'Kind van sneeuw' van Eowyn Ivey

Je kon er op wachten: bestsellers uit Alaska. Existentiële romans die over de ruige, uitgestrekte natuur gaan, de eenzaamheid en saamhorigheid en vooral over de schoonheid van Alaska, waar je over de zalm kan wandelen en waar je elanden en beren kan schieten. De Sarah Palin-wereld in boekvorm, kortom.

Neem je Alaska als uitgangpunt voor een roman, dan heb je twee type schrijvers. Het type David Vann, dat in schitterende romans de natuur neerzet als een gekmakende leegte waar je moordlustig of suïcidaal van wordt. Daartegenover heb je het type Eowyn Ivey, een schrijfster uit Alaska met een gebreide muts en een cheese-smile op de achterflapfoto, die in de roman Kind van sneeuw (Artemis, € 19,95) schrijft over natuur en een magische wereld, over verdriet en troost.

Zoals Afghanistan zit opgescheept met Khaled Hosseini en zijn Kabul-kitsch, Frankrijk in Tatiana de Rosnay haar Holocaust-kitschauteur heeft gevonden, zo kan Alaska prat gaan op haar ultieme kitschauteur Eowyn Ivey. Kitsch omdat alle drie gevoelens koppelen aan het weer. Bij Hosseini gaan angsten gepaard met sterreloze nachten in de woestijn, bij De Rosnay met storm langs het strand en bij Ivey met heftige sneeuwval in het bos. (Het weer als graadmeter voor de stemming: een methode die door Louis Couperus in Eline Vere voor eens en altijd is vervolmaakt.) Alle drie volgden de auteurs ook creative writing-cursussen, maar hebben duidelijk de eerste les gemist. Want iedereen weet: koppel de stemming van je personage niet aan de weersomstandigheden, het is te clichématig.

Maar dit staat commercieel succes niet in de weg, want Ivey doet het goed met haar boek over een echtpaar in Alaska in 1920. Het stel is na een doodgeboren kind kinderloos gebleven, waardoor de eenzaamheid van de winters in Alaska dagelijks voelbaar is. Op een avond maken ze samen een sneeuwpop, een ‘sneeuwmeisje’. Daarna krijgen ze bezoek van een sneeuwkind, dat hun leven gaat beheersen. Geluk en angst voor verlies liggen dicht bij elkaar, zo luidt de moraal van het verhaal.

De gevoeligheid van het boek wordt gewaardeerd, evenals de gezellige blogs van de auteur waarin ze uitlegt dat mensen samen kunnen komen door romans. Zeer menselijk is ze in haar ‘letters from Alaska’, trots op haar boek in de boekwinkeletalage in haar woonplaats, dankbaar voor brieven uit het hele land over de weerklank die haar boek vindt – vooral met die van haar oma uit Florida, blij en vrolijk omdat ze ook in The Sunshine State haar sneeuwwitte overwegingen weten te waarderen. Blij met haar Noorse vertaling, bescheiden en dankbaar voor elke lezer. Blij met het succes, dat voor haar meteen bewijst dat de roman niet dood is. Eowyn Ivey is het tegenovergestelde van haar even cynische als humoristische landgenoot David Vann: lief, vriendelijk, licht verteerbaar.