Het is gedaan met van de vrouw de macht

Het ruilmiddel seks is van steeds minder waarde, constateert Beatrijs Ritsema. Ongunstig voor vrouwen die een blijvende man zoeken.

In een gesprek over jaloezie vertelde een vriend eens dat hij met terugwerkende kracht jaloers was op de vroegere vriendjes van zijn vrouw. Het ging hem daarbij niet om de mannen (jongens) zelf, het was de wetenschap dat zijn vrouw in de bloei van haar jeugd door anderen dan hij was bezeten. Ze waren elkaar tegengekomen toen ze allebei begin dertig waren. Zij was toen, en nu twintig jaar later nog steeds, een mooie vrouw, maar het toppunt van haar schoonheid had hij gemist. Hoewel hij besefte dat het onzin was, stak het hem dat hij in dat opzicht achter het net had gevist.

Bij dit soort achterafjaloezie kan ik me weinig voorstellen. Het lijkt me iets typisch mannelijks. Ik hoor nooit vrouwen over spijt dat ze de jongelingsjaren van hun man hebben gemist. Zelf ken ik dat gevoel ook niet. Dit verschil tussen mannen en vrouwen in hoe ze op vroegere relaties van hun huidige partners terugkijken, zegt iets over hun houding tegenover seks in het algemeen.

Vrouwen hebben minder moeite met de seksuele geschiedenis van hun man dan andersom. Waar mannen zonder vrees voor reputatieschade in seksuele relaties kunnen grossieren, zijn vrouwen eerder geneigd tot het downplayen ervan. Dit blijkt in elk geval uit de onderzoeken naar aantallen sekspartners. Mannen rapporteren keer op keer hogere cijfers dan vrouwen, iets wat feitelijk onmogelijk is.

De dubbele moraal – dat promiscuïteit van mannen minder verwerpelijk is dan van vrouwen – mag dan overbodig zijn geworden sinds de seksuele revolutie, de uitvinding van de pil en de vrouwenemancipatie, ondergronds woekert ze nog onverminderd door.

Mannen en vrouwen hebben niet dezelfde inzet, als het op seks aankomt. In de ruilhandeltheorie van Roy Baumeister is seks een product dat op de markt wordt verhandeld volgens de wetten van vraag en aanbod. De mannelijke vraag naar seks is groter dan het aanbod aan vrouwenzijde. Seks is een schaars goed, zoals valt af te leiden uit de prostitutiebranche, waarvan de klandizie bijna uitsluitend uit mannen bestaat. De schaarste van seks brengt met zich mee dat de aanbieders (vrouwen) een vorm van compensatie terugverwachten van de vragers (mannen), in ruil voor de geboden gunsten en diensten. Seks zelf is niet voldoende als beloning. Daarvoor is het te duur: je loopt kans op zwangerschap en een kind waar je de rest van je leven aan vastzit.

Die compensatie kan bestaan uit etentjes, cadeautjes, complimenten en aandacht, maar de beste compensatie denkbaar is natuurlijk een huwelijk of geregistreerd partnerschap, waarin de eventuele consequenties van seks (kinderen) kunnen rekenen op een veilig toekomstperspectief. Waar het bij mannen erom gaat een vrouw te krijgen, zijn vrouwen erop uit een man te hebben. Oftewel: seks is voor mannen een doel en voor vrouwen een middel.

In een cultuur van seksuele vrijheid hoeft een vrouw niet te vrezen voor reputatieschade als zij zich overgeeft aan recreatieve seks zonder voortplantingsoogmerk. Vrijheid, blijheid en iedereen heeft plezier. Vrouwen kunnen net zo goed als mannen de rol van jager/ vrager spelen op de markt van seks. Toch zijn de posities niet inwisselbaar. Als de drempel van vrouwen voor seks zakt, wordt de seks als zodanig goedkoper, en al helemaal als, zoals nu het geval is, het aantal vrouwen ook getalsmatig stijgt. In de vier grote steden lopen er globaal gezien vijf hoogopgeleide vrouwen rond op vier hoogopgeleide mannen. Die scheve verhouding geldt a fortiori voor de aantallen studenten: veel meer meisjes dan jongens.

Het is voor deze categorie vrouwelijke twintigers moeilijk om een man te vinden die bij ze wil blijven, omdat hun traditionele troef (seks) overal verkrijgbaar is tegen relatief lage kosten. Het is bijgevolg een beetje afgelopen met de romantische hofmakerijconventies waar veel tijd en energie in gaat zitten. Seks dient zich snel aan en waarom ook niet.

Nu wíllen veel van deze twintig-plusvrouwen ook helemaal nog geen ‘man voor de heb’. Ze vermaken zich best met hooking-up, als dat zo te pas komt, of met uitzichtloze verliefdheden op verkeerde mannen. Maar tegen de tijd dat ze – omstreeks hun dertigste – serieus een man willen en rap een beetje, is hun traditionele sekstroef in waarde gezakt. Die waarde was toch al niet zo hoog.

Laagdrempelige seks heeft het moeilijker gemaakt voor vrouwen om een man te vinden. In een cultuur van seksuele vrijheid draaien de man-vrouwbetrekkingen om romantiek en het volgen van je impulsen, met als gevolg veel onvrijwillig single vrouwen die de ware maar niet kunnen vinden. Het traditionele script van hoogdrempelige seks bood vrouwen minder vrijheid, maar wel meer macht. Nog steeds zijn vrouwen erbij gebaat voor de bui binnen te zijn, terwijl mannen helemaal geen bui over zich heen krijgen.

Beatrijs Ritsema (1954) is psycholoog en publiciste.