Naar het evenbeeld van... Bob

Meg Rosoff: In het begin was er… Bob. Vert. Jenny de Jonge. Moon, 255 blz. € 17,95. 15+

Gods wegen zijn ondoorgrondelijk, tenzij je weet dat Hij een lamlendige puber is. Zo eentje die liever in bed blijft liggen dromen van lekkere meiden, ook al wacht er een bureau vol smeekbeden. De aarde was na een pokerspelletje in handen gevallen van een gokverslaafde godin, die hem weggaf aan haar puberzoon Bob. Godzijdank is er Bobs secondant, ‘meneer B’, een ploeterende kantoorklerk die wél af en toe een gebed verhoort en Bobs fouten gladstrijkt.

Het uitgangspunt van In het begin was er... Bob, de vijfde jeugdroman van Meg Rosoff – je weet nooit wat te verwachten van deze kameleontische jongerenauteur – is een gedachte-experiment. Wat als God een humeurige, onverschillige puber was? Nou, hij zou zich zes dagen aan het scheppen zetten en dan achterover leunen, zelfvoldaan grijnzend bij de aanblik van ‘het hele misvormde eigenaardige zootje, maar niet voordat hij een zo gedurfde scheppingsdaad verrichte, zo’n volstrekte ramp, zo suïcidaal en fout’: hij schiep de mens. Naar zijn evenbeeld, nota bene. ‘Waarvan iedereen kon zien dat het zonder meer vragen om onheil was.’ God/Bob rust nu op zijn lauweren en haalt Afrika en Amerika door elkaar, waardoor Sudanezen zonder water zitten en mensen in Florida onder water.

Met zo’n Almachtige, kortom, had de wereld er precies zo uitgezien als we hem kennen. Dat een christelijke school in Groot-Brittannië een optreden van Rosoff afzegde, verbaast niet echt: zo liederlijk en seksbelust als in In het begin was er… Bob kennen we God sinds de klassieke oudheid niet meer.

Maar of de schooljongens en -meisjes van hun geloof zouden vallen door het boek, is de vraag. Dat lijkt ook niet de bedoeling: het schurkt wel aan tegen grote levensvragen (die ook voor niet-gebruuskeerde niet-christenen het overdenken waard zijn), maar de verleiding om te geloven dat het gedachte-experiment meer oplevert dan goede grappen is niet sterk genoeg.

Dat is het mankement van In het begin was er… Bob: het blijft te raar. Rosoffs onstuimige verhaallijnen zijn te dun om je werkelijk mee te voeren. Ze laat Bob verliefd worden op een stervelinge, waarna zijn wankele gemoed wereldwijd het weer ontregelt. Ze laat Bobs moeder zijn huisdier vergokken, ze laat meneer B zijn ontslagbrief schrijven – en daarmee het noodlot opdoemen.

Het experiment van Rosoff komt niet uit de verf, maar zoals al haar romans is In het begin was er… Bob weer weldadig goed geschreven, en het mag er alleen al daarom wezen. Een stijloefening van het kaliber van Godverdomse dagen op een godverdomse bol van Dimitri Verhulst, gecombineerd met een goddelijk-filosofische inzet à la A.F.Th. van der Heijden – dat vind je ook niet vaak in de jeugdliteratuur.