Onderdanen, wat zijn jullie klein!

Bazen voelen zichzelf groter dan de rest. Letterlijk. Ze schatten stoelen, auto’s en andere mensen kleiner in dan die in werkelijkheid zijn.

Heb je dat ook wel eens? Dat jongens op het schoolplein de baas spelen – alleen omdat ze groter, en misschien sterker, zijn?

Nou, dat blijft zo. Een beetje. Want ook bij grote mensen worden de langsten gemakkelijker de baas.

Het gaat haast vanzelf. Als je mensen een groepsfoto laat zien bijvoorbeeld, dan denken de meesten automatisch dat de langste man op de foto de leider is. Ook als mensen breeduit gaan zitten en veel ruimte innemen, denken anderen: dat zijn vast bazen.

Waarschijnlijk krijgen lange mensen daarom vaker een baan als baas, van een fabriek ofzo. Vaak krijgen ze zelfs een hoger salaris dan anderen voor hetzelfde soort werk. Ergens in het achterhoofd van mensen zit kennelijk het idee: lange mensen zijn leiders.

Maar is het omgekeerde ook waar? Als mensen ergens de baas worden, voelen ze zich dan ook groter?

Dat vroegen Amerikaanse onderzoekers zich af. En ze vonden het antwoord met grappige proefjes (ze staan in Psychological Science).

Eerst lieten ze een groep mensen een nepexamen doen. Sommige van die mensen kregen te horen dat ze beter geen baas konden worden. Andere kregen juist de nepuitslag dat ze ‘echte leiders’ waren. Daarna moesten ze allemaal een poppetje van zichzelf tekenen op de computer.

Wat bleek? De zogenaamde bazen tekenden zichzelf een stuk groter dan de niet-bazen. Alsof ze een beetje boven anderen uitstaken. Toen ze daarna moesten vertellen hoe groot voorwerpen in hun omgeving waren, schatten ze die voorwerpen juist weer kleiner in. Alsof de rest van de wereld was gekrompen. Of: zijzelf langer waren geworden.

Lang zijn helpt dus om baas te worden. Maar baas worden helpt om je langer te voelen. Wilden Napoleon, de Franse president Sarkozy en de Italiaanse premier Berlusconi óók daarom machtig worden?