Zuilen van licht stralen als een Romaanse kerk

Licht laat de binnenstad van gent van een andere kant zien. Het Lichtfestival legt andere accenten en maakt van een telefooncel een stralend aquarium, met vissen.

Een kerk uit 55.000 ledlampjes die samen niet meer energie verbruiken dan een wasmachine. Daarmee opent het Lichtfestival Gent 2012. Sinds gisteravond maken negenentwintig lichtsculpturen de ook overdag al bekoorlijke binnenstad van Gent nog feeërieker. Langs een parcours van vier kilometer door de middeleeuwse straten en pleinen duiken tot en met zondagnacht kleinschalige lichtkunstwerkjes op zoals de telefooncel van kunstenaarsduo Bufalino en Deseille, die is omgebouwd tot een lichtgevend aquarium. Mét levende goudvissen en zeewier. Maar sommigen zien het groter, zoals de familie De Cagna met hun immense lichtinstallatie de Luminarie De Cagna. De Italianen die recent een lichtkoepel plaatste boven het beeld van Anton Philips in Eindhoven, bouwden in Gent met ledlampjes een 28 meter hoge zuilengalerij van een Romaanse kerk na.

Gent wil zichzelf met het festival duidelijker profileren als ‘lichtstad’, legt woordvoerster Kaat Heirbrant uit. Sinds 1999 heeft de stad een uniek lichtplan, ontworpen door de Franse lichtontwerper Roland Jéol die ook heeft meegewerkt aan de belichting van Lyon, Parijs, Turijn en Zürich. „Opmerkzame bezoekers zien hoe Gent ’s nachts verandert in een andere stad. Dankzij de belichting worden er andere accenten gelegd. Zo vallen op de Kalandeberg niet meer de imposante centrale gebouwen op maar de kleine bouwwerkjes langs de zijkant.”

Om de belichting van de stad ook bij het grote publiek onder de aandacht te brengen, besloot Gent in 2011 een eerste ‘lichtfestival’ te organiseren. „Tot onze eigen verbazing trok het ondanks de vrieskou op vier dagen meer dan 200.000 bezoekers”, zegt Heirbrant. Een tweede, grotere editie leek logisch.

De belangrijkste inspiratiebron van het Gentse festival is het lichtfestival van Lyon. Gent houdt het kleinschaliger - Lyon trekt jaarlijks vier miljoen bezoekers - en legt eigen accenten. Heirbrant: „Wij programmeren breed, selecteren een aantal publiekstrekkers, maar maken ook plaats voor kleinere artistieke projecten zoals de videoprojecties van Kris Verdonck. Verder wordt werk van kunststudenten getoond.”

In verschillende sculpturen speelt dit jaar het thema geluk een rol. Een eerbetoon aan schrijver Maurice Maeterlinck die lange tijd in Gent woonde en als enige Belg ooit de Nobelprijs literatuur kreeg. Honderd jaar geleden verwierf hij de prijs dankzij zijn symbolistische sprookje L’oiseau bleu over de zoektocht van twee kinderen naar ultiem geluk.

Dat Gent sinds de installatie van het lichtplan rationeler met energie omgaat, moest ook zichtbaar worden gemaakt. Heirbrant: „Zo verbruikt de lichtkerk slechts 20kWh en is Les oiseaux de mr. Maeterlinck, een boom gevuld met lichtgevende blauwe vogels, een energieneutrale installatie.” In 2011 was er tijdens het festival geen wezenlijke verhoging van het energieverbruik in Gent. Het dimmen van de meeste straatverlichting is dus niet enkel voor de sfeer, maar helpt ook bij de besparing.

Het festival is vooral indrukwekkend op plekken waar de sculpturen gebruikmaken van de gevels en interieurs van de talrijke middeleeuwse gebouwen. Zoals bij de immense projectie van het sprookje On dirait que... door Spectaculaires op het oude postgebouw, maar ook in de gotische Sint-Baafskathedraal. Die werd binnenin volledig verduisterd op enkele ‘bomen’ met verlichte takken na. Bezoekers van de kathedraal kaatsen met kleine handspiegeltjes licht van de bomen naar details in het kerkinterieur die ze de moeite waard vinden. Setdesigners Arf&Yes willen zo een gezamenlijke en tegelijk ‘individuele’ belichting van het erfgoed creëren. De meer interactieve sculpturen binnenin kerken en andere gebouwen vormen een welkome afwisseling op de activiteiten buiten.

Wie had gehoopt de gure januariwind te bestrijden met glühwein of een neut jenever komt in Gent bedrogen uit. Ondanks de omvang en populariteit van dit winterse festival, ook gisteren was het koppen lopen, waren nergens drank- of eetkraampjes te vinden. Met tienduizenden de nachtelijke sfeer in een historisch stadcentrum opsnuiven zonder de glühwein- en hamburgerdampen, het bestaat nog.