Brabant mag niet op eigen omroep korten

De provincie mag van de rechter niet bezuinigen op Omroep Brabant. Goed nieuws voor alle regionale zenders. Voorlopig.

Niet alleen bij Omroep Brabant ging gisteren de vlag uit nadat de bestuursrechter in Den Bosch een subsidiekorting van de provincie Noord-Brabant had vernietigd. De provincie had volgens de rechter de korting onvoldoende onderbouwd en schond zo de wettelijke zorgplicht die ze voor de omroep heeft. En die uitspraak is van belang voor alle regionale omroepen.

Zeven van de dertien regionale omroepen in Nederland moeten bezuinigen van hun provincie; variërend van 5 procent tot vijftien procent. Brabant zou dit jaar 400.000 euro minder krijgen, oplopend tot 1,7 miljoen in 2015; 15 procent van het budget. Omroep Brabant was de eerste die naar de rechter stapte. RTV Rijnmond, Omroep Gelderland, RTV Utrecht en RTV Noord-Holland kondigden aan te volgen.

Volgens de omroepen schenden de provincies artikel 2.170 van de Mediawet, waarin staat dat de provincies verplicht zijn om voor de omroepen te zorgen, en ze op het niveau van 2004 te houden. Provincies en omroepen lezen ‘niveau’ anders: volgens de eerste gaat dat om de omvang van de activiteiten, volgens de laatste om het geld. Voor het vervullen van hun zorgplicht krijgen de provincies van het rijk jaarlijks samen 142 miljoen euro. Geld dat volgens de omroepen lang niet allemaal bij hen terechtkomt.

Nu de regionale kranten sterk krimpen of verdwijnen, zijn de burgers steeds meer op de regionale televisie en radio aangewezen, stellen de omroepen. De omroepen zouden een belangrijke publieke taak hebben, om het provinciaal en gemeentelijk bestuur te controleren. Verder dienen zij als calamiteitenzenders. Daar kun je tegenin brengen dat de burgers dit belang niet bepaald inzien: regionale zenders hebben een marktaandeel van rond de één procent. De kijkers besteden één procent van hun kijktijd aan regionale tv.

De omroepen houden zich vast aan het kabinetsplan om de regionale - en de landelijke omroepen meer samen te laten werken. Regeringspartij VVD wil zelfs dat de regionale omroepen ruimte krijgen op Nederland 3. Op die zender moeten zij onder meer ‘vensters’ kunnen uitzenden met regionale actualiteiten. Dan zou ook de financiering veranderen: meer rechtstreeks vanuit het Rijk. Dat hoeft niet per se een verbetering te zijn: de provincies gaan niet verder dan 15 procent bezuinigen, het Rijk laat de landelijke omroepen het dubbele daarvan inleveren.

Overigens is de gerechtelijke uitspraak maar een tussenstand. Als de provincie beter onderbouwt waarom de omroep wel degelijk goedkoper kan – gaat de bezuiniging toch door.