voorkomen. Daardoor is opgevallen dat in de regio Viotia ongebruikelijk veel astmapatiënten zijn. En dat het aantal mensen met psychische problemen wel erg hoog is op het eiland Kalymnos.

Op Zakynthos kwamen er de afgelopen jaren opeens 350 blinden bij, allemaal patiënten van dezelfde, inmiddels erg rijke, arts.

Belangrijke informatie en een trotse onderminister. Maar deze mensen krijgen nu dus nog steeds een uitkering. Bijna twee jaar na het begin van de grootschalige internationale bemoeienis met Griekenland en terwijl het zesde ‘trojkabezoek’ loopt, dachten we inmiddels in een andere fase te zijn beland.

Het is niet dat er niets gebeurt, maar de Grieken lopen ver achter op de planning, is de voornaamste vaststelling van de trojka van Europese Centrale Bank, Europese Commissie en Internationaal Monetair Fonds. De implementatie van parlementsbesluiten is op z’n zachts gezegd traag en gebrekkig. De overheid faalt vooral waar het erom gaat zichzelf te hervormen, bijvoorbeeld door overbodige instellingen op te heffen, schoon schip te maken bij feitelijk failliete staatsondernemingen en ambtenaren te ontslaan.

Wie Griekenland volgt kan gemakkelijk verward raken over de volgorde waarin dingen gebeuren. Onder hoge druk van de financiële markten zijn in mei 2010 vergaande afspraken gemaakt over hervormingen, het verlagen van de uitgaven van de overheid, bijvoorbeeld door uitkeringsbestanden te zeven en belastinginkomsten te verhogen. Pas daarna is goed studie gemaakt van hoe Griekenland in elkaar zit en wordt bestuurd. En dat valt voortdurend tegen.

Een database waarin alle uitkeringen die worden betaald staan heeft het ministerie niet. Het onderzoek was daardoor erg moeilijk, vertelt Bolaris bijvoorbeeld. Hij is minister namens de sociaal-democratische Pasok, de partij die in oktober 2009 de verkiezingen won. In een aantal prefecturen worden de uitkeringen nog met pen en papier geadministreerd. Dat maakt het uitwisselen van gegevens lastig. Het is daardoor erg gemakkelijk om in verschillende prefecturen tegelijk een gehandicaptenuitkering te hebben. En om vrienden een uitkering te geven.

Waar het op neerkomt, vat hij samen, „is dat de artsen en andere betrokken werden betaald om aanvragen op een bepaalde manier af te handelen. En de prefecten – hoofden van bestuurlijke regio’s – waren daar ook bij betrokken. Een uitkering in ruil voor de stemmen van een hele familie en hun vrienden.”

Maar hij heeft meer goed nieuws, want hervormen in Griekenland is als schaken op vele borden tegelijk: de prefecten hebben inmiddels minder macht, onderdeel van een bestuurlijke herindeling. En er zijn nieuwe centra opgericht waar medische controles kunnen worden gedaan. Afgelopen oktober is een wet aangenomen, op basis daarvan moeten alle ongeveer 225.000 mensen met een uitkering op medische gronden zich tussen 1 februari en half maart opnieuw registreren. „Dat verdient zich gelijk terug, doordat we uitkeringen aan overledenen stop kunnen zetten.”

Nadat de database is gevormd, zal die nog moeten worden opgeschoond, door alle medische controles over te doen. Dat zal ongeveer een jaar in beslag nemen, schat Bolaris. Intussen probeert het ministerie een aantal corrupte artsen en bestuurders te laten vervolgen.

Een moeizaam proces, want geen van de betrokken heeft er belang bij om te getuigen. Er is dan ook nog niemand veroordeeld. Ook de regionale rechtbanken doen een groot deel van hun administratie nog op papier, wat de transparantie, uitwisseling en vorming van jurisprudentie niet ten goede komt.

Binnen, op de kamer van de politicus met in de hoek een glanzende EU-vlag, gaat het gesprek over vooruitgang en geboekte verbeteringen. Op de gang van het ministerie is de onveranderde realiteit te zien zoals Griekse kiezers die kennen.

Op de gang voor zijn kantoor wacht een aantal mensen al twee uur op een onderhoud met de onderminister. Ze doden de tijd met kletsen. Een ouder echtpaar hoopt op steun voor hun bedrijfsplan. Een jongere vrouw is eigenaresse van een privékliniek voor gehandicaptenzorg. Ze is verontwaardigd omdat haar kliniek – met winstoogmerk – door de belastingdienst wordt behandeld als elk ander bedrijf, terwijl ze vindt dat ze maatschappelijk relevant werk doen. Ze hoopt dat Bolaris daar persoonlijk iets aan kan veranderen.

Het web aan wetten en regels is ondoordringbaar. Wie wat gedaan wil krijgen moet de juiste contacten hebben. Wie verandering tegen wil houden ook. Zo is decennialang gebouwd aan een onzichtbaar stelsel van wederzijdse gunsten en beloften.

Dat web is de verklaring voor wat binnen de internationale gemeenschap eufemistisch ‘gebrek aan politieke wil’ in Griekenland heet. Goed georganiseerde, rijke of invloedrijke groepen slagen erin wetgeving te vertragen, door achter de schermen aan de juiste touwtjes te trekken. Of zorgen ervoor dat in het parlement aangenomen wetten, niet worden geïmplementeerd.

De uitvoering van de afspraken met de EU en het IMF uit 2010 is een stroperig proces waarin steeds twee stappen vooruit worden gedaan en weer een terug. Na een aantal radicale maatregelen in 2010, zoals hervorming van het pensioenstelsel, is het alsof er zaagsel in de raderen is gekomen.

De naderende verkiezingen, vermoedelijk eind april maar er is nog geen datum geprikt, werpen hun schaduw vast vooruit en maken dat sommige politici zich steeds openlijker distantiëren van het afsprakepakket uit mei 2010, het ‘memorandum’. Tijdens een live interview op de commerciële zender Skai zei minister Michalis Chrysochoidis, in de race voor het partijleiderschap van Pasok, bijvoorbeeld dat hij het helemaal niet gelezen heeft voordat hij de afspraken ondertekende. Daar was geen tijd voor en het was de verantwoordelijkheid van anderen in het kabinet, maakte hij zich ervan af.

Vorige week dinsdag was de frustratie van het gezicht van minister Andreas Loverdos van Volksgezondheid af te lezen, toen in het Griekse parlement werd gedebatteerd en vervolgens gestemd over de verruiming van de openingstijden van apotheken. Die moet de concurrentie tussen apotheken, waar de prijzen hoog zijn, vergroten.

De minister staat bekend als doortastend hervormer. De liberalisering van de apothekersmarkt vloeit bovendien voort uit het afsprakenpakket met Griekenland, in ruil voor de lening van 110 miljard euro. Maar een deel van Loverdos’ eigen Pasok-fractie stemde er tegen. De stem van ex-premier George Papandreou ging verloren, want die was in het buitenland voor een vergadering van de internationale socialisten. De wet sneuvelde.

Marloes de Koning