Lopend denken aan toen en nu

Nieuwe wandelroute herdenkt alle in WO II vermoorde Joden, maar is ook een pad ter bezinning

Correspondent Noord-Nederland

Nee, het is niet ‘het pad naar de hel’, of ‘een lugubere wandeltocht’. Jan Dokter (76) uit Hoorn wil het door hem bedachte Westerborkpad niet zo noemen. „Journalisten bedachten die termen, en toen ik dat las dacht ik: jeminee.”

Het 336 kilometer lange pad voert langs de spoorlijn Amsterdam-Hooghalen. Het spoor waarover duizenden Joden hun vernietiging tegemoet gingen. Jan Dokter hoopt dat het behalve een herinnering aan de vermoorde Joden vooral een wandeling ter bezinning zal zijn. „We moeten waakzaam blijven. Dat is de prijs van vrede, zoals Simon Wiesenthal ooit zei.” Het pad is onlangs officieel geopend.

Dokter, kind van een Joodse moeder en een niet-Joodse Friese vader, is een fervent langeafstandswandelaar en bergbeklimmer. Na zijn pensionering op zijn 55ste – hij had een bedrijf in automaterialen – reisde hij de wereld rond. Hij wandelde in China en Amerika. Beklom de Kilimanjaro. Maar een oproep van toenmalig premier Balkenende op Holocaust Memorial Day in 2005 zette hem aan het denken. Dokter: „Balkenende zei dat we het verhaal van de Holocaust moesten doorgeven. Hoe kan ik dat doen, dacht ik. Toen besloot ik die wandeltocht uit te zetten. Ik ben ter nagedachtenis aan al die weggevoerde Joden gaan lopen. In vier dagen, zo dicht mogelijk langs het spoor, van de Hollandsche Schouwburg in Amsterdam naar kamp Westerbork in Hooghalen. Onderweg maakte ik foto’s van monumenten.”

Die eerste keer in 2008 was emotioneel, vertelt hij. „De treinen suizen voorbij. Dan besef je dat jij daar in alle vrijheid loopt, terwijl al die mensen en kinderen in doodsangst in de treinen hebben gezeten.” Hij had gewild dat het had gestormd en geregend toen hij onderweg was. „Zodat ik had moeten afzien. Maar dat was helaas niet zo.” Dokter nam contact op met wandelsportbond KNBLO en Herinneringscentrum Kamp Westerbork. Zo werd het een gezamenlijk project, dat zich, zoals hij zegt, als een olievlek uitbreidde.

Het gaat Jan Dokter om het pad, niet om zijn eigen geschiedenis. Vaak zegt hij: „Ik heb geen verhaal.” Maar een buitenstaander zal dat anders zien. Dokter groeide op in een notarisgezin in Purmerend: „Mijn moeder droeg een gele davidster. Er waren twee Jodinnen in Purmerend en zij was er één van. Als ik met haar buiten liep scholden jongens me uit voor vuile rotjood.”

Hij was acht toen zijn opa, diamantslijper Maurits Pakkedrager uit Amsterdam, op 77-jarige leeftijd werd weggevoerd. „Ik ging graag naar hem toe. Meestal met mijn moeder. Zij zaten in de voorkamer te praten. Waarover wist ik toen niet. Later begreep ik dat mijn vader op zolder naar de BBC luisterde en dat mijn moeder die berichten doorvertelde aan haar vader. Zelf stond ik op het balkonnetje van de Paarde kraalstraat op tweehoog naar buiten te kijken. Ik herinner me dat mijn moeder maar zat te huilen om weer een nieuwe anti-Joodse maatregel. Ik weet nog dat zij een keer overstuur thuiskwam. Grootvader had een oproep voor transport gekregen, maar wilde niet. Ze moeten me wegslépen, zei hij. Dat is ook gebeurd. Hij is in een vrachtwagen gegooid, naar Westerbork getransporteerd en doorgestuurd naar Sobibor, waar hij direct is vergast.” Dokter laat de foto van zijn opa zien: een deftige man met hoed, snor en ernstige ogen. Ook toont hij het overlijdensbericht van het Rode Kruis, dat in 1950 bevestigde dat Maurits Pakkedrager op 20 april 1943 is vergast.

Behalve zijn grootvader werden drie broers van zijn moeder, hun vrouwen en vijf neefjes en nichtjes van 4, 6, 10, 11 en 16 jaar vermoord in Auschwitz. Hij herinnert zich nog hoe zijn moeder in de hal stond te gillen en te schreeuwen. „Dan was er weer iemand weggevoerd.” Zelf werd ze beschermd door haar gemengde huwelijk. „Eind 1944 wilden de moffen ook deze mensen aanpakken, maar zover is het niet gekomen.”

Maar, herhaalt Dokter, het moet om het pad gaan. Hij vertelt over de vele positieve reacties die hij kreeg. Op tafel ligt een stapeltje folders klaar. En rood-blauwe stickers die het pad zullen markeren. Er zijn vijfduizend wandelgidsen gedrukt. „De volgende druk verschijnt ook in het Engels.”

Wandelaars die de route afleggen krijgen bij aankomst in Westerbork een certificaat. Met een stempel. Hij hoopt dat het Westerborkpad een begrip wordt. „Het is een route die je maar in één richting kunt afleggen. Het pad roept op om respect te hebben voor elkaar en verdraagzaam te zijn. Want van de Holocaust heeft de mensheid niets geleerd. We moorden elkaar nog steeds uit.”