Altijd de auteur van dat ene boek

Joseph Heller (1923- 1999) schreef romans, korte verhalen en toneelstukken, maar zou altijd de schrijver blijven van Catch 22. Toch vinden sommigen zijn tweede roman beter

Tracy Daugherty: Just One Catch. A Biography of Joseph Heller. St.Martin’s Press, 548 blz. € 31,-

Het is een hardhandige zegening om te debuteren met een boek dat meteen legendarisch wordt. Joseph Heller (1923-1999) schreef zeven romans, twee memoirs, korte verhalen en een paar toneelstukken, maar zou altijd de schrijver blijven van Catch-22, de roman waarmee hij in 1961 debuteerde.

Doordat de titel zo is ingeburgerd, is het een vreemd idee dat het boek oorspronkelijk Catch-18 zou gaan heten. Op het laatste moment moesten schrijver en uitgever op zoek naar een ander getal, omdat in datzelfde jaar bestsellerauteur Leon Uris met een roman kwam die Mila 18 heette. Na alternatieven als 11 en 14 te hebben overwogen, koos men uiteindelijk voor 22.

Inmiddels zijn er van deze satirische anti- oorlogsroman meer dan tien miljoen exemplaren verkocht. Er zullen dan ook maar weinig lezers zijn die nooit hebben gehoord van bommenrichter Yossarian, die in de Tweede Wereldoorlog op een eiland in de Middellandse Zee is gestationeerd en op een gegeven moment geen bombardementsvluchten meer wil maken omdat hij er sterk op tegen is dat er op hem wordt geschoten.

Dat Heller nog steeds met zijn debuut vereenzelvigd wordt, blijkt ook uit de titel van Tracy Daugherty’s biografie die onlangs verscheen: Just One Catch. Een catchy woordspeling, zeker, maar het heeft bijna iets wreeds om in de titel van de eerst grote biografie die aan hem is gewijd Heller meteen weer op dat ene boek vast te pinnen.

Monoloog

Want zijn tweede roman, Something Happened, mocht er ook zijn. Het boek verscheen pas in 1974, dertien jaar na Catch-22. Ook dat zegt iets over de verlammende werking van succes. Volgens sommige critici is deze lange monoloog van zakenman Bob Slocum over zijn gezins- en kantoorleven het beste boek dat Heller ooit schreef, en misschien hebben ze nog gelijk ook.

Het is een bekende anekdote: telkens wanneer Heller voor de voeten werd geworpen dat hij nooit meer een boek had geschreven dat zo goed was als Catch-22, antwoordde hij: ‘Wie wel?’ Eigenlijk had hij zijn opponent zwijgend een exemplaar van Something Happened moeten overhandigen.

Heller werd in 1923 geboren in Coney Island, als zoon van joods-Russische immigranten. Als 19-jarige ging hij het leger in, en in 1944 vloog hij als bommenrichter zestig missies boven Frankrijk en Italië. Uit Daugherty’s biografie blijkt dat Heller veel van de personages en situaties uit Catch-22 aan de werkelijkheid heeft ontleend. Ook de problemen die Bob Slocum in Something Happened met zijn vrouw en kinderen had, baseerde Heller op eigen ervaringen; iets dat zijn vrouw hem overigens niet in dank afnam.

Een schrijver die zijn eigen belevenissen als basis voor zijn werk gebruikt, is dankbaar materiaal voor een biograaf: passages over het oeuvre reflecteren het leven, en omgekeerd; zo kan leven en werk tot één verhaal worden vervlochten.

In zijn poging dat verhaal goed te beginnen, heeft Daugherty geprobeerd te ontkomen aan een bekend biografenprobleem: Het Saaie Eerste Hoofdstuk, waarin familiestambomen en vroege jeugdjaren worden behandeld. Daarom begint hij met een paar andere episodes uit Hellers leven, maar omdat hij daarbij goochelt met de chronologie, pakt dat niet zo gelukkig uit.

Afgezien daarvan heeft Daugherty zich adequaat van zijn taak gekweten. De armoede van Coney Island, de ingrijpende oorlogservaringen, de hardnekkige pogingen voet aan de grond te krijgen als schrijver, de moeizame conceptie van Catch-22, het enorme succes en de worstelingen daarna – Daugherty maakt er een soepel verhaal van.

Heller wordt neergezet als een egoïstisch en charmant zondagskind, dat moeilijkheden het liefst uit de weg ging. Hij wordt familiair aangeduid als ‘Joe’, en het feit dat de biograaf ook een aantal romans heeft geschreven, echoot door in de stijl. (‘A gust of wind blew leaves among the curb. Joe pulled his coat collar up. On afternoons like this, he almost wished he’d stayed in California.’)

Het Saaie Schrijversbestaan

Daugherty besteedt veel aandacht aan de moeizame totstandkoming van Hellers twee grote romans en de grote rol die redacteur Robert Gottlieb speelde bij het inkorten en fatsoeneren van de ongeordende manuscripten. Maar wanneer Heller eenmaal een gevestigd auteur is, wordt de biograaf met een volgend biografenprobleem geconfronteerd: Het Saaie Schrijversbestaan.

Daugherty lost dat op met forse uitweidingen. Hij besteedt veel aandacht aan de verfilming van Catch-22 en gaat ook in op de traditie van joodse humor waarin hij Heller plaatst. Hij beschrijft uitgebreid hoe de joodse komieken die optraden in de Borscht Belt, de vakantieparken waar joodse New Yorkers hun zomers doorbrachten (en waar de jonge Heller zijn vrouw ontmoette), werden opgepikt door Hollywood; daar zouden ze het karakter gaan bepalen van de Amerikaanse humor van de tweede helft van de 20ste eeuw. Boeiende passages, dat zeker, maar al die uitweidingen zorgen er wel voor dat je je op een gegeven moment verbaasd afvraagt waar Heller is gebleven – alsof hij een bijrol speelt in zijn eigen biografie.

Na de uitweidingen volgt de neergang. Tot aan zijn dood in 1999 zou Heller nog een aantal boeken publiceren waarvoor zijn agenten grote voorschotten wisten los te krijgen, maar die door critici met een mengeling van welwillendheid en teleurstelling werden ontvangen.

Ook op het persoonlijke vlak liep niet alles even soepel. Hellers ontrouw leidde uiteindelijk tot een pijnlijke echtscheiding. Uit desinteresse of discretie gaat Daugherty niet al te diep in op Hellers veroveringen, maar hoe groot de onmin was, blijkt wel uit het feit dat Hellers ex-vrouw tot op haar sterfbed zou proberen te voorkomen dat haar vroegere echtgenoot het recept van haar fameuze pot roast in handen kreeg.