De tempel zonder drempel

Typische transfers of bonje in de boardroom, lekkere bonussen of gebroken beloftes? De Nieuwe Firma is er bij – iedere zaterdag.

Oh, had Nederland ook maar meer Mitt Romneys, gonst het in de gangen van het Concertgebouw. De Amerikaanse presidentskandidaat mag dan via zijn adresjes in Zwitserland, Luxemburg en de Kaaimaneilanden weinig belasting betalen, hij schonk de afgelopen twee jaar wel mooi een dikke 7 miljoen dollar. Liefdadigheid.

Vanaf het Museumplein werkt de crème de la crème van de Nederlandse zakenwereld al bijna een half jaar aan een mooi cadeau voor het Concertgebouw – de „tempel zonder drempel”, volgens directeur Simon Reinink.

Die draait eigenlijk al sinds oprichting in 1882 op privaat geld. Niks subsidiejunks. Een voorbeeld voor politici die meer markt en minder overheid in de cultuursector propageren. Volgend jaar bestaat het Concertgebouw 125 jaar. Tijd voor een jubileumemissie. Een buitenkansje.

Alle grote banken van Nederland zijn betrokken. Vele politici, bankiers en ondernemers. In het bestuur van de bevriende stichting zitten beroepsinvesteerders als Volkert Doeksen (Carlyle) en Caroline Huyskes-Van Doorne (Egeria). Hier knettert het beste ouwejongensnetwerk van Nederland.

En wat is de opbrengst na maanden leuren en sleuren en een extreem verlengde inschrijvingstermijn?

Zes miljoen euro. De helft van de doelstelling. „Na 11 april duurt het misschien wel opnieuw 125 jaar voordat je een aandeel van Het Concertgebouw zult kunnen verwerven”, reclameerde directeur Reinink bijna wanhopig deze week. De Nederlandse elite houdt van cultuur, maar nog iets meer van haar bankrekening.

Jeroen Wester