De cao's en de impasse

Het zijn er al bijna een op de vijf: werknemers die wachten op een nieuwe collectieve arbeidsovereenkomst (cao). Dat is inderdaad, in de woorden van werkgeversorganisatie AWVN, uitzonderlijk veel. Het gevolg is dat de oude cao’s doorlopen, ook al is hun termijn verstreken.

Een belangrijke reden voor het uitblijven van nieuwe arbeidsvoorwaarden is de onzekerheid over de loop van de economische conjunctuur en over nieuwe bezuinigingen van het kabinet-Rutte. En ook deze twee factoren hangen weer samen. Het is op dit moment hoogst ongewis hoe de economie zich in 2012 en de volgende jaren zal houden. Het basisscenario is er een van recessie, gevolgd door lage groei. Maar het kan ook verkeren. Juist recent zijn er tekenen dat de economie mogelijk weer aantrekt. Of dat lukt, hangt samen met hét hoofdpijndossier van de afgelopen twee jaar: de eurocrisis.

Bedrijven zetten zich terecht schrap. Het percentage van het nationaal inkomen dat bedrijven in Nederland aan winst maken, bedraagt volgens het Centraal Planbureau dit jaar 7,5. Dat is het laagste sinds 1996 en een teken dat de winstgevendheid behoorlijk onder druk staat. Het is begrijpelijk dat werkgevers voorzichtig zijn en ervoor waken dat zij de eventuele gaten moeten repareren die de komende bezuinigingen in de koopkracht slaan. In een eurozone waar de loonkosten per eenheid product steeds meer bepalend zijn voor de concurrentiekracht, is het essentieel dat Nederland gelijke pas houdt met het economisch sterke Duitsland.

En dan zijn er ook nog de pensioenperikelen. Ook werknemers hebben te maken met al de genoemde onzekerheden, aangevuld met de benarde toestand van de woningmarkt. Hun inkomen hield de inflatie de afgelopen jaren niet of nauwelijks bij. Hun wens dat er een einde komt aan het duurzaam wegsijpelen van hun koopkracht is begrijpelijk.

De omstandigheden maken dat het sluiten van een compromis al tijdenlang niet meer neerkomt op het inleveren van luxe door beide partijen, maar op het incasseren van pijn. Werkgevers en werknemers dragen, door het uitblijven van een overeenkomst, nu zelf ook bij aan de economische onzekerheden die de cao-onderhandelingen zo lastig maken. Die cirkel moet worden doorbroken, maar het ziet er niet naar uit dat dit snel zal gebeuren.

In maart komt het Centraal Planbureau met de nieuwste ramingen voor de economie en de rijksbegroting. Op basis daarvan zal dan Den Haag besluiten welke bezuinigingsmaatregelen moet worden genomen. Als met de cao-onderhandelingen daarop moet worden gewacht, dan zij het zo. Maar het verplicht alle partijen er wel toe daarna snel tot zaken te komen. Nog meer onnodige onzekerheid kunnen economie en samenleving niet gebruiken.