Baudet 'gelooft' niet in de klimaatcrisis

Thierry Baudet wijst erop dat klimaatwetenschappers twijfelen. Dat doen ze zeker en zo hoort het ook, maar ‘niet geloven’ in een klimaatcrisis is iets heel anders, stelt Jan Terlouw.

In zijn column van 27 januari schreef de heer T. Baudet dat hij per ongeluk een lezing van mij heeft bijgewoond (op 22 januari j.l.) Hij zal daarmee bedoelen dat hij nooit uit eigen initiatief een lezing van mij over wetenschap en politiek zou willen beluisteren. Ik begrijp dat. Als de fundamentele principes van wetenschap je geestelijk eigendom niet zijn, heb je bij zo’n betoog weinig te zoeken.

Baudet zei op de bijeenkomst dat hij niet gelooft in de klimaatcrisis. Geen enkele wetenschapper gelooft in de klimaatcrisis, wetenschappers proberen door onderzoek te weten te komen hoe groot de kans is dat het klimaat door toedoen van menselijk handelen aan het veranderen is. Baudet zei tijdens de bijeenkomst met stelligheid dat er geen causale relatie is tussen CO2-concentratie in de atmosfeer en de temperatuur, waar natuurkundig onderzoek ander uitsluitsel over geeft. En passant beweerde hij dat het IPCC (International Panel on Climat Change) van de VN een corrupte organisatie is.

In zijn column geeft hij enkele voorbeelden waaruit duidelijk wordt dat het klimaat op aarde ongewisse oorzaken heeft en dat door het grote aantal variabelen de voorspelbaarheid van veranderingen en hun gevolgen moeilijk is. Zou hij echt denken dat geologen en klimatologen dat niet weten? Hij heeft het over „toegeven dat er wetenschappelijke twijfels bestaan”. Dat haalt je de koekoek. Van iedere serieuze wetenschapper is twijfel een handelsmerk, een uitgangspunt, iets waarover niet gediscussieerd hoeft te worden.

Er zijn tal van signalen waaruit blijkt dat de aarde aan het verschralen is, om niet te zeggen aan het verpauperen. Bijvoorbeeld de sterke afname van de biodiversiteit. Vele natuurwetenschappers zijn, op grond van onderzoek, van mening dat de sterk toenemende uitstoot van CO2 en andere broeikasgassen een deel van de temperatuurstijging van de laatste halve eeuw veroorzaakt. Het is op grond van geologische kennis aannemelijk dat één graad, laat staan enkele graden temperatuurstijging, het bestaan van de mens op zijn aarde aanzienlijk moeilijker gaat maken. Het IPCC acht het onwaarschijnlijk dat aan een temperatuurstijging van twee graden nog iets is te doen, een verdere stijging kan wellicht worden voorkomen.

De politiek hoort dat serieus te nemen. Duurzame energie gebruiken is technisch eenvoudig. Economisch is het lastiger, maar niet onmogelijk: het geeft ook vele mogelijkheden voor nieuwe groei, nieuwe werkgelegenheid. Het grootste probleem is van politieke aard, omdat er grote belangen mee zijn verbonden.

De essentie van mijn betoog is dat Baudet liever niet had aangehoord dat wetenschappers hun stem luider moeten laten horen. En dat het neoliberalisme het moeilijk maakt om gehoord te worden.

Jan C. Terlouw is natuurkundige, auteur en oud-politicus.