Dr. Zeepaard vist ijs op

de proefjesfabriek

Dr. Zeepaard houdt natuurlijk het meest van warm water. Naar de poolstreken reizen? Nou nee, bedankt. Maar hij weet wel hoe je ijs kunt opvissen: kijk maar!

Wat heb je nodig? - Twee borden, 30 centimeter naaigaren of acrylwol, kraanwater, zout en een ijsklontje dat zo uit de diepvries komt.

Wat moet je doen? - Maak het garen nat onder de kraan.

- Leg het ijsklontje op een bord.

- Leg het midden van het natte draadje over het ijsklontje.

- Strooi wat zout op het andere bord.

- Neem tussen je vingers een snufje zout en strooi het op het draadje op het ijsklontje.

- Wacht 1 minuut. Pak het draadje aan beide uiteinden en probeer het ijsklontje op te tillen. Lukt het?

Hoe kan dat? Normaal bevriest water bij nul graden Celsius (0 °C). Het ijsklontje is dus nul graden of kouder. Maar zout water bevriest bij een temperatuur lager dan 0 °C. Daarom wordt in de winter zout op de wegen gestrooid: sneeuw en ijs smelten dan, zelfs al is het nul graden! In dit proefje gebeurt hetzelfde. Het ijs rond het zout is nul graden en gaat smelten. Dat smelten kost energie. Warmte is een vorm van energie. Om te smelten haalt het ijs warmte uit het zoute water en zo daalt de temperatuur van dat zoute water. Maar onder en in het natte draadje zit geen zout. Dat water, en dus het draadje, door de lagere temperatuur vast aan het ijsklontje.

Meer: www.expeditionchemistry.nl