'Meldingsplicht stelt nu niets voor'

De Tweede Kamer wil dat hooligans strenger gestraft worden. Vijf vragen over de voetbalwet.

Voetbalhooligans moeten langere straffen krijgen en stadionverboden zouden voor alle stadions in Nederland moeten gelden. Een meerderheid van de Tweede Kamer wil daarom de voetbalwet aanscherpen: PvdA, CDA en PVV zijn voor. Gisteren kwamen alle betrokken partijen langs in de Tweede Kamer, om te vertellen wat zij vinden. Van voetbalbond KNVB tot de Rotterdamse burgemeester Ahmed Aboutaleb tot politievakbonden en supportersclubs.

1 Waarom werkt de voetbalwet nu niet?

De wet werd anderhalf jaar geleden ingevoerd om voetbalvandalen beter te kunnen aanpakken. Nu zegt onder andere de KNVB dat de wet niet hard genoeg is en niet voldoende afschrikt. Aanleiding voor de Tweede Kamer om de wet opnieuw te bekijken, zijn vooral de aanhoudende rellen bij wedstrijden: vorig jaar waren er onder andere vechtpartijen bij de Kuip in Rotterdam en in Utrecht.

2 Wat moet er veranderen om de wet wel te laten werken?

Burgemeesters kunnen hooligans nu voor maximaal drie maanden een stadion-, gebiedsverbod en een meldingsplicht tijdens wedstrijden opleggen. „Die meldingsplicht stelt nu niets voor”, zei burgemeester Aboutaleb gisteren: „Zo’n vandaal pakt de tram en staat alsnog binnen een kwartiertje bij het stadion.” Naast een uitgebreidere meldingsplicht wil de Kamer dus ook de straf verlengen, van nu maximaal drie maanden naar minimaal een jaar. En het strafrechtelijke stadionverbod moet niet zoals nu voor één stadion gelden, maar voor alle Nederlandse stadions.

3 Helpt dit soort maatregelen werkelijk tegen rellen?

Henk Ferwerda, de onderzoeker in het gezelschap gisteren, betwijfelde of het helpt om relschoppers een langer verbod op te leggen. Het verhogen van de pakkans én de straf zo snel mogelijk uitvoeren is veel belangrijker om herhaling te voorkomen, zei hij. De pakkans is bij voetbalrellen nu juist klein: in de grote groepen die in het donker door de straten struinen, met sjaals om en petten op, is het voor de politie lastig vaststellen wie nou wat doet. Ferwerda: „Meer mobiele camerateams zou een oplossing zijn, zodat je achteraf nog verder kunt met rechercheren.” En dan dus snel oppakken, want de tijd tussen het strafbare feit en de vergelding daarvoor moet zo kort mogelijk zijn, zodat de vandaal het verband ertussen voelt en de volgende keer niet meedoet.

4 En ook supporters die niets gedaan hebben kunnen straks dus worden gearresteerd?

Naar de mogelijkheid om hele groepen te kunnen aanpakken, vroegen vooral het CDA en de PVV. „Je was erbij, dus je bént erbij”, noemde CDA’er Coskun Çörüz dat. „Wij willen dat niet alleen rij één wordt opgepakt, maar ook rij twee. Je hoeft daar op dat moment niet te zijn, je kunt weglopen.” Volgens Theo Hofstee, hoofdofficier van Justitie in Amsterdam, is iemand die zich niet onttrekt aan een groep die openlijk geweld pleegt, nu ook al strafbaar. „Maar wíé je uit de groep dan aanhoudt en wannéér precies, is dan ontzettend belangrijk”, zei Hofstee.

5 Dat komt dus neer op een betere handhaving van de wet?

Ja, de belangrijkste conclusie is dat de betaald voetbalorganisaties, burgemeesters, politie en het Openbaar Ministerie nog veel beter kunnen samenwerken om rellen te voorkomen. Of zoals de advocaat Jan van der Grinten uit het gezelschap zei: „Hoeveel je ook aan die wet sleutelt, feit blijft dat iemand wel een dossier moet hebben op basis waarvan je iemand kunt straffen.”

Enkele sprekers – zoals Annemarie Jorritsma, de burgemeester van Almere – vonden het wel érg snel om na anderhalf jaar een wet te evalueren en aan te passen. „Iedereen zit nog volop in zijn eigen drukte, de samenwerking kan nog veel en veel beter.” Ook de bestuurlijke samenwerking kan nog beter, zei zij: „Ik heb nog nooit een telefoontje gehad van burgemeester Van der Laan uit Amsterdam om hooligans thuis te houden, terwijl ze zeker weten ook in mijn gemeente wonen.”

In april evalueert de Kamer de voetbalwet, met minister Opstelten (Veiligheid en Justitie, VVD).